Het Manifest van Ventotene (Italiaans: Manifesto di Ventotene), oorspronkelijk getiteld Per un'Europa libera e unita. Progetto d'un manifesto ("Voor een vrij en verenigd Europa. Ontwerp voor een manifest"), is een politiek manifest dat in de zomer van 1941 werd opgesteld door de Italiaanse antifascisten Altiero Spinelli en Ernesto Rossi. Zij verbleven toen als politieke tegenstanders van het fascistische regime in confino, een vorm van interne ballingschap, op het eiland Ventotene.
Het manifest stelde dat duurzame vrede in Europa niet kon worden bereikt zolang soevereine natiestaten in een internationaal bestel zonder bovenstatelijk gezag met elkaar concurreerden. Spinelli en Rossi bepleitten daarom de vorming van een Europese federatie met eigen, daadwerkelijk uitgeoefende bevoegdheden. Zij verbonden dit federalistische project bovendien met vergaande sociale en economische hervormingen.
Het document werd tijdens de Tweede Wereldoorlog clandestien verspreid en werd een belangrijke referentietekst voor het georganiseerde Europese federalisme. In de historiografie is het onder meer aangeduid als een "geboorteakte" van het politieke Europese federalisme. Deze kwalificatie betekent niet dat het federalistische denken in 1941 op Ventotene ontstond: Spinelli en Rossi bouwden onder meer voort op eerdere Italiaanse en Britse federalistische ideeën. Ook de voorstelling van het manifest als een rechtstreeks ontwerp voor de latere Europese Unie is in de geschiedschrijving genuanceerd, omdat het oorspronkelijke programma revolutionairder en sterker gericht op onmiddellijke politieke federatie was dan de voornamelijk stapsgewijze economische integratie van de jaren 1950.
Achtergrond Spinelli en Rossi waren vanwege hun antifascistische activiteiten door het regime van Benito Mussolini van het Italiaanse politieke leven geïsoleerd. De omstandigheden van het confino op Ventotene brachten verschillende antifascistische stromingen met elkaar in contact. Tot de personen die aan de daar gevoerde discussies over de toekomst van Europa deelnamen behoorden ook de socialist Eugenio Colorni en de Duits-Italiaanse antifasciste Ursula Hirschmann.
Een belangrijke intellectuele invloed op Rossi en Spinelli was de Italiaanse liberaal en econoom Luigi Einaudi. Einaudi had reeds na de Eerste Wereldoorlog betoogd dat een organisatie van onafhankelijke staten zonder effectief bovenstatelijk gezag onvoldoende was om internationale conflicten te voorkomen. Via Einaudi kwamen de ballingen eveneens in aanraking met literatuur uit de Britse federalistische beweging, waaronder publicaties van de in 1938 opgerichte Federal Union. Deze invloeden werden in het manifest gecombineerd met ideeën afkomstig uit het socialisme, het liberaal-socialisme en het antifascisme.
Het centrale uitgangspunt van het manifest was dat oorlog niet uitsluitend voortkwam uit het karakter van afzonderlijke regimes. Volgens Spinelli en Rossi dwong een internationaal stelsel van volledig soevereine staten ook democratische of socialistische staten tot concurrentie om macht, veiligheid en middelen. Een duurzame Europese vrede vereiste volgens hen daarom een fundamentele verandering van dat statenstelsel.
Ontstaan, auteurschap en tekstgeschiedenis De eerste versie werd in de zomer van 1941 geschreven. De oorspronkelijke handgeschreven tekst is niet de vorm waarin het manifest later bekend werd. De vroegst bewaard gebleven exemplaren zijn twee uitgaven uit 1943 van de Quaderni del Movimento per la Federazione Europea. Volgens latere verklaringen van de opstellers verschilden deze slechts op ondergeschikte punten van de versie uit 1941.
De vroege versie bestond uit vier delen. Spinelli schreef de eerste twee, waarin respectievelijk de crisis van de moderne beschaving en de naoorlogse Europese eenheid centraal stonden. Rossi schreef het gedeelte over de hervorming van de samenleving. Het slotdeel behandelde de politieke strategie die volgens de opstellers nodig was om een nieuwe federale orde tot stand te brengen.
Eugenio Colorni speelde een belangrijke rol in de geschiedenis van de tekst, maar zijn rol moet worden onderscheiden van die van de opstellers van de versie uit 1941. Hij nam op Ventotene deel aan de federalistische discussies en verzorgde in 1944 een herziene clandestiene uitgave, waaraan hij een inleiding toevoegde. Die editie was in drie delen georganiseerd en bevatte daarnaast twee andere teksten van Spinelli. Colorni wordt in sommige latere voorstellingen mede tot de auteurs gerekend; in de kritische tekstgeschiedenis en recente vakliteratuur wordt de opstelling van het manifest zelf in hoofdzaak aan Spinelli en Rossi toegeschreven, terwijl Colorni's bijdrage vooral als inhoudelijke gesprekspartner, redacteur en inleider van de editie van 1944 wordt beschreven.
Clandestiene verspreiding Het manifest moest vanaf Ventotene heimelijk naar het Italiaanse vasteland worden gebracht. Volgens de gereconstrueerde tekstgeschiedenis werd de eerste versie in kleine letters op dun papier overgeschreven en in de zomer van 1941 door Ada Rossi, de echtgenote van Ernesto Rossi, en Fiorella en Gigliola Spinelli, zussen van Altiero Spinelli, van het eiland meegenomen.
Ook Ursula Hirschmann speelde een rol bij de clandestiene verspreiding van het document en bij de organisatie van de federalistische beweging. Nadat het fascistische regime van Mussolini in 1943 ten val was gekomen, waren Spinelli, Rossi en Colorni betrokken bij de oprichting van het clandestiene Movimento Federalista Europeo (MFE). Het manifest werd een van de belangrijkste intellectuele referentiepunten van deze beweging.
Inhoud
Europese federatie en nationale soevereiniteit De analyse van het manifest vertrok vanuit een kritiek op de absolute soevereiniteit van de Europese natiestaat. Volgens de auteurs leidde een internationaal systeem zonder effectief gemeenschappelijk gezag ertoe dat staten zich voor hun veiligheid tegenover andere staten moesten bewapenen en hun macht moesten vergroten. Nationalisme, imperialistische concurrentie en oorlog werden daarmee niet alleen als gevolgen van afzonderlijke regeringen beschouwd, maar als structurele problemen van het Europese statenstelsel.
Als alternatief stelde het manifest een Europese federale staat voor met eigen, duidelijk omschreven bevoegdheden. Een losse samenwerking tussen verder volledig soevereine staten werd onvoldoende geacht. De Europese federatie werd tegelijkertijd gezien als een mogelijke eerste stap naar een bredere federale ordening op wereldniveau, al lag de onmiddellijke politieke prioriteit bij Europa.
De auteurs maakten van de houding tegenover Europese federatie bovendien een criterium voor de politieke tegenstelling na de oorlog. Naar hun opvatting zou de doorslaggevende scheidslijn niet langer uitsluitend tussen traditioneel links en rechts lopen, maar tussen krachten die de oude nationale soevereiniteit wilden herstellen en krachten die bereid waren een bovenstatelijke federale orde te vestigen.
Sociale en economische hervorming Het federalistische programma ging gepaard met een uitgesproken sociaal hervormingsprogramma. Het gedeelte van Rossi over de naoorlogse samenleving voorzag in overheidsingrijpen in de economie, herverdeling van land en kapitaal en de bescherming van burgerlijke en politieke rechten. De historicus Aurélie Dianara Andry wijst er daarom op dat het manifest niet alleen een vrij en verenigd, maar ook een socialistisch georiënteerd Europa voorstelde.
Dat socialisme stond in het manifest in dienst van een bredere maatschappelijke emancipatie. De auteurs wilden voorkomen dat geconcentreerde economische macht de politieke vrijheid zou ondermijnen en stelden sociale hervormingen voor die de omstandigheden van arbeiders en andere achtergestelde groepen moesten verbeteren. Het politieke federalisme en de maatschappelijke hervorming waren in hun redenering met elkaar verbonden: duurzame sociale vooruitgang kon volgens hen niet worden veiliggesteld zolang internationale rivaliteit tussen soevereine staten bleef bestaan.
Revolutionaire strategie Naast zijn democratische en federalistische einddoelen bevatte het manifest een uitgesproken revolutionaire opvatting over de overgang naar de nieuwe orde. Spinelli en Rossi verwachtten dat de nederlaag van de fascistische regimes een korte periode van politieke ontwrichting zou veroorzaken waarin de bestaande staatsstructuren hun gezag konden verliezen. Een goed georganiseerde federalistische voorhoede zou volgens hen van dat moment gebruik moeten maken om de federale omvorming door te zetten.
Recente geschiedschrijving heeft vooral op de spanning tussen doel en methode gewezen. De beoogde federatie moest uiteindelijk democratische vrijheden en politieke rechten waarborgen, terwijl de overgang ernaartoe volgens de oorspronkelijke tekst niet primair via geleidelijke hervormingen of een voorafgaande brede volksraadpleging zou plaatsvinden. Het manifest vertrouwde in die overgangsfase een leidende rol toe aan een gedisciplineerde revolutionaire minderheid.
Deze niet-gradualistische strategie is van belang voor de historische interpretatie van het document. Zij onderscheidt het oorspronkelijke manifest van veel latere voorstellingen waarin Ventotene hoofdzakelijk als voorloper van de stapsgewijze institutionele ontwikkeling van de Europese Gemeenschappen en de Europese Unie wordt behandeld.
Betekenis en historiografie Na de oorlog ontwikkelde het Manifest van Ventotene zich tot een canonieke tekst van het georganiseerde Europese federalisme. De Franse historicus Bertrand Vayssière beschreef het in de titel van een studie als de "geboorteakte van het Europese federalisme" en stelde vast dat het binnen de federalistische beweging zelf als een beginpunt van het politieke federalisme werd beschouwd.
Een dergelijke omschrijving wordt in de geschiedschrijving doorgaans niet opgevat als de bewering dat de gedachte aan Europese federatie op Ventotene voor het eerst ontstond. Het manifest maakte gebruik van oudere federalistische tradities en van auteurs die de problematiek van nationale soevereiniteit eerder hadden behandeld. Het vernieuwende element lag veeleer in de centrale politieke prioriteit die Spinelli en Rossi tijdens de oorlog aan federatie toekenden: Europese eenwording werd niet als een bijkomend gevolg van nationale democratisering of sociale hervorming beschouwd, maar als een noodzakelijke voorwaarde daarvoor.
Het manifest kreeg later ook een plaats in institutionele en publieke verhalen over de oorsprong van de Europese integratie. In dergelijke herinneringscultuur fungeert het geregeld als verbinding tussen het antifascistische verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog en de naoorlogse Europese samenwerking. Historisch onderzoek waarschuwt echter voor een te rechtlijnige voorstelling van die ontwikkeling. De precieze invloed van federalistische verzetsgroepen op de totstandkoming van de eerste Europese instellingen is moeilijk vast te stellen, terwijl de vroege Europese integratie in de jaren 1950 in de praktijk vooral begon met pragmatische economische samenwerking en niet met de onmiddellijke oprichting van de federale staat die het manifest had bepleit.
Het Manifest van Ventotene geldt daardoor zowel als een belangrijk document in de geschiedenis van het Europees federalisme als een tekst die in zijn specifieke oorlogsomstandigheden moet worden gelezen. De combinatie van supranationaal federalisme, socialistische hervorming en een revolutionaire politieke strategie verschilt op belangrijke punten van de latere institutionele ontwikkeling van de Europese Unie.
Zie ook
Federalisme Europese integratie Europese Beweging Unie van Europese Federalisten Geschiedenis van de Europese Unie
Externe links
Per un'Europa libera e unita. Il Manifesto di Ventotene, uitgave van de Italiaanse Senaat (2017) The Ventotene Manifesto, Engelstalige tekst bij de Union of European Federalists
Categorie:Manifest