Ernest d'Aspremont-Lynden (1583 - 24 augustus 1636) was graaf van het rijksgraafschap Rekem, historisch Reckheim genoemd. Hij huwde op 13 december 1609 met Anne-Antoinette Gouffier. Hij was een lid van het geslacht d'Aspremont-Lynden en zoon van baron Herman van Lynden en Maria van Halmaal.

Levensloop Ernest ging op jonge leeftijd studeren in Italië. Ferdinand van Beieren, keurvorst en bisschop van Keulen stuurde hem in 1619 naar Ferdinand van Oostenrijk die later werd verkozen tot keizer van het heilige Roomse Rijk.

Hij droeg de titel van baron en maakte zo veel indruk op Ferdinand dat hij hem aanstelde tot zijn kamerheer en kolonel.Waarschijnlijk was zijn bijzondere relatie met de latere keizer Ferdinand de reden dat Rekem (Reckheim) op 31 maart 1623 werd verheven tot een vrij rijksgraafschap en rijksvrijheid genoot. Ferdinand benadrukte dat Ernest en al zijn mannelijke en vrouwelijke nakomelingen de titel illustere en genereuze graaf of Gravin van het Heilige Roomse Rijk mochten dragen. Ze kregen het recht om hun oude wapens te voeren. Ernest voegde dan ook de adelaar van Aspremont aan het familiewapen toe.

Zijn huwelijk met Anne-Antoinette Gouffier van Bonnivet en haar bruidschat verleenden hem ook nog de helft van de baronieën Thiennes en Steenbeke en de helft van de heerlijkheden Blaringem en Calonne-sur-la-Lys en de heerlijkheid La Vieuville. Ernest kocht zijn schoonbroer graaf van Bernieulles Charles de Créqui uit en verwierf ze zo in hun geheel.Chestret de Haneffe, Baron J., Histoire de la Seigneurie Impériale de Reckheim (1873), p? 53-55

Ernest als bouwheer Reckheim na 1630 400px|Reckheim na 1630

Ernests vader Herman van Lynden had al plannen om Reckem uit te bouwen tot een stad. Het kasteel d'Aspremont-Lynden was in 1597 voltooid maar zijn dood in 1603 maakte een einde aan zijn plannen. Ernest zorgde er wel voor dat het kasteelpersoneel, de hof- en rentmeester, de drossaard en andere officieren met hun gezin gehuisvest werden. Enkel de Wal was bebouwd en een paar huizen bij de pastorie stonden er al. De ruimte bij het kasteel, tuinen, weiden en akkerland, en die ten zuiden van de huidige Herenstraat en Patersstraat bleven onbebouwd. In 1628 werden de walmuren hersteld en een grondruil met de norbertinessen lieten hem toe een twee muur rond het kasteel te bouwen. Titels Naast zijn hoedanigheid als vrije rijksgraaf droeg Ernest d'Aspremont-Lynden nog een aantal titels die zijn rijkdom verklaren:

vrije baron van Borsheim (Boorsem) en Rijckholt, heer van Houtain-Saint-Siméon, heer van Once (bij Bitsingen), heer van Tongrenelle (bij Sombreffe), heer van Wanfercée en heer van Ulestraten

Ontij Reckheim had te maken met de Tachtigjarige oorlog (1568-1648) die volop woedde. Het katholieke Spaanse leger bevocht de hervormingsgezinde troepen van de Zeventien Provincieën. Ernests vader had de kant van de katholieken en hun troepen gekozen. Na de nederlaag van de katholieken kreeg Rekem in de lente van 1610 met de troepen van Maurits van Oranje te maken.

Eerder, tijdens vijandelijkheden door de Gulik-Kleefse successieoorlog in 1609 kreeg Rekem te maken met de plundering en verwoesting op 1 mei van het norbertinessenklooster. Ernests vrouw drong bij haar man aan om het klooster te herstellen en alle voorwerpen voor de eredienst kocht men weer aan. De kapel aan de Heirbaan, toegewijd aan Onze-Lieve-Vrouw en Sint-Rochus onderging hetzelfde lot. In 1620 liet Anne-Antoinette op dezelfde locatie de Sint-Petronellakapel bouwen.

Kinderen Uit zijn huwelijk met Anne-Antoinette Gouffier waren er vier nakomelingen. Zijn vrouw overleed op 7 juli 1621 tijdens de achtste maand van haar vijfde zwangerschap

Ferdinand d'Aspremont-Lynden die hem opvolgde als rijksgraaf Ernestine Jeanne Marie d'Aspremont-Lynden die huwde met Ernest van Suys, buitengewoon kamerheer van Bohemen en kolonel in het keizerlijke leger Isabella Henrietta d'Aspremont-Lynden, abdis van de abdij van Munsterbilzen Marie Charlotte d'Aspremont-Lynden, kanunnikes te Munsterbilzen

Galerij

Categorie:Rekem Categorie:Huis Aspremont Lynden