Noord-Brabant (Brabants: Broabant/Braobant; ) is een provincie in het zuiden van Nederland met als hoofdstad 's-Hertogenbosch. De provincie telt circa 2,5 miljoen inwoners en komt daarmee op de derde plaats in Nederland. In oppervlakte is zij met ruim vijfduizend km² de op een na grootste, na Gelderland, dat er in het noorden aan grenst. In het zuiden liggen de Belgische provincies Antwerpen en Limburg, in het westen Zeeland en Zuid-Holland en in het oosten (Nederlands) Limburg.

Noord-Brabant kent een relatief sterke verstedelijking, waarbij men spreekt van de 'Brabantse Stedenrij'. Eindhoven is met ruim 248.000 ingezetenen de grootste stad en is tevens de grootste Nederlandse gemeente buiten de Randstad.

Geworteld in het hertogdom Brabant bezit de provincie (net zoals sommige andere provincies) een eigen karakter. Dat blijkt onder meer uit de Brabantse dialecten en tradities als het carnaval en de schuttersgilden. Het katholicisme dat eeuwenlang een maatschappelijk dominante factor was, heeft mede een grote invloed gehad op de ontwikkeling van de eigen identiteit van Noord-Brabant. Als gevolg van ontkerkelijking vanaf het laatste kwart van de 20e eeuw, is het katholicisme tegenwoordig een minderheidsgeloof geworden.

De provincie is de derde economie van alle Nederlandse provincies, na Noord-Holland en Zuid-Holland. De land- en tuinbouwsector is er traditioneel sterk evenals de bosbouw. In de veehouderij is Noord-Brabant de grootste waar het varkens en pluimvee betreft. Van economisch belang zijn verder onder meer de maak- en kennisindustrie in de Metropoolregio Eindhoven, de procesindustrie bij Moerdijk, en het grote aantal distributiecentra. Er zijn veel instellingen voor hoger onderwijs, waaronder een drietal academische.

Naam De naam Brabant is afgeleid van de Karolingische benaming pagus Bracbatensis ('Brabantgouw'). De herkomst van Bra(c)- is onduidelijk; dit woorddeel houdt mogelijk verband met bracha, een oud woord voor 'nieuw land', of met braec, 'drassig land'. In het tweede deel is bant ('gebied') te herkennen.Braband / Brabant, Brabanders. Onze Taal.

De naam Noord-Brabant verwijst naar het noordelijke deel van de Belgisch-Nederlandse streek Brabant.

Geschiedenis

Wording van de provincie Historisch maakte het gebied dat nu de provincie Noord-Brabant vormt, deel uit van het hertogdom Brabant. Het hertogdom ontstond in de middeleeuwen en strekte zich uit van 's-Hertogenbosch tot Nijvel in Waals-Brabant. Het was een welvarend en toonaangevend gewest. Aan die situatie kwam een eind door het uitbreken van de Nederlandse opstand. Het noordelijk deel van Brabant werd veroverd door de Staatse troepen. Bij de Vrede van Münster in 1648 kwam het veroverde gebied onder de naam Staats-Brabant bij de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, terwijl het zuidelijke gedeelte in handen bleef van de Spaanse koning, die ook hertog van Brabant was. Ten tijde van de Republiek was Staats-Brabant een zogeheten generaliteitsland, waarmee het lange tijd geen eigen stem had in het landsbestuur. Deze situatie duurde tot 1796, toen het gewest met autonome status toetrad tot de Bataafse Republiek.

Na de Franse tijd, bij de stichting van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden in 1815, werden op het grondgebied van het voormalige hertogdom Brabant drie provincies gevormd: Noord-Brabant, Antwerpen en Zuid-Brabant. Nadat België zich in 1830 Belgische Revolutie afscheidde van het koninkrijk, bleef Noord-Brabant bij Nederland, terwijl beide andere 'Brabantse' provincies Belgisch grondgebied werden.

Negentiende eeuw thumb|Een monument ter nagedachtenis van de bloeiende schoenenindustrie in de Langstraat Noord-Brabant maakte in de 19e eeuw een geleidelijke groei van de welvaart mee. De landbouw was sterk bepalend voor de economie, tot de industrialisatie op gang kwam. Dat proces begon in de al aanwezige nijverheidssectoren als leerlooierijen en de schoenmakerijen. De leder en schoenenindustrie centraliseerde zich in de streek De Langstraat door de natuurlijke voorzieningen. Ook de sigarenindustrie (met name in de Kempen) en de klompenindustrie (in de Meierij) kwamen tot bloei. Op de kleigebieden in west Noord-Brabant ontstond een suikerbietenteelt met daaraan gerelateerde suikerfabrieken.

De Baronie van Breda verwierf bekendheid om haar aardbeienteelt. Het Bredase aarbeienras "Scarlet" werd een ongekend goede kwaliteit toegedicht. Mede door de komst van de Hero-fabriek, groeide de Baronie uit tot de grootste aarbeienteeltcentrum van Nederland.

Met de komst van Philips naar Eindhoven in 1891 ontstond in Noord-Brabant ook een maakindustrie. Aan het einde van de 19e eeuw waren met name Eindhoven, Helmond en Tilburg opkomende industriesteden.

In 1853 werd de bisschoppelijke hiërarchie hersteld, waarmee in Noord-Brabant twee bisdommen werden ingevoerd. De Rooms-Katholieke Kerk manifesteerde zich sterk in de provincie. Katholieke kloosterorden beheersten grote delen van de ziekenzorg en het onderwijs en de kerk wist zich in vrijwel alle maatschappelijke organisaties de functie 'geestelijk adviseur' te verwerven. Op deze wijze verzekerde de Kerk zich van een invloedrijke rol in zowel het publieke als het persoonlijke leven van veel katholieken.

Twintigste eeuw In de periode eind 19e/begin 20e eeuw kreeg de Noord-Brabantse landbouw een impuls door de oprichting van landbouwcoöperaties, met name de NCB. Ook de voedingsmiddelenindustrie werd steeds belangrijker, met Veghel als centrum. Grote ketens zoals Koninklijke Jumbo Foodgroup, Sligro Food Group en supermarktketens EMTÉ en Edah werden opgericht.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd veel schade toegebracht aan de industrie en de infrastructuur. Na de bevrijding van de provincie in 1944 werd de schade met succes hersteld tijdens de Wederopbouw. Tot de jaren 1960 nam de welvaart weer toe, maar daarna daalde de werkgelegenheid in de traditionele industrie sterk en veel bedrijven in de textiel- en lederindustrie beëindigden hun activiteiten. Enkele decennia later kwamen ook moderne industrieën als Philips en DAF in de problemen.

In diezelfde tijd begon de Rooms-Katholieke Kerk haar dominante positie in Noord-Brabant te verliezen. Er ontstond een massale geloofsafval, die ertoe leidde dat veel rooms-katholieke kerken in de provincie werden gesloten en dat organisaties als ziekenhuizen, scholen en sport-, muziek- en toneelverenigingen zich onttrokken aan kerkelijke bemoeienis.

In de laatste decennia van de 20e eeuw groeide de intensieve veehouderij in Noord-Brabant sterk, met een grote veedichtheid van vooral varkens en pluimvee.

Eenentwintigste eeuw In reactie op de massaontslagen bij DAF, Philips en hun toeleveranciers stimuleerde de Metropoolregio Eindhoven intensieve samenwerking tussen bedrijven, overheden en kennisinstellingen. ASML groeide uit tot de belangrijkste leverancier van machines voor de halfgeleiderindustrie en er kwam een instroom van buitenlandse bedrijven op gang. Mede daardoor ontwikkelden zich nieuwe groeisectoren zoals automotive, design en zakelijke dienstverlening. Brainport Regio Eindhoven was in 2018 qua groei de tweede economische regio van Nederland, na de regio Amsterdam. Vanwege de centrale ligging werd Noord-Brabant door veel bedrijven gekozen als de plek waar ze hun distributiecentrum bouwden.

Geografie Ligging thumb|Het deel van Nederland dat boven zeeniveau is gelegen Noord-Brabant grenst in het noorden aan de provincies Zuid-Holland en Gelderland, in het westen aan Zeeland, in het oosten aan Limburg, en in het zuiden aan de Belgische provincies Antwerpen en Limburg. Behalve Gelderland en Overijssel heeft geen andere Nederlandse provincie zoveel 'buren'. Met een landoppervlak van 5.081 km² is Noord-Brabant in grootte de tweede provincie van Nederland, na Gelderland.

Natuur Noord-Brabant is relatief vlak en bestaat voor het overgrote deel uit dekzandgebieden, doorsneden door beekdalen. Het riviergebied aan de noord- en de westgrens heeft rivierklei en in het noordwesten zijn restanten te vinden van het vroegere Hollandveen. Net als in de oostelijke provincies het geval is, ligt het grootste deel van Noord-Brabant boven zeeniveau. De grote hoeveelheden woeste gronden uit het verleden zijn grotendeels in cultuur gebracht, voornamelijk als bos en landbouwgrond. Na Gelderland (97.690 hectare) kent de provincie Noord-Brabant (74.641 hectare) de meeste bebossing van de Nederlandse provincies.

Enkele stuifzand- en heidegebieden zijn bewaard gebleven, zoals in de Loonse en Drunense Duinen, de Strabrechtse Heide en de Kampina. In het oosten van de provincie bevinden zich hoogveenrestanten in de verschillende reservaten van de Peel. Verder zijn er diverse boswachterijen in Noord-Brabant.

Noord-Brabant telt vier nationale parken. Naast de nationale parken worden er in de provincie 21 gebieden beheerd als Natura 2000 biotoop. Tevens heeft de provincie het door UNESCO erkende biosfeerreservaat Maasheggen bij Vierlingsbeek.

Met een oppervlakte van 3500 hectare is Provinciaal Landschap De Maashorst het grootste aaneengesloten natuurgebied in Noord-Brabant. Het Groene Woud is het enige Nationaal Landschap in de provincie. Er wordt naar gestreefd naar een erkenning ervan als 'Nationaal Park nieuwe stijl'.

Landstreken

thumb|Cultuurhistorische streken Noord Brabant Noord-Brabant kent een aantal aaneengesloten geografisch gebieden met een bepaald taalkundig, cultureel, demografisch en/of institutioneel karakter, al dan niet erkend door de officiële instanties. Sommige van deze zogenaamde streken vallen samen met bestuurlijke regio's of gemeenten. Ook hebben in het verleden sommige streken een bestuurlijke status gehad. Vaak is er overlap tussen streken en kunnen kleinere streken in grotere vervat zitten. Enkele streken liggen niet alleen in Noord-Brabant, maar strekken zich ook uit over naastgelegen provincies of België. De bekendste streken van Noord-Brabant zijn:

Bestuur Provincie

De provincie Noord-Brabant vormt de bestuurslaag tussen de rijksoverheid en de gemeenten. Aan het hoofd van de provincie staan de Provinciale Staten van Noord-Brabant. De staten tellen 55 leden, die gekozen worden bij de vierjaarlijkse provinciale verkiezingen. De staten vormen het algemeen bestuur van de provincie en kiezen een dagelijks bestuur, het College van Gedeputeerde Staten (GS). Het college bestaat uit de gekozen gedeputeerden, onder voorzitterschap van de commissaris van de Koning. De gedeputeerden treden tegelijk af met de leden van Provinciale Staten. De commissaris wordt niet gekozen door de inwoners van de provincie, maar benoemd door de Kroon. De benoeming geldt voor een periode van zes jaar, met de mogelijkheid tot herbenoeming.

De provincie heeft specifieke bevoegdheden en taken op een aantal onderwerpen, zoals ruimtelijke ordening, milieubescherming en cultuur. Daarnaast houdt de provincie toezicht op de gemeenten en speelt ze op veel gebieden een coördinerende rol in de samenwerking die gemeenten hebben met elkaar en andere instanties.

Samenwerkingsregio's De provincie kent een aantal samenwerkingsregio's. Daarin werken gemeenten samen met overheidsinstellingen als provincie, waterschappen, en politie. Ook met private marktpartijen en kennisinstellingen wordt veelvuldig samengewerkt. Afhankelijk van het doel van de samenwerking kan de samenstelling van de regio's variëren. De belangrijkste vormen van samenwerking zijn: bestuurlijke regio's en veiligheidsregio's.