Abraham Harold Maslow (Brooklyn, 1 april 1908 – Menlo Park, 8 juni 1970) was een Amerikaans klinisch psycholoog. Zijn ouders waren Joodse immigranten van de eerste generatie, afkomstig uit Rusland, die gevlucht waren voor vervolging door het tsaristisch regime. Hij groeide op in een arbeiderswijk in Brooklyn, New York. Maslow was de oudste van zeven kinderen en werd door een psycholoog bestempeld als mentaal instabiel. Zijn jeugd was moeilijk, omdat hij geconfronteerd werd met antisemitisme door zijn leraren en andere kinderen uit Brooklyn. Belangrijkste bijdragen aan de psychologie
Maslow was aanvankelijk aanhanger van het behaviorisme, maar ontwikkelde in de jaren 60 de humanistische psychologie, ook wel bekend als de Third Force Psychology of de theorie van de toenemende behoefte. Maslow ziet de mens als een uniek gemotiveerd individu met een brede waaier drijfveren. Om zich als gezonde persoonlijkheid te kunnen ontwikkelen moeten, volgens Maslow, een aantal fundamentele menselijke behoeften minimaal bevredigd zijn. Al deze fundamentele behoeften zijn aangeboren. De huidige psychologie heeft toch heel wat kritische bedenkingen bij deze theorie, zodat deze vandaag als verouderd beschouwd moet worden. Hoe belangrijk een behoefte is, is vaak afhankelijk van de sociale omstandigheden en ook van de leeftijd van een persoon. Ook zijn er individuele verschillen: seks is niet voor iedereen even belangrijk.
Zijn theorie, die hij in "A Theory of Human Motivation" in de Psychological Review publiceerde (1943) stelde dat elk mens een bepaalde behoeftenopbouw, de zogenaamde piramide van Maslow of behoeftenhiërarchie van Maslow, doorloopt; je voldoet eerst aan je basisbehoeften, voordat je aan meer luxe, minder noodzakelijk behoeften kunt voldoen. Pas indien je aan alle ontberingsbehoeften voldaan hebt, kun je aan zelfactualisatie gaan doen en ben je psychisch gezond.
De basisbehoeften bestaan uit: Fysieke basisbehoeften (eten, drinken, ademhaling, kleding, onderdak, beweging en seks) Bestaanszekerheid (behoefte aan lichamelijke veiligheid) Sociale behoefte (er bij horen, saamhorigheid, liefde) Erkenning (zelf-imago, reputatie, eigendunk, zelfrespect) Zelfactualisatie (zelfverwezenlijking, doen wat je roeping is) Transcendentale behoeftenDeze behoeften komen pas later in zijn werk meer expliciet aan de orde. Vgl. A. H. Maslow, The farther reaches of human nature, in: Journal of Transpersonal Psychology 1(1969)1, pp. 1-9; A. Maslow, The farther reaches of human nature (New York: The Viking Press, 1971); Mark E. Koltko-Rivera, Rediscovering the Later Version of Maslow’s Hierarchy of Needs: Self-Transcendence and Opportunities for Theory, Research, and Unification, in: Review of General Psychology 10(2006)4, pp. 302-317 ( https://academic.udayton.edu/jackbauer/Readings%20595/Koltko-Rivera%2006%20trans%20self-act%20copy.pdf). Gearchiveerd op 6 oktober 2021.
Psychologie van de Wetenschap In zijn Psychologie van de Wetenschap (1974)Dit is de Nederlandse vertaling van: Abraham Maslow (1966) The Psychology of Science: A Reconnaissance New York: Harper & Row biedt Maslow een "psychologische benadering" van de wetenschap, die volgens hem begint met het duidelijke besef, dat wetenschap eerder een menselijke schepping is dan een autonoom, niet-menselijk ‘ding’ op zichzelf. Haar oorsprong ligt in menselijke motieven... Wetenschapsbeoefenaars worden naast de gangbare behoeften gemotiveerd door cognitieve behoeften aan zuivere kennis (nieuwsgierigheid), en aan begrip; en ten slotte de drang naar schoonheid, symmetrie en mogelijk naar eenvoud, volledigheid en orde. Zich aan de wetenschap wijden kan als broodwinning dienen, als bron van prestige, als middel tot zelfexpressie of als bevrediging van een van de vele neurotische behoeften., Motivatie en persoonlijkheid, Lemniscaat Rotterdam 1974, p.44-49.
Volgens Maslow kunnen in de "wetenschap" verder op zijn minst de volgende negen functies worden onderscheiden: Haar probleemzoekende, vragenstellende, ideeënbevorderende, hypothesen producerende functie Haar beproevende, onderzoekende, bevestigende en ontkennende, en bekrachtigende functie; haar toetsen en onderzoeken van hypothesen: haar herhaling en controle van experimenten; haar opstapelen van feiten; het betrouwbaar maken van feiten Haar organiserende, theoretiserende, structurerende functie; haar zoeken naar hoe langer hoe ruimere generalisaties. Haar geschiedenismateriaal verzamelende, geleerde functie Haar technologische kant; instrumenten, methoden, technieken Haar administratieve, uitvoerende en organisatorische kant Haar publicistische en opvoedkundige functie Haar toepassingen voor menselijk gebruik Haar waardering, genieting, viering en verheerlijking
Dit veelvoud van functies houdt noodzakelijkerwijs een arbeidsverdeling in, want weinig individuen zouden al deze vaardigheden in zich kunnen verenigen.
Bibliografie A Theory of Human Motivation (oorspronkelijk gepubliceerd in Psychological Review, 1943, Vol. 50 #4, pp. 370–396). Motivation and Personality (1st edition: 1954, 2e editie: 1970, 3rd edition 1987. In 1972 vertaald door Maurits Mok als: Motivatie en persoonlijkheid ) Religions, Values and Peak-experiences, Columbus, Ohio: Ohio State University Press, 1964. In 1972 vertaald door Maurits Mok als: Religie en topervaring Eupsychian Management, 1965; geherpubliceerd als Maslow on Management, 1998 The Psychology of Science: A Reconnaissance, New York: Harper & Row, 1966; Chapel Hill: Maurice Bassett, 2002. In 1974 vertaald door Maurits Mok als: Psychologie van de wetenschap Toward a Psychology of Being, (2e editie, 1968) The Farther Reaches of Human Nature, 1971. In 1973 door Maurits Mok vertaald als: Ontplooiing. Wijdere perspectieven voor de ontwikkeling van de mens
Categorie:Amerikaans psycholoog Categorie:Amerikaans humanist