thumb|Kaart van landen rond Syrië (rood) met militaire betrokkenheid. De Syrische Burgeroorlog (Arabisch: , ), eerder bekend als de Opstand in Syrië, begon in 2011 als een gewapende opstand en protesten van diverse groepen en fracties onder de bevolking van Syrië. Zowel de democratische oppositie en achtergestelde verarmde provinciale soennieten als politieke islamisten, salafisten en andere radicaal-soennitische strijders kwamen in opstand. De regering van de Syrische president Bashar al-Assad zette hard in om de gewapende opstanden neer te slaan.
Tijdens de hieruit voortvloeiende oorlog hebben de Syrische Koerden van de PYD en hun gewapende tak YPG, die de belangrijkste groep in de SDF vormen, kans gezien om een autonoom gebied te realiseren, Rojava.
In juni 2014 deed zich in de oorlog een verandering voor: het werd tevens een onderdeel van het streven van de militanten van de Islamitische Staat (in Irak en de Levant) (IS) naar een eigen kalifaat.
De term "burgeroorlog" is discutabel, omdat alle aangrenzende landen én alle grootmachten partij in de oorlog zijn. De Verenigde Staten heeft militairen in Noord-Syrië, net als Turkije, beide zonder mandaat van de Syrische regering of de VN en daarmee in schending van het internationaal recht. Iran en Rusland zijn deelnemers sinds 2015, op verzoek van de Syrische regering. Vanuit de EU zijn duizenden jihadstrijders afgereisd om deel te nemen aan het conflict. China is als staat geen partij, maar zag net als de EU talloze Oeigoerse moslims naar Syrië vertrekken én terugkeren. Israël voert met regelmaat luchtaanvallen uit en ten slotte is ook de Palestijnse beweging Hamas een partij geworden.
Aanloop naar de oorlog Op 26 januari 2011 arresteerde een politieagent een man in de Al-Hareeka-straat in het oude Damascus. Als gevolg hiervan riepen demonstranten op tot de vrijlating van de gearresteerde man. Een ‘dag van woede’ werd vastgesteld voor 4–5 februari, maar dit verliep rustig. Op 6 maart arresteerden de Syrische veiligheidstroepen ongeveer 15 kinderen in Daraa, in het zuiden van Syrië, voor het schrijven van slagzinnen tegen de regering. Al snel braken protesten uit over de twee arrestaties. De grootschalige protesten begonnen daar officieel op 15 maart 2011. De opstand werd beïnvloed door de andere protesten en opstanden in de regio, die bij elkaar de Arabische Lente worden genoemd, en was ongekend voor het land. De betogers vroegen om politieke hervormingen, een einde aan de overheersing van de Ba'ath-partij, meer burgerrechten en het einde van de noodtoestand die al sinds 1963 bestond. De opstand nam gaandeweg allerlei vormen aan, met marsen en hongerstakingen.
Strijdende partijen Hoewel het conflict oorspronkelijk nog simpelweg een conflict tussen de regering enerzijds en de opstandelingen anderzijds leek te betreffen, zijn beide zijden meer en meer gefragmenteerd geraakt, waardoor men kan spreken van een meervoudige burgeroorlog. Door militaire nederlagen en deserties slonk het regeringsleger dusdanig dat de regering meer en meer vertrouwde op milities, zoals Hezbollah. Toen de Koerden van de PYD naar autonomie streefden, hun eigen milities oprichtten, en delen van het noorden bezetten, ontruimde het regeringsleger deze gebieden. De PYD/YPG waren hierdoor een onafhankelijke partij geworden. De PYD, die gelieerd is aan de op de Europese en NAVO-terreurlijst voorkomende PKK, valt onder de koepelorganisatie Groep van Gemeenschappen in Koerdistan, ook wel Koma Civakên Kurdistan (KCK), net als de PKK. Dit is een belangrijke reden waarom de Turkse regering tegen de autonomie van de Syrische Koerden van de PYD/YPG is en hun ervan beschuldigt te heulen met Bashar al-Assad. Zo had onder supervisie van vader Hafiz al-Assad de PKK van 1980 tot en met 1998 meerdere kampen in Syrië. Ook heeft een deel van de lokale Arabische Assad-loyale groepen zich vlak voor de formatie van het autonome gebied bij de PYD/YPG aangesloten. Dit leidde tot de oprichting van de Syrische Democratische Strijdkrachten, een schijnbaar brede(re) Noord-Syrische rebellencoalitie.Syrian Kurds recruit regime loyalists to fight jihadists Al Monitor, 3 augustus 2017. Generaal Raymond Thomas maakt er geen geheim van dat de SDF, die ook Arabische strijders telt, in feite gedomineerd wordt door de YPG. De Amerikanen stelden de YPG om redenen van public relations voor de naam SDF in te voeren.U.S. general told Syria's YPG: 'You have got to change your brand'De Turkse operatie in Afrin: een vermijdbare escalatie Een ander voorname reden tegen de autonomie is de impulsen die deze geven over de grens, aan het Koerdische onafhankelijkheidsstreven, in Turkije zelf. Turkije kreeg te maken met aanslagen van de PKK en het TAK. Zo riepen in 2015 ook de Yekîneyên Parastina Sivîl (YPS), Volksbeschermingseenheden genaamd, en de Yurtsever Devrimci Gençlik Hareket (YDG-H), beiden een jongerenmilitie gelinkt aan de PKK, in steden in Zuidoost-Anatolië en Oost-Anatolië autonome gebieden uit. Zij zagen zich gesteund door de koepelorganisatie Democratische Samenleving Congres (Demokratik Toplum Kongresi) waarin Democratische Volkspartij (HDP), Democratische Volk Congres (Halkların Demokratik Kongresi) en Democratische Regio Partij (Demokratik Bölgeler Partisi, DBP), voorheen BDP, zitting in namen. Op deze 27 december 2015 verklaarde de toenmalige HDP-partijleider: "Ik wens dat deze bijeenkomst de aanleiding wordt voor de vrijheid van alle volken die zich verzetten."DTK'dan 'öz yönetim' deklarasyonu Aljazeera Turk, 27 december 2015. Geraadpleegd 24 mei 2019 De Koerdische Nationale Raad (KNC, Koerdisch: Encûmena Niştimanî ya Kurdî li Sûriyê, ENKS) is een politieke organisatie in Noordoost-Syrië die betrokken is bij de Syrische Burgeroorlog. De ENKS vormt de oppositie tegen de PYD. De ENKS, onder leiding van Ibrahim Biro, wordt tegengewerkt door de PYD met onder meer sluiting van partijkantoren en arrestaties van partijleden.Opposition party offices closed, members arrested De ENKS beschuldigt de PYD van dictatorschap, wiens arbitraire praktijken leiden tot onderdrukking, moorden en gevangenschap van eenieder die het PYD beleid oppositie biedt, refererend aan Human Rights Watch rapporten die de inzet van kindsoldaten aantonen.Gap between Syrian Kurds’ oppositions widens De president van die Koerdische regio in Noord-Irak, Massoud Barzani, hielp Syrisch-Koerdische politieke groeperingen om zich te verenigen in een Koerdische Nationale Raad. En zijn regering trainde ook duizenden Syrisch-Koerdische strijders, de Rojava Peshmerga.Dubbelspel Syrische Koerden de Volkskrant, 20 augustus 2012. Geraadpleegd 25 mei 2019. Binnen de opstandelingen ontstond ook fragmentatie. De verschillende rebellengroeperingen trachtten eerst samen te werken in het Vrije Syrische Leger, dat een unitaire centrale staat wil. Deze coalitie bevatte zowel seculiere als religieuze alsook jihadistische rebellen. Na enige tijd ontstond scheuring binnen het VSL en begonnen verschillende groeperingen op eigen houtje te opereren. Ook liep een deel van de opstandelingen over naar al-Nusra, IS of de YPG. In 2016 vormde zich binnen het VSL een aan Turkije gelieerde groep, die met Turkse steun Noord-Syrië binnenviel in augustus 2016. In januari 2018 volgde eveneens met Turkse steun een aanval op de Koerdische enclave Afrin, en eiste Turkije dat de SDF ook Manbij ontruimt. Na de Amerikaanse terugtrekking viel het VSL met Turkse steun ook de noordoostelijke Koerdische gebieden binnen, waarop partijen een bufferzone overeenkwamen. Zo hoopt Turkije in Noord-Syrië een tegengewicht te vormen tegen een te sterk Koerdisch autonoom gebied. Tegenstanders hiervan spreken van een Turkse bezetting. Uit de aan Al Qaida gelieerde Tanzim Qaidat al-Jihad fi Bilad al-Rafidayn, een Iraakse soennitische verzetsbeweging, kwam uiteindelijk ISI voort, die in 2012 weer Jabhaat al-Nusra oprichtte. Deze beweging opereerde zelfstandig maar werkte ook soms met andere rebellen samen. Een machtsstrijd tussen ISI en Al Qaida leidde tot een openlijke breuk tussen beiden, waarop ISI onder de naam ISIL of ISIS zelfstandig in Syrië begon te opereren en hierbij ook al-Nusra bestreed wanneer dit uitkwam. Al-Nusra en de Islamitische Staat fungeren nu de facto als onafhankelijke rebellenlegers waarbij Islamitische Staat grote delen van het land wist te veroveren en zich vijandig tegen alle andere partijen opstelde. Al-Nusra werkt daarentegen soms met andere groepen samen (voornamelijk met salafistisch en islamistisch georiënteerde groepen) en geniet meer sympathie van soennitische Syriërs. De beweging verbrak uiteindelijk de banden met Al Qaida en ging op in een bredere salafistische rebellenbeweging, de Hayat Tahrir al-Sham. Een aantal religieus georiënteerde groeperingen uit het Vrije Syrische Leger heeft zich verenigd in het Islamitisch Front. Deze groep was enige tijd een van de belangrijkste partijen binnen de rebellencoalitie maar viel na verloop van tijd uiteen. Nadien zijn meer pogingen gedaan om de islamistische groeperingen te verenigen. Daarnaast bestaat een groot aantal kleinere groeperingen die al dan niet onafhankelijk zijn of zich met een van de grotere partijen hebben verbonden. Ook vindt regelmatig op lokale schaal pragmatische samenwerking plaats, onder namen als het Zuidelijk Front, Eufraat-vulkaan, en het Veroveringsleger. Groepen die op nationaal niveau tegenstanders zijn werken in deze verbonden op lokaal niveau samen, vooral tegen IS of het Syrische regeringsleger.
Samenvattend was het conflict in 2015 grotendeels verworden tot een sektarische oorlog tussen sjiieten enerzijds en soennieten anderzijds. Soennitische rebellen ondersteund door soennitische staten (Turkije, Saoedi-Arabië, Qatar, Arabische Emiraten) streden tegen de alawitische regering ondersteund door Iran (en andere sjiitische strijders gecoördineerd door Iran). De seculiere rebellen alsook de YPG speelden in 2015 slechts een marginale rol. Vanuit geopolitiek opzicht had Rusland zich nu openbaar en militair aan de zijde van de alawitische regering geschaard. De Syrische Burgeroorlog was daarmee onderdeel geworden van een geopolitieke strijd tussen Saoedi-Arabië en Iran. De in het voorjaar van 2015 uitgebroken Jemenitische Burgeroorlog en politieke ontwikkelingen in Libanon zijn hier ook onderdeel van.
Context De heersende familie al-Assad behoort tot de alawieten, een aftakking van sjiitische islam, die ongeveer 6 tot 12 procent van de Syrische bevolking omvat. De alawieten hebben, met steun van andere minderheidsgroepen in Syrië en van de seculiere Ba'ath-partij, de Syrische veiligheidsdiensten vast in hun greep. Dit veroorzaakt een "diepe afkeer" onder de islamistische soennieten in Syrië. Volgens de seculiere Syrische overheid strijdt het Syrische leger uitsluitend tegen gewapende demonstranten en tegen gewapende bendes van soennitische politieke islamisten. Deze groepen bestaan uit veel salafisten, maar ook uit wahabieten. De regering-Assad heeft in 2012 en 2013 meermaals een vreedzame dialoog met de democratische oppositie beloofd in geval de gewapende opstand werd beëindigd, maar de protesten en opstand gingen door. Tot onderhandelingen is het nooit gekomen.