thumb|Gevelsteen (juli 2026) Laurierstraat 212-220 te Amsterdam is een woonblokje aan de Laurierstraat in Amsterdam-Centrum.
Achtergrond Die Laurierstraat werd aangelegd tijdens het volbouwen van de Jordaan in de 17e eeuw. Dat betekende dat perceel voor perceel werd bebouwd in een tijd dat er nog geen adressen bestonden. Bijna alle gebouwen kregen daardoor een ander uiterlijk. De geschiedenis van de Laurierstraat gaat gelijk op met die van de parallel liggende Lauriergracht. Beide bleven na de aanleg alleen van belang voor plaatselijk verkeer; ze hadden en hebben beide geen goede verbinding met het gebied in de grachtengordel en Amsterdam-West.
Gebouw Al in de 19e eeuw waren sommige panden (mede door slecht onderhoud) aan het eind van hun bestaan, maar de grotendeels arme bevolking kon geen “dure nieuwbouw” betalen. In de Jordaan kwamen allerlei initiatieven op gang om sociale woningbouw te plegen, waarbij oudere, niet-functionele gebouwen (hier afgekeurde woonhuizen) tegen de vlakte gingen om plaats te maken voor betaalbare nieuwbouw. Een van de architecten die daarin actief was, was Pieter Smitt (zie bijvoorbeeld Tuinstraat 137-141), die kleine blokjes woningen liet bouwen in overleg met Technisch Bureau Joh. G. IJzendoorn. Aan de Laurierstraat 163-169 kwam een blokje van twaalf woningen, al snel gevolgd door een blokje aan de overzijde met huisnummers 212-220, dat gebouwd kon worden op de percelen 218-232 (even). Dit blokje was niet alleen ter verbetering van Jordanese volkshuisvesting, het werd ook nog een gebouwd in een combinatie particulier initiatief en Gemeente Amsterdam ter bestrijding van de werkloosheid als gevolg van de Eerste Wereldoorlog. Het bouwblokje heeft hetzelfde uiterlijk als het blok aan de overzijde, dus op de begane grond bergingen en bedrijfsruimten en deuren naar de woningen met stijlen van (enigszins vervaagd roze) graniet en gebroken frontons, echter een van de slotgebouwen is uitgevoerd met een puntdak, waardoor de symmetrie op 212-220 ontbreekt.
Het gebouw is mede vanwege die sociale woningbouw en werkverschaffing tot gemeentelijk monument verklaard, ondanks dat originele delen van het pand als gevolg van renovatie zijn verdwenen. Amsterdam op de kaart meldde nog dat het ontwerp voor dit gebouw niet helemaal origineel is; op bestektekening zouden andere gebouwen staan, alsook de naam van de onbekende architect D. Lindeman. Zij wees er ook op dat er in 1957 een grote verbouwing plaatsvond om het gebouw geschikt te maken voor een autostalling ten behoeve van Hendrik Tabak.
Bijzonderheden In een nisje boven de centrale toegangspartij (214-216) is een steen geplaatst ter herdenking van de combinatie particulier en gemeente:
Categorie:Bouwwerk in Amsterdam-Centrum Categorie:Gemeentelijk monument in Amsterdam