Giulia Francesca Zuffi was een Italiaanse sopraan uit de 17e eeuw. Ze was als operazangeres actief in de periode 1678-1688, waarbij ze vooral in Napels werkte. Haar geboorte- en sterfdatum zijn onbekend.
Levensloop In 1678 trad ze op in het Teatro San Giovanni Grisostomo te Venetië. Hier zong zij samen met de zanger Giovanni Francesco Grossi in de opera Vespasiano van Carlo Pallavicino. In deze opera speelden Zuffi en Grossi het echtpaar Arricida en Titus.
Napels Vanaf 1679 was Zuffi in Napels waar ze - getuige haar naam op diverse libretto's - in een aantal operaproducties te horen was. In 1680 zong ze bijvoorbeeld in Sartorio's Giulio Cesare in Egitto in de rol van Cleopatra.
Controverse Op 6 augustus 1680 was Zuffi onderdeel van een ruzie tussen twee edellieden, waarbij er twee varianten bestaan van wat er precies is gebeurd. In beide varianten nodigde de hertog van Maddaloni haar uit voor een dagje uit te Posillipo. In de ene versie van het verhaal zou ze aangeven reeds een afspraak te hebben met Galeazzo Cicinelli en zijn vrienden; in de andere versie weigerde ze de uitnodiging omdat er geen vrouwen in het hertogelijk gezelschap waren. Hoe dan ook was de hertog niet blij met de afwijzing en liet hij haar weten dat hij haar desnoods onder dwang zou meenemen. Dit spoorde Cicinello aan om de hertog uit te dagen tot een duel. Uiteindelijk kwam het niet zo ver, want getrouwen van de onderkoning wisten het duel te voorkomen.
Na de problemen met de hertog van Maddaloni lijkt Zuffi te zijn vertrokken uit Napels.
Succesvolle carrière In 1683 was Zuffi weer terug in Napels. Ze raakte hier verbonden aan de markies del Carpio, die in dat jaar als onderkoning van Napels aantrad. Hij was een groot muziekliefhebber en wilde de Napolitaanse opera nieuw leven inblazen.
Zuffi zong in 1683 in de opera's Aldimiro, o vero Favor per favore en Psiche, o vero Amore innamorato, beide gecomponeerd door Alessandro Scarlatti. Hij had de rol van Dorisbe in Aldimiro speciaal voor Zuffi geschreven. Haar krachtige stem maakte het mogelijk de uitdagende zangpartij goed ten uitvoer te brengen. In de opera Psiche kreeg zij de titelrol, waarbij ze opnieuw samenspeelde met Grossi; mogelijk was hun succesvolle optreden in 1678 de reden geweest dat Scarlatti hen beiden contracteerde. Ook nu had Scarlatti de rol weer afgestemd op Zuffi's grootse zangkwaliteiten.
In 1684 zong Zuffi in Scarlatti's Pompeo en in Giovanni Legrenzi's Giustino. Tevens was ze te horen in de eerste opvoering van Epaminonda van Severo De Luca. Een jaar later bleek ze lid van een muziekgezelschap dat Carlo Pallavicino's opera Galieno opvoerde.
In 1686 was Zuffi nog onderdeel van een anekdote over hertog Ferdinando Carlo Gonzaga, een notoire rokkenjager. Hij kwam in mei dat jaar aan in Napels en na het bekijken van de lokale bezienswaardigheden zocht hij seksuele toenadering tot de zangeressen Giulia Zuffi en Nina Scarano.
In februari 1688 zong Zuffi een rol in Scarlatti's opera La Rosmene overo L’infedeltà fedele. Een jaar later bleek ze nog steeds in Napels aanwezig. Het is niet bekend wanneer en waar ze is overleden.
Categorie:Italiaans zanger