Intelligentieversterking of intelligentievergroting in het Engels vaak aangeduid als intelligence amplification of intelligence augmentation (kortweg IA) is het concept van het efficiëntere gebruik van IT, om de cognitieve menselijke vermogens te vergroten en staat in verschillende opzichten in contrast met AI.

Hoewel zowel AI als IA beroep doen op algoritmen en machine learning zijn er fundamentele verschillen. Waar kunstmatige intelligentie (AI) zich richt op het creëren van systemen die in staat zijn om autonoom te handelen, en die de mens kunnen nabootsen of vervangen, stelt IA de mens nog steeds centraal. Het doel daarbij is om een symbiotische relatie tussen mens en machine te bewerkstelligen. De term werd voor het eerst geïntroduceerd in het boek An introduction to Cybernetics van William Ross Ashby.

Geschiedenis Parallel met de vroegste ontwikkelingen in de informatietechnologie werden de fundamenten voor het concept al sinds de jaren 50 en 60 gelegd. Vroege pioniers van IA zijn de onderzoekers William Ross Ashby, Douglas Engelbart en J.C.R. Licklider die in 1960 het document "Man-Computer Symbiosis" (Man-Computer-Symbiose) schreef.

Hedendaagse context In de context van het AI-debat rond privacy en andere morele kwesties, biedt het IA-concept een belangrijk element in de maatschappelijke en wetenschappelijke discussie. Het controversiële Palantir-Manifesto gebaseerd op het boek The Technological Republic (2025) van Alex Karp, put ten dele haar inspiratie uit het werk van J.C.R. Licklider en Douglas Engelbart.

Categorie:Toegepaste informatica