De pausverkiezing van 1086 vond plaats op 24 mei 1086 in Rome, een jaar na het overlijden van paus Gregorius VII, en leidde tot de verkiezing van Dauferio Epifani Del Zotto als paus Victor III.
Deze pausverkiezing was sensu stricto nog geen conclaaf, omdat de kardinalen niet werden opgesloten.
Achtergrond Paus Gregorius VII overleed op 25 mei 1085 in ballingschap in Salerno, waar hij zich had teruggetrokken tijdens de conflicten met keizer Hendrik IV en tegenpaus Clemens III. Voor zijn dood wees Gregorius drie mogelijke opvolgers aan: Odo van Châtillon, kardinaal-bisschop van Ostia (de latere paus Urbanus II) Anselmus van Lucca Hugo van Lyon
Rome stond op dat moment echter onder controle van tegenpaus Clemens III, en werd gesteund door keizer Hendrik IV. Hierdoor was het bijna een jaar lang onmogelijk om een reguliere pausverkiezing in Rome te houden.
Verloop en nasleep Toen de situatie in Rome enigszins stabiliseerde, kwamen de hervormingsgezinde kardinalen bijeen in de reeds verdwenen kerk Santa Lucia in Septisolio, aan de voet van de Palatijn. Op 24 mei 1086 kozen zij Dauferio Epifani Del Zotto (die de kloosternaam Desiderius had aangenomen), de invloedrijke abt van Monte Cassino en een sleutelfiguur binnen de Gregoriaanse hervormingsbeweging.
Dauferio aarzelde aanvankelijk om het ambt te aanvaarden, onder meer vanwege zijn gezondheid (hij was circa 60 jaar oud op het moment van zijn verkiezing) en de gespannen politieke situatie. Uiteindelijk stemde hij toe en werd hij gekozen als paus Victor III. Zijn pontificaat zou echter vrij kort zijn: op 16 september 1087 stierf hij.
1086 Categorie:Christendom in de middeleeuwen Categorie:1080-1089