De Mannihof is een historisch boerderijcomplex aan de Europaweg 46 in Schoonebeek, in de Nederlandse provincie Drenthe. Het complex geniet bescherming als provinciaal monument en bestaat uit een dwarshuisboerderij (ontworpen als herenhuis met een relatief klein boerderijgedeelte), een deels vernieuwde kapschuur, een varkenshok met een aangebouwde schuur, een historische erfinrichting met toegangshek en een gemetseld voetgangersbruggetje.
Geschiedenis en bouw
Ontstaan en naamgeving Het herenhuis met boerderijgedeelte werd in 1905 gebouwd in opdracht van Hendrik Wilms en zijn echtgenote Jantje Bruna. Hendrik Wilms was de zoon van Gerrit Wilms, een landbouwer uit het Oostersebos die onder meer de Wilms' Boô bezat. Omdat Hendrik en zijn vrouw geen ambitie hadden voor het actieve boerenleven, besloot Hendrik te gaan rentenieren als 'heerschop' en de exploitatie over te laten aan pachters.
Voor het ontwerp van de boerderij engageerde Wilms de architect Johannes Diederik Meppelink uit Coevorden, terwijl Geert Rotmensen uit Schoonebeek als aannemer optrad.
De boerderij werd gebouwd op een stuk grond van twee hectare dat bekendstond als een mannislag. Dit was een deel van het oorspronkelijke mandelige (gemeenschappelijke) grondbezit van de Schoonebeker boeren, dat zich uitstrekte van het Schoonebekerdiep tot aan de venen in de gemeente Emmen. Naargelang de grondsoort was dit verdeeld in het manniland, het mannizand en het manniveen. Omdat de boerderij op het mannizand werd opgetrokken, gaf Hendrik Wilms het de naam Mannihof.
Bewoningsgeschiedenis door de familie Wilms Na de oplevering in 1905 bewoonden Hendrik en Jantje de boerderij. Hendrik Wilms vulde zijn dagen met lezen, hoofdzakelijk van godsdienstige boeken, en was actief als correspondent voor regionale kranten en als bestuurssecretaris van de christelijke school.
In 1916 trad hun zoon Gerrit Jan Wilms in het huwelijk met Roelofje Wilms, waarna het jonge paar zijn intrek nam in de Mannihof. Gerrit Jan ontplooide zich tot een prominent lokaal en regionaal bestuurder; hij was onder meer gemeenteraadslid, wethouder, lid van de Provinciale Staten van Drenthe en eind jaren dertig gedeputeerde. Zijn zoon Gezinus Wilms zette later het agrarische bedrijf voort en betrok in 1967 met zijn echtgenote de Mannihof, waar hij bleef wonen tot de verkoop van de boerderij in 1980, waarmee de periode van bewoning door de familie Wilms werd afgesloten.
Architectonische omschrijving
Woonhuis Het woonhuis is een deels onderkelderde dwarshuisboerderij van één bouwlaag op een samengestelde plattegrond, opgetrokken uit rode baksteen op een grijs gepleisterde plint. Het interieur van het voorhuis kenmerkt zich van oudsher door twee grote kamers aan de voorkant met betegelde schouwen en een woonkeuken met volledig betegelde wanden.
Het schilddak is gedekt met bruingeglazuurde, opnieuw verbeterde Hollandse pannen (niet origineel), terwijl het achterste dakschild is voorzien van niet-originele betonnen sneldekkers. Het dak loopt aan de achterzijde iets verder door ten behoeve van de lichtinval in de schuur. In het westelijke dakschild bevinden zich twee kleine, niet-originele dakvensters en een uitkragende houten bakgoot op klossen.
Aan de zuidzijde bevindt zich een bakstenen dakkapel onder een overstekend zadeldak op klossen, die rust op het middenrisaliet van de voorgevel. De topgevel hiervan is betimmerd en voorzien van een bord met de naam "Mannihof". De gevels worden gekenmerkt door H-vensters onder decoratieve, gemetselde segmentbogen van rode en grijs/groene baksteen met goudkleurige aanzet- en sluitsteenen. De boogvelden zijn gevuld met een mozaïek van beige, grijs/groene en bruine steentjes, en de bovenlichten bevatten decoratieve, gebrandschilderde glas-in-loodramen.
Schuur en bijgebouwen De achtergelegen schuur wordt gedekt door een wolfsdak met een voorschild van gesmoorde oude Hollandse pannen, voorzien van uilenborden met makelaars. De zuidelijke gevel bevat originele staande smeedijzeren rondboogstalraamen onder een rollaag. De westelijke gevel toont drie getoogde smeedijzeren stalvensters met een decoratieve roedenverdeling. Tegen deze westgevel is tevens een betonnen waterput met afdekplaat geplaatst. De achtergevel is uitgerust met een getoogde baander met opgeklampte inrijdeuren onder een segmentboog. In deze gevel bevindt zich ook de natuurstenen gedenksteen met de tekst "H. Wilms 1905".
Achter de boerderij staan de volgende bijgebouwen: Kapschuur Een houten kapschuur onder een zadeldak met een lage gemetselde onderbouw en een originele gebintconstructie op gemetselde poeren. Hoewel de houten wanden later grotendeels zijn vervangen, is dit in de oorspronkelijke stijl en materialen uitgevoerd. Tegen de oostgevel bevindt zich een rechthoekige houten aanbouw onder een lessenaarsdak. Varkenshok met schuur Dit langgerekte gebouw ligt ten oosten van de kapschuur. Het varkenshok werd in 1935 in opdracht van G.J. Wilms uitgebreid naar een ontwerp van de architect H. Anholts. Het is opgetrokken uit rood/bruine baksteen onder een zadeldak met gesmoorde oude Hollandse pannen en heeft twee opvallende gemetselde nokschoorstenen met uitkragende platen. De aangebouwde schuur heeft een wolfsdak met platte gesmoorde Muldenpannen en is tegen de noordgevel van het varkenshok gebouwd.
Erfinrichting en toegang Het complex ligt ver teruggerooid in de historische lintbebouwing langs de Europaweg en heeft zijn oorspronkelijke agrarische context behouden. De open ligging zorgt ervoor dat de voorgevel vanaf de openbare weg goed zichtbaar is.
De voortuin bestaat uit een groot gazon met vier geknotte rode beuken. Deze bomen zijn historisch verbonden met de Eerste Wereldoorlog: ze werden destijds geadviseerd en geschonken door een Duitse deserteur of vluchteling die door de familie Wilms op de boerderij was ondergebracht. Op diens aanraden werden de toppen van de beuken verwijderd, wat de bomen hun kenmerkende, piramideachtige vorm gaf.
Aan de oostzijde van de boerderij ligt een oprijlaan met wilde kastanjes, waarvan het begin wordt gemarkeerd door een wit geschilderd houten toegangshek. Aan de westzijde van het perceel zijn de sporen van een laan met Amerikaanse eiken zichtbaar. Vanaf de hoofdentree van de boerderij loopt een recht pad naar de weg, dat de sloot kruist via een authentiek, gemetseld voetgangersbruggetje. Dit bruggetje heeft aan weerszijden twee gemetselde pijlers met een lagere borstwering en een ijzeren buis als brugleuning.
Waardering De Mannihof is van algemeen belang voor de provincie Drenthe vanwege de volgende monumentale waarden: Cultuurhistorische waarde Het complex vormt een bijzondere uitdrukking van de ontwikkeling van het Drentse, gemengde boerenbedrijf rond het jaar 1900. Architectuurhistorische waarde Het is een belangrijk voorbeeld van een boerderij uit 1905 met een dwars gebouwd voorhuis en een schuur van het Fries-Groningse type, inclusief de bijbehorende bijgebouwen en infrastructurele elementen. Daarnaast wordt de boerderij gewaardeerd om haar esthetische kwaliteiten, het kenmerkende materiaalgebruik en de opvallende detaillering in eclectische stijl. Stedenbouwkundige en ensemblewaarde De open ligging op het ruime erf maakt het complex tot een beeldbepalend en karakteristiek onderdeel van de historische, agrarische bebouwing in Schoonebeek. Gaafheid en zeldzaamheid Het complex bezit een redelijke mate van gaafheid in al zijn onderdelen en is in relatie tot de bewaarde agrarische bebouwingsstructuur relatief zeldzaam binnen de provincie Drenthe.
Zie ook Lijst van provinciale monumenten in Drenthe
Categorie:Bouwwerk in Emmen Categorie:Provinciaal monument in Drenthe