Jan Jacob Boer (Wildervanksterdallen, 1927 – Ommelanderwijk, 14 februari 2011) was een arts en schrijver in de Nederlandse provincie Groningen.
Leven en werk Boer werd geboren in Wildervanksterdallen, een gehucht in het veengebied van Oost-Groningen als zoon van een keuterboer. Hij studeerde medicijnen aan de Rijksuniversiteit Groningen. Na zijn afstuderen werd hij huisarts in de dorpen Alteveer en Onstwedde. Hij promoveerde in 1963 op een proefschrift over de besmetting door een spoelworm en de bestrijding ervan, gebaseerd op zijn praktijk als dorpsdokter. In 1969 werd hij benoemd tot geneesheer-directeur van het Refaja Ziekenhuis in Stadskanaal. In 1973 werd hij directeur van het verpleeghuis 'Open Haven' in Veendam. Boer is vooral bekend geworden als schrijver van verhalen in het Gronings en zijn activiteiten voor het behoud van de Groningse taal.
Boer schreef meer dan twintig verhalenbundels in het Gronings. Hij schreef onder de naam Jan J. Boer, om verwarring met de dichter Jan Boer te voorkomen. Ook schreef hij een Gronings spreekwoordenboek. Hij was voorzitter van t Grunneger Bouk, ’t Grunneger Laid en het Groninger Genootschap. Hij was de promotor van het tijdschrift voor de Groninger taal Toal en Taiken, waarin hijzelf ook regelmatig publiceerde. Van zijn hand verschenen ook twee boeken in het Nederlands: 'Hoe dichter men nadert' over stervensbegeleiding en 'Het gekrookte riet' over de geschiedenis van een boerengeslacht in de Groninger veenkoloniën. Met zijn lezingen en voordrachten wist hij een groot publiek te bereiken.
In 1989 werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau en in 1994 ontving hij de K. ter Laanprijs. In 2023 werd in zijn geboorteplaats de Grunneger Toalroute geopend, gewijd aan zijn literaire werk in het Gronings.
Bibliografie Op old ies vrust t licht, 1991 Van sloat en slaat en snijtjemoes: datteg snorrepieperijen, 1991 Fiederoempie fiederampie: dagbouk van n dörpsdokter, 1990 Liesterkralen: honderd Grunneger gedichten, 1990 Fuut, fuut, laange bainen en gain kuut: 30 verhoalen, 1989 Dij t dut mout t waiten: het groot Gronings spreekwoordenboek, 1989, 2001 t Oavend ropt de koekoek weer, 1988, 2003 Boukwaiten Jaantje en datteg aander verhoalen, 1988 Knelus Knienekop en datteg aander verhoalen, 1985 Lopen deur de haaide, 1984 De hoanetree: een kraans van sonnetten van 't veujoar, 1982 Kromme Jurrie en aander verhoalen, 1982 Swaalfienusten aan de geude: verhoalen uut 't doktershuus, 1982 Bie haarstdag, 1982 Wat mie nait jeukt dat kraab ik nait: 25 verhoalen van 'n dörpsdokter, 1981, 1983 Liesters in 't fledderbos: een kleine wandeling door de Groninger poëzie, 1980 Het gekrookte riet: de geschiedenis van een boerengeslacht in de Groninger veenkoloniën, 1980 Hoe dichter men nadert: omgaan met stervenden, 1977 Dit eerlieks laand, 1975 Goandeweg en ondertied, 1974
Categorie:Nederlands dichter Categorie:Cultuur in Groningen (provincie)