Naar Kultuur en Bekwaming (NKB) was de schuilnaam waaronder een clandestiene groep in Aarschot zich tijdens de Duitse bezetting van België voordeed als een turnvereniging. De groep ontstond in het najaar van 1940 uit een plaatselijke rexistische jeugdgroep en werd vooral gedragen door Lucien Meyer en Theo Simon. Zij wezen de collaboratiekoers van Rex en het Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV) af. Uit dit netwerk groeide de Nationale Koninklijke Beweging, een koningsgezinde verzetsorganisatie waarvan de leiding rechts-autoritaire en antiparlementaire denkbeelden aanhing.

Ontstaan Na de Belgische nederlaag van mei 1940 koos de leiding van Rex voor samenwerking met de Duitse bezetter. In Aarschot keerde een aantal leden van de rexistische jeugdbeweging zich tegen deze ontwikkeling. Meyer en Simon behoorden tot de voornaamste initiatiefnemers van de nieuwe groep. Het historische overzichtswerk België in de Tweede Wereldoorlog situeert haar actieve beginfase vanaf oktober 1940.

Meyer en Simon kwamen vervolgens in contact met Eugène Mertens de Wilmars, een Leuvense hoogleraar, voormalig Rexist en uitgesproken aanhanger van koning Leopold III. Mertens de Wilmars nam een leidinggevende rol op zich. De groep was aanvankelijk vooral actief in de streek Leuven-Aarschot. Zij wierf voornamelijk onder studenten en onderofficieren en probeerde jongeren weg te houden van het VNV en andere vormen van collaboratie. Historicus Alain Colignon omschrijft Meyer en Simon als de voornaamste leiders van de beginnende beweging en Mertens de Wilmars als haar strategische hoofd.

Dekmantel Om de werkelijke aard van de organisatie voor de Duitse autoriteiten verborgen te houden, presenteerde de groep zich als een turnvereniging met de naam Naar Kultuur en Bekwaming. De benaming leverde dezelfde afkorting op als de Nationale Koninklijke Beweging: NKB. Achter deze ogenschijnlijk onschuldige vereniging vond ledenwerving plaats en werden brochures verspreid.

In juli 1941 trad de bezetter tegen de beweging op. Meyer werd aangehouden, de aangetroffen brochures werden in beslag genomen en de organisatie werd verboden. De repressie maakte een einde aan het openlijke gebruik van de turnvereniging als dekmantel, maar niet aan het netwerk waaruit de Nationale Koninklijke Beweging zich verder ontwikkelde.

Overgang naar de Nationale Koninklijke Beweging Onder leiding van Mertens de Wilmars kreeg de beweging een duidelijker politiek en organisatorisch profiel. Volgens Colignon hield de leiding er uitgesproken autoritaire en antiparlementaire opvattingen op na. De organisatie breidde zich vervolgens uit over het Hageland, Antwerpen, Limburg en Brussel en wist ook katholieke politici en militairen aan te trekken.

De politieke uitgangspunten van de leiding werden in 1941 uiteengezet in de brochure De grondbeginselen van de NKB. Daarin werd gepleit voor een autoritair bestel onder leiding van de koning en werd scherpe kritiek geuit op het parlementaire partijstelsel en het gelijkheidsbeginsel. Historici maken daarbij een onderscheid tussen de ideologisch uitgesproken leiding en de bredere achterban: veel gewone leden waren wel koningsgezind, maar hielden zich volgens het historische overzicht weinig bezig met de politieke doctrines van de top.

De latere Nationale Koninklijke Beweging ontwikkelde activiteiten die verder gingen dan de oorspronkelijke ledenwerving en propaganda. Zij verzamelde inlichtingen, verrichtte kleinere sabotageacties, ondersteunde personen die aan de verplichte tewerkstelling probeerden te ontkomen en hielp ondergedoken Joden en neergeschoten geallieerde piloten. De beweging gaf ook clandestiene bladen uit, waaronder Vrij Volk in Leuven.

Zie ook Nationale Koninklijke Beweging Belgisch verzet in de Tweede Wereldoorlog Rex (partij)

Bronnen, noten en/of referenties

Categorie:Belgische verzetsgroep in de Tweede Wereldoorlog