Monk is een metrostation in het arrondissement Le Sud-Ouest van de Canadese stad Montréal in de provincie Québec. Het station ligt aan de groene lijn van de metro van Montréal, die door de Société de transport de Montréal (STM) wordt uitgebaat. Het werd geopend op 3 september 1978, toen de verlenging van Atwater tot Angrignon in gebruik werd genomen. In 2019 werd het door 1.725.903 vertrekkende reizigers gebruikt.Société de transport de Montréal: Entrants de toutes les stations de métro en 2019.

Het station is genoemd naar de boulevard Monk, die op haar beurt verwijst naar de familie Monk, waarvan meerdere leden belangrijke politieke of rechterlijke functies hebben bekleed. Geschiedenis In 1944 werd een ontwerp van een metronet voor Montréal gepresenteerd met onder meer een lijn die het centrum met Verdun zou verbinden.De plankaart uit 1944 Deze lijn zou de eindpunten Square Victoria en Verdun verbinden met een tunnel via het Bassin Peel, Rue Centre en Rue de Verdun. Deze lijn kwam in het ontwerp van 1953 niet meer voor en was evenmin opgenomen in het in 1961 goedgekeurde metronetDe plankaart uit 1962 waarvan de aanleg op op 23 mei 1962 begon.Hans-Werner Schleife c.s.: Lexikon Metros der Welt. Transpress VEB, Oost-Berlijn & Motorbuch Verlag Stuttgart 1985. . Blz. 203 De eerste 20 stations van de metro werden op 14 oktober 1966 geopend en tot 28 april 1967 kwamen er nog 6 stations bij waarmee de eerste fase was voltooid.

Op 12 mei 1970 werden de Olympische Zomerspelen van 1976 aan Montréal toegewezen wat aanleiding was om het metronet uit te breiden. De gelden voor deze uitbreiding werden op 12 februari 1971 ter beschikking gesteld. De uitbreiding betekende voor de groene lijn een verlenging aan beide kanten, aan de noordkant langs het Olympisch Park en aan de zuidkant naar Parc Angrignon via Verdun.De geplande uitbreiding voor 1976 Zodoende kreeg het zuidoostelijke deel van het eiland van Montréal alsnog een aansluiting op de metro, met nog drie extra stations ten zuiden van het in 1944 beoogde eindpunt Verdun. Het middelste van dit drietal kwam bij het kruispunt van de Boulevard Monk en de Rue Allard. De werkzaamheden aan de verlenging van de groene lijn begonnen op 14 oktober 1971, op de dag af 5 jaar na de opening van de eerste metrostations.Inauguration et prolongements op de site van STM De zuidelijke verlenging van de groene lijn, en daarmee station Monk, zou kort na de Olympische Spelen geopend worden, door geologische tegenvallers bij De L'Église vond de opening echter pas op 3 september 1978 plaats.

Ligging en inrichting Het zeer diepe station is door de architecten Blais & Marc Bélanger ontworpen, en werd middels een open bouwput uitgevoerd, waardoor zeer grote volumes zijn ontstaan. De perrons liggen op een diepte van 18,30 meter, waarboven een mezzanine als een brug over de sporen ligt. Op deze mezzanine staan ook het loket en de toegangspoortjes, en vertrekken de lange trappen die naar de twee paviljoenen op straatniveau leiden. Vanaf het straatniveau valt er ook zenithaal licht in het station.

Het opvallendste element zijn twee zes meter hoge sculptuur op de mezzanine, die Germain Bergeron (1933-2017) aan de hand van onderdelen van verlichtingspalen heeft gemaakt. Deze werken eren de arbeiders die de metro hebben gebouwd. Ze heten Pic et Pelle (houweel en schop), en verwijzen naar de Quebecs-Franse uitdrukking "travailler au pic et à la pelle" die zeer hard werken betekent. Volgens Bergeron mocht een derde, zittende figuur niet worden uitgevoerd. Het had een architect of ingenieur moeten worden, die de werken superviseerde.

Categorie:Metrostation in Montréal Categorie:Brutalistisch bouwwerk