Hendrik David Muller (Rhenen, 18 september 1875 – Doetinchem, november 1954), in Doetinchem bekend als boer Muller van Ruimzicht, was een Nederlands landbouwer en lokaal politicus voor de Christelijk-Democratische Unie (CDU). Hij vervulde gedurende bijna dertig jaar bestuursfuncties in de gemeente Doetinchem en was van april 1945 tot 22 juli 1946 waarnemend burgemeester direct na de bevrijding, in de overgangsperiode tussen de NSB-burgemeester Jacques Daems en de terugkeer van Willem Petrus Jacobus Duval Slothouwer. Hij was tevens lid van de Provinciale Staten van Gelderland en werd onderscheiden als Ridder in de Orde van Oranje-Nassau."Complete lijst met de burgemeesters der Stad Doetinchem", voetnoot 2 (over H.D. Muller), regionaal-historisch overzicht Doetinchem 1832, samengesteld op basis van het archief van de gemeentesecretarie Doetinchem."Na ongeval. Oud-wethouder van Doetinchem overleden", overlijdensbericht in een regionaal dagblad, 24 november 1954.

Achtergrond Muller werd geboren in Rhenen op 18 september 1875. Hij vestigde zich in Doetinchem als landbouwer. In 1909 sloot hij een arbeidscontract met de Christelijke philantropische inrichtingen te Doetinchem (Hervormd Opleidingscentrum Ruimzicht), waarbij hij belast werd met de exploitatie van de bij de inrichting behorende boerderij. Het arbeidscontract is bewaard gebleven in Het Utrechts Archief en bevat ook een vermelding van zijn pensionering in 1924. In de Doetinchemse volksmond stond hij bekend als boer Muller van Ruimzicht.

In de jaren dertig was Muller in regionaal verband actief bij het christelijk landbouwonderwijs. Bij de opening van de Christelijke Landbouwwinterschool in Zelhem op 5 januari 1931 zat hij in de commissie van toezicht; een groepsfoto van die opening, gemaakt door de CBTB, toont hem onder meer naast burgemeester J. Rijpstra van Zelhem, wethouder G.J. Massink en voorzitter Th. Bakker van de plaatselijke CBTB-afdeling.

Politieke loopbaan Raadslid en wethouder Stad-Doetinchem en Doetinchem (1919–1941) Op 3 februari 1919 werd Muller benoemd tot lid van de raad van Stad-Doetinchem; hij was van die datum tot 1 januari 1920 tevens wethouder van die gemeente. Op 1 januari 1920 werden Stad-Doetinchem en Ambt Doetinchem samengevoegd tot de nieuwe gemeente Doetinchem. Muller bleef raadslid van de fusiegemeente, een functie die hij tot 5 september 1939 vervulde. Op die datum werd hij benoemd tot wethouder van Doetinchem, een functie die hij tot 1 september 1941 uitoefende. In dat laatste jaar werd, op grond van een verordening van Reichskommissar Seyss-Inquart van 11 augustus 1941, de werkzaamheid van gemeenteraden uitgeschakeld; wethouders verloren hun electorale status en werden voortaan door de burgemeester benoemd of ontslagen.

Politiek behoorde Muller tot de Christelijk-Democratische Unie (CDU), een protestants-christelijke, antimilitaristische partij die in 1926 was opgericht uit drie kleine christen-socialistische partijen.

Waarnemend burgemeester (1945–1946) Na de bevrijding van Doetinchem op 1 en 2 april 1945 werd Muller benoemd tot waarnemend burgemeester van de gemeente. Hij volgde in die functie de NSB-burgemeester Jacques Daems op, die van eind oktober 1944 tot kort voor de bevrijding had gefunctioneerd. De ambtsperiode van Muller liep van april 1945 tot 22 juli 1946; daarna keerde de vooroorlogse burgemeester Willem Petrus Jacobus Duval Slothouwer in zijn ambt terug. Mullers waarnemerschap viel grotendeels samen met de eerste wederopbouwperiode na de zware luchtbombardementen op de stad in maart 1945, waarbij grote delen van het centrum, waaronder de Sint-Catharinakerk en het oude stadhuis, waren verwoest.

Provinciale Staten en raadslid (1946–1948) Naast zijn lokale ambt was Muller in deze jaren tevens lid van de Provinciale Staten van Gelderland. Na zijn aftreden als waarnemend burgemeester bleef hij actief in de Doetinchemse gemeentepolitiek. Hij was raadslid van Doetinchem tot 10 december 1948. Het is niet vastgesteld of hij na de fusie van de CDU met de SDAP en de VDB op 9 februari 1946 is overgegaan naar de nieuw gevormde Partij van de Arbeid, dan wel een andere politieke richting heeft gekozen.

Onderscheiding Voor zijn verdiensten in het lokale en provinciale openbaar bestuur werd Muller onderscheiden als Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Overlijden Op 3 november 1954 werd Muller bij het oversteken van de weg ernstig gewond bij een verkeersongeval; hij werd door een auto aangereden toen hij zich naar huis begaf. Hij overleed kort daarna in het Wilhelmina ziekenhuis te Doetinchem op de leeftijd van 79 jaar. Het overlijdensbericht verscheen op 24 november 1954.

Nagedachtenis In Doetinchem werd na zijn overlijden een straat naar hem vernoemd: de Mullerstraat loopt deels over terreinen die voorheen tot de boerderij Ruimzicht behoorden. De straat sluit aan op het tegenwoordige Park Ruimzicht in Doetinchem.

Zie ook Lijst van burgemeesters van Doetinchem Christelijk-Democratische Unie Jacques Daems Willem Petrus Jacobus Duval Slothouwer

Categorie:Burgemeester van Doetinchem Categorie:Wethouder van Doetinchem Categorie:Politicus voor de Christelijk-Democratische Unie Categorie:Lid van de Provinciale Staten van Gelderland Categorie:Nederlands gemeenteraadslid Categorie:Nederlands persoon in de Tweede Wereldoorlog