Bob Van Steenlandt is in de geschiedschrijving bekend als een Belgische royalistische en anticommunistische activist. Hij behoorde tot de zeshoofdige leiding van het Eldrie-verbond, een clandestiene en paramilitaire organisatie die in 1945 werd opgericht door leden uit de omgeving van de Nationale Koninklijke Beweging (NKB). Van Steenlandts historische betekenis ligt vooral in zijn naoorlogse rol binnen Eldrie en in het gerechtelijke onderzoek waarin in 1961 een mogelijk verband werd onderzocht tussen leden van die organisatie en de moord op de communistische politicus Julien Lahaut. Het onderzoek leidde niet tot een bewezen betrokkenheid van Van Steenlandt.

Nationale Koninklijke Beweging en Eldrie De Nationale Koninklijke Beweging was tijdens de Tweede Wereldoorlog een Belgische koningsgezinde verzetsorganisatie. Zij behoorde politiek tot de rechterzijde van het Belgische verzet en verdedigde een uitgesproken royalistische opvatting.

In 1945 richtten enkele leden uit NKB-kringen het Eldrie-verbond op. De benaming verwees naar koning Leopold III. Historica Klaartje Schrijvers omschrijft Eldrie als een paramilitaire en sterk antipolitieke organisatie, waarin zich verscheidene militairen bevonden. De organisatie beschouwde zichzelf als een mogelijke hulptroep voor de Rijkswacht wanneer die met een linkse of communistische omwenteling zou worden geconfronteerd. Een andere centrale doelstelling was de terugkeer van Leopold III naar België.

Eldrie werd geleid door een zogenoemde Raad van Zes. Naast Van Steenlandt bestond deze raad uit Jacques De Groodt, Frans De Moor, Jan Verhaeghen, Tom Janssens en Eugène, ook Harry genoemd, Colson. In een interview uit 1982 werd Van Steenlandt aangeduid als de voormalige chef van Eldrie. Geciteerd in Schrijvers, L'Europe sera de droite ou ne sera pas!, p. 348.

Organisatie en doelstellingen Wie tot Eldrie wilde toetreden, moest een zogenoemde „Grote Gelofte” afleggen. Deze hield onder meer trouw aan Leopold III, verzet tegen het communisme, geheimhouding, gehoorzaamheid aan de leiding en wederzijdse ondersteuning tussen de leden in. De eed bevatte tevens een dreiging met een zware bestraffing wanneer een lid zijn verplichtingen zou schenden.

Van Steenlandt verklaarde later dat meer dan 200.000 Belgen de gelofte zouden hebben afgelegd. Schrijvers beoordeelt deze opgave als zeer onwaarschijnlijk en vermoedelijk sterk overdreven. Zij wijst er onder meer op dat een politiestuk over een belangrijke bijeenkomst van Eldrie slechts ongeveer vijftig aanwezigen vermeldde. Het door Van Steenlandt genoemde ledental geldt daarom niet als een vastgesteld historisch gegeven, maar als een door hemzelf geuite bewering.

Na de beëindiging van de Koningskwestie bleef het anticommunisme volgens Schrijvers een van de belangrijkste activiteiten van Eldrie. Uit de door haar onderzochte stukken blijkt bovendien dat binnen de organisatie over de mogelijkheid van een staatsgreep werd gesproken. Beweringen over structurele samenwerking met buitenlandse paramilitaire organisaties konden volgens haar echter niet worden bewezen.

Onderzoek naar de moord op Julien Lahaut Op 18 augustus 1950 werd Julien Lahaut, voorzitter van de Communistische Partij van België, voor zijn woning in Seraing doodgeschoten. Het aanvankelijke gerechtelijke onderzoek leverde geen definitieve identificatie en veroordeling van de opdrachtgevers en uitvoerders op.

Tijdens een nieuwe onderzoeksfase kwamen in 1961 enkele leden van de Raad van Zes in beeld. Van Steenlandt en Stan Landuyt werden op 18 april 1961 in Luik aangehouden op verdenking van medeplichtigheid aan de moord. André De Craene werd de volgende dag aangehouden. De verdenkingen hielden verband met het geheime en anticommunistische karakter van Eldrie en met verklaringen die in het onderzoek waren afgelegd.

De aanhoudingen leidden niet tot een bewezen betrokkenheid van Van Steenlandt bij de moord. Schrijvers omschrijft het onderzoek naar de betrokkenheid van leden van Eldrie als een spoor dat uiteindelijk doodliep. De arrestatie van Van Steenlandt mag daarom niet worden voorgesteld als bewijs dat hij de moord organiseerde, uitvoerde of ervan op de hoogte was.

In de geschiedschrijving Van Steenlandt wordt in de historische literatuur hoofdzakelijk behandeld in studies over Eldrie, de naoorlogse royalistische en anticommunistische netwerken en het onderzoek naar de moord op Lahaut. Een uitvoerige, onafhankelijk gepubliceerde biografie waarin ook zijn geboorte, overlijden, beroep en volledige levensloop worden behandeld, is niet bekend. Zijn aantoonbare relatie met de Nationale Koninklijke Beweging ligt vooral in zijn leidinggevende positie binnen het uit NKB-kringen voortgekomen Eldrie-verbond.

Bronnen, noten en/of referenties

Categorie:Belgisch verzetsstrijder in de Tweede Wereldoorlog Categorie:Koude Oorlog Categorie:Anticommunisme