Paturiyá ke nác, ook geschreven als paturia ke naadj, ook wel ganika, is een Noord-Indiase zang- en dansvorm.J. Ketwaru, in: Weltak, Marcel (redactie), Surinaamse muziek in Nederland en Suriname, "Surinaams-Hindustaanse muziek", , pag. 39-44, 1990 De benaming paturia houdt verband met de traditie waarin vrouwen voor hun inkomen optraden als danseres en zangeres;Jan S. Soebhag, [https://www.sarnamihuis.nl/column-jan-s-soebhag-aflevering-8-het-begrip-paturiya-en-londa-of-londawa-ke-nac-nader-belicht/ Het begrip paturiya en londa ke nac nader belicht, Sarnámihuis, 4 februari 2017 ganika verwijst naar courtisane.

Een ensemble bestaat in dit genre uit ten minste vier artiesten: een zanger, een dholak-speler, een harmonium- of sarangi-speler en een danser. Dit wordt vaak ingehuurd tijdens Hindoestaanse bruiloften. De danser is een als vrouw verklede man die vrouwelijke dansbewegingen uitvoert om met name het mannelijke deel van het publiek te vermaken.

Dit genre heeft veel weg van de ahirwa ke nác. Een belangrijk verschil is echter dat het daar niet gaat om een sierlijke vrouwelijke dans, maar om een boerendans. Een andere verwante dansstijl is de londa ke nác.Ohm Suriname, Voortbestaan londa ke nác in gevaar, 20 mei 2019. Gearchiveerd op 2 december 2023.

Zie ook Surinaams-Hindoestaanse muziek Dans in Suriname

Categorie:Surinaamse dansstijl Categorie:Surinaams muziekgenre Categorie:Hindoestaanse muziek