Het Zollgrenzschutz-Ehrenzeichen (Nederlands: Dienstonderscheiding van de Douanegrensbewaking) werd op 17 februari 1939 door de Duitse Führer Adolf Hitler ingesteld. Geschiedenis In het jaar 1938 nam de Zollgrenzschutz (ZGS) (vrije vertaling: Douanegrensbewaking) deel aan de Anschluss en het Sudetenland. Hoewel de eenheden in de betreffende grenssecties vaak pas enkele uren voor de inval werden gealarmeerd, werden alle taken volbracht en werd er ter plaatse een vaak wekenlange inzet ver van huis voltooid voor de opbouw van douanestructuren. Terwijl andere veiligheidsorganen zoals de Wehrmacht, politie, SS, etc. hun personeel eigen onderscheidingen voor verdiensten konden verlenen, had de ZGS niets vergelijkbaars. Dit leidde tot een zekere onvrede binnen de rijksfinancieel beheer.

Het versiersel Het ereteken is een ordekruis (42.21 × 46.77 mm) van brons.Angolia 1978, p.173.Wikimedia Commons: Reichsgesetzblatt Nr. 139, Teil I, vom 20. April 1939, p.786. Geraadpleegd op 29 april 2026. In het midden het nationaal embleem (Duitse adelaar met hakenkruis) draagt, omlijst door een aan de bovenzijde open krans van acanthusbladeren. De achterzijde draagt het inscriptie: Für Verdienste im Zollgrenzschutz (Voor Verdiensten in de Douanegrensbewaking).

Op het lint is het nationaal embleem (Duitse adelaar met hakenkruis) in het geel geborduurd, eveneens omlijst door een aan de bovenzijde open krans van acanthusbladeren. Het lint was 50 mm breed, Angolia vermeldt: 35-50 mm breed. Deze traditie ging terug naar het oude Pruisen waar de dienstonderscheidingen aan korenblauwe linten werden gedragen. rechts|150px|thumb|De achterzijde van het ereteken met inscriptie. Er bestond slechts één klasse. Het ereteken werd uitgereikt in een donkergroene (kleur van de ZGS) cassetteSpessart Militaria: Zollgrenzschutz-Ehrenzeichen im Etui, Mint. Geraadpleegd op 29 april 2026.Suitner Trave-Militaria: Zollgrenzschutz-Ehrenzeichen im Etui. Geraadpleegd op 29 april 2026. en een toekenningsbewijs (Besitzzeugnis).Wikimedia Commons: Reichsgesetzblatt Nr. 139, Teil I, vom 20. April 1939, p.788. Geraadpleegd op 29 april 2026.

Kwalificatie voor toekenning De instelling werd door het rijksfinancieel beheer gemotiveerd vanuit de inzet van de douanegrensbewaking bij de inlijving van de bovengenoemde gebieden. Niettemin was de verlening doorgaans louter afhankelijk van de diensttijd en kwamen alleen ambtenaren hiervoor in aanmerking. Hoewel de ZGS al voor het uitbreken van de oorlog voor het merendeel bestond uit hulpkrachten die onder de nooddienstplicht vielen (Hilfsgrenzangestellte – HiGa's), bleef deze groep personen klaarblijkelijk uitgesloten van de verlening.

Het ereteken kon worden verleend aan: Ambtenaren in de hogere dienst na een dienst aan de grens van vier dienstjaar Ambtenaren in de hogere middelbare dienst na een dienst aan de grens van vier dienstjaar Ambtenaren in de middelbare dienst – militaire kandidaten (Versorgungsanwärter) – na een dienst aan de grens van vier dienstjaar Ambtenaren in de middelbare dienst – civiele kandidaten (Zivilanwärter) – na een dienst aan de grens van acht dienstjaar Ervaren medewerkers belast met aangelegenheden van de douanegrensbewaking (Zollgrenzschutz) Mannen die zich bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt voor de douanegrensbewaking

Het recht van toekenning De aanvrager legde de voordracht aan de rijksminister van Financiën Lutz Schwerin von Krosigk voor die het doorstuurde naar de minister van staat en stafchef Otto Meißner van de presidentiële kanselarij en daarmee aan Adolf Hitler, ter goedkeuring voor te leggen.

Draagwijze Het ereteken wordt gedragen aan een korenblauwe lint op de linkerborst als grootmodel (modeldecoratie), (Große Ordensschnalle). Meestal droeg men op het uniform kleine rechthoekige baton "Kleine Ordensschnalle". Het ereteken was lager in rang dan de militaire onderscheidingen.

Gedecoreerden Het exacte aantal verleningen is niet bekend, maar ligt vermoedelijk in de duizenden. De eerste verleningen vonden plaats in november 1939, toen Waldemar Zipperer en Xaver Rieger — die betrokken waren bij de arrestatie van Hitler-aanslagpleger Georg Elser — evenals hun beide meerderen de onderscheiding ontvingen.Deutsche Zollbeamtenzeitung vom 17. Dezember 1939. Geraadpleegd op 29 april 2026.

Na de Tweede Wereldoorlog Na de capitulatie van Duitsland verboden de geallieerde mogendheden het dragen van Duitse onderscheidingen, waaronder die van vóór 1918. In de DDR bleef dit verbod onverkort van kracht.

Op 26 juli 1957 vaardigde de Bondsrepubliek Duitsland een wet uit die het dragen van onderscheidingen met hakenkruizen of SS-runen verbood. Het dragen, verzamelen, tentoonstellen en afbeelden van dergelijke insignes werd sindsdien wettelijk gereguleerd. Een aantal onderscheidingen werd daarna in een “gedenazificeerde” uitvoering opnieuw toegestaan, waarbij het hakenkruis en soms ook de adelaar werden verwijderd.Ordensjournal. p.4. In de gedenazificeerde uitvoering mogen het ereteken wel worden gedragen.

Externe link Verleihungsurkunde zum Zollgrenzschutz-Ehrenzeichen

Zie ook Lijst van ridderorden en onderscheidingen van nazi-Duitsland

Categorie:Onderscheiding in nazi-Duitsland Categorie:Douane