Abdirasjid Ali Sjarmarke (Somalisch: Cabdirashiid Cali Sharmaarke, Arabisch: عبد الرشيد علي شرماركي; Harardheere (Mudug), 8 juni 1919 – Laascaanood (Sool), 15 oktober 1969) was de eerste premier van Somalië van 12 juli 1960 tot 14 juni 1964 en de tweede president van het land van 6 juli 1967 tot zijn moord op 15 oktober 1969.
Voorgeschiedenis Abdirasjid Ali Sjarmarke werd in 1919 geboren in het dorpje Harardheere in de noordelijke Mudug-regio van Somalië. Zijn moeder en vader behoorden beiden tot verschillende stammen van het Darod-volk.
Vanuit Mogadishu, waar hij werd opgevoed door zijn moeder, studeerde hij aan verschillende koranscholen en voltooide zijn basisschoolopleiding in 1936. Daarna begon hij werk als handelaar en later als ambtenaar in het Italiaanse koloniale bestuur.
Bij haar oprichting in 1943 sloot hij zich aan bij de Somalische Jeugdliga (voorheen Somalische Jeugdclub).
Als ambtenaar voltooide Sjarmarke in 1953 zijn middelbare schoolopleiding. Hierop kreeg hij een beurs om te studeren aan de Universiteit Sapienza te Rome, waar hij een bachelordiploma in politieke wetenschap behaalde. In 1960 werd zijn zoon, Omar Abdirasjid Ali Sjarmarke, geboren. Hij zou later zelf premier van de Somalische overgangsregering worden tussen 2009 en 2010 en opnieuw van de Federale Republiek 2014 tot 2017.
Politieke loopbaan Na hij zijn studies in Italië in 1959 afrondde keerde Sjarmarke terug naar Somalië waarop hij werd verkozen tot volksvertegenwoordiger binnen het Somalisch parlement.
Op 26 juni 1960 verkreeg Brits-Somaliland onafhankelijkheid als de Staat Somaliland. Hierna, op 1 juli 1960, verenigden de Staat Somaliland en het Trustschap Somaliland (voorheen Italiaans-Somaliland ) zich tot de Republiek Somalië (niet te verwarren met de huidige Federale Republiek Somalië).Encyclopaedia Hispano-Americana, supplement 1969-1970, p.289.
Met de oprichting van de Republiek Somalië, benoemde de nieuwe president Aden Abdullah Osman Daar Sjarmarke tot eerste premier van Somalië. Als premier had Sjarmarke een controversiële reputatie opgewekt door zijn pogingen om een "Groot-Somalië" op te richten door gebieden in buurlanden Kenia en Ethiopië te verwerven die voornamelijk door Somalische nomaden werden bewoond. Alhoewel hij zich officieel neutraal stelde, was hij eerder westersgezind en had veel bewondering voor de Amerikaanse president John F. Kennedy. Dit ondanks militaire steun van de Sovjet-Unie vanaf 1962.
Hij bleef premier tot maart 1964, toen de eerste algemene verkiezingen werden gehouden en hij werd herkozen als parlementslid. In 1967 versloeg Sjarmarke Daar toen het parlement hem tot president verkoos en werd hij zo de tweede president van Somalië. Hij werd op 6 juli 1967 beëdigd. Mede dankzij zijn premier, Mohammed Haji Ibrahim Egal, werden de grensschillen opgelost.
Moord Al in 1968 ontsnapte Sjarmarke nipt aan een moordpoging toen een granaat ontplofte vlakbij zijn auto.
Op 15 oktober 1969, tijdens een officieel bezoek aan het noordelijke dorp Laascaanood, al berucht om zijn vaakvoorkomende onlusten, werd Sjarmarke neergeschoten door een politieagent. De officier, die dienst had buiten het gastenverblijf waar de president verbleef, vuurde van dichtbij met een automatisch geweer op Sjarmarke, waaraan hij onmiddellijk stierf. Waarnemers suggereerden dat de moord eerder om persoonlijke dan om politieke redenen werd gepleegd, aangezien de agent en Sjermarke van verschillende, rivaliserende stammen binnen het Darod-volk afkomstig zouden zijn.
De moord op Sjarmarke werd al snel gevolgd door een militaire staatsgreep op 21 oktober 1969 (de dag na zijn begrafenis), waarbij het Somalische leger, geleid door generaal-majoor Siad Barre, de macht zonder gewapend verzet greep en de Somalische Republiek werd ontbonden.
Categorie:President van Somalië