Richardis van Holland (vóór 1230 – 3 januari 1262), ook bekend als Richardis van Delft, was de dochter van graaf Willem I van Holland en diens echtgenote Aleid van Gelre. Ze was de stichteres van het Klooster Koningsveld in Delft.

Biografie Waarschijnlijk is Richardis vernoemd naar haar grootmoeder Richarda van Beieren, maar over haar jeugd is niks bekend. Wel is bekend dat ze in 1230 al mondig was omdat ze toen als getuige optrad voor haar boer Floris IV van Holland. In 1242 schonk zij de inkomsten van de botermaat van Delft aan de Abdij van Rijnsburg. Vanuit de woning van Richardis verleende graaf Willem II een aantal privileges aan de poorters van Delft. In ruil voor deze privileges dienden de inwoners van Delft Richardis jaarlijks een lijfrente van 50 pond te betalen., "Richardis van Holland", in: Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland. (geraadpleegd 30 juli 2026). Door haar bemoeienis met de stadsrechten van Delft betitelde historicus Jan Frederik Niemeyer haar als de "stichteres van Delft". In 1248 schonk Willem II haar nog meer land in de Hof van Delft. De stichtingen van Richardis lagen ook aan de basis van het Reinier de Graaf Gasthuis.

Nadat Willem II in 1247 was verkozen tot Rooms-koning werd besloten om het bezit van Richardis in Delft om te zetten in een religieuze stichting en dit werd het Klooster Koningsveld. Op 24 juni 1251 bevestigde Willem II de stichting van het klooster en een jaar later verleende ook paus Innocentius IV zijn steun aan de schenkingen. Ondanks dat er geen aanwijzingen zijn dat Richardis het habijt zelf nooit heeft aangenomen, bleef ze wel in haar eigen klooster wonen. Volgens een Egmondse bron werd haar lichaam op 3 januari 1262 begraven.

Categorie:Huis Holland Categorie:Adel in de Nederlanden in de 12e eeuw Categorie:Geschiedenis van Delft