Au milieu des sollicitudes is een encycliek van paus Leo XIII, gedateerd 16 februari 1892 en gericht aan de aartsbisschoppen, bisschoppen, geestelijkheid en katholieken van Frankrijk. De encycliek behandelt de verhouding tussen de Katholieke Kerk en de Franse staat tijdens de Derde Franse Republiek. Leo XIII verdedigde daarin de aanvaarding van het feitelijk gevestigde republikeinse gezag, zonder die aanvaarding gelijk te stellen aan instemming met alle wetten of met een principiële voorkeur voor de republiek als staatsvorm.

Het document geldt als een belangrijk onderdeel van het pauselijke beleid dat bekend werd als het ralliement: de poging om Franse katholieken ertoe te bewegen hun politieke strijd tegen het republikeinse staatsbestel op te geven en binnen het bestaande bestel de belangen van Kerk en samenleving te behartigen. Historicus James E. Ward beschrijft het ralliement als een van de opvallendste en meest omstreden politieke initiatieven van het pontificaat van Leo XIII en als een poging om de scherpe tegenstelling tussen Kerk en staat in Frankrijk te verminderen.

Historische context Na de val van het Tweede Franse Keizerrijk in 1870 ontwikkelde de Derde Republiek zich tot het blijvende Franse staatsbestel. De verhouding tussen republikeinse regeringen en de Katholieke Kerk bleef echter gespannen. Vooral in de jaren 1880 voerden republikeinse meerderheden een seculariserend beleid, terwijl binnen het Franse katholicisme stromingen bleven bestaan die herstel van de monarchie nastreefden of zich moeilijk met de republikeinse instellingen konden verzoenen.

Leo XIII probeerde vanaf het begin van zijn pontificaat de tegenstelling tussen de Kerk en de republikeinse staat te verminderen. Volgens Ward zocht de paus al vanaf 1878 naar mogelijkheden voor een toenadering, maar werd dit beleid aan het begin van de jaren 1890 nadrukkelijker. Een belangrijk voorafgaand moment was de zogenoemde toast d'Alger van 12 november 1890. Tijdens een ontvangst in Algiers sprak kardinaal Charles Lavigerie zich uit voor samenwerking met de bestaande republikeinse instellingen. Onderzoek in de Vaticaanse archieven door François Renault heeft aangetoond dat Lavigeries optreden plaatsvond op uitdrukkelijk verzoek van Leo XIII.

Het beleid stuitte van meet af aan op weerstand. De politieke loyaliteiten van Franse katholieken liepen uiteen en de vraag of aanvaarding van de republiek verenigbaar was met verzet tegen antiklerikale wetgeving vormde een belangrijk twistpunt. Paola Vismara Chiappa laat aan de hand van Vaticaanse archiefstukken zien dat conflicten over politieke instructies aan Franse katholieken in 1891 en 1892 nauw samenhingen met de ontwikkeling van het ralliement. De verschijning van Au milieu des sollicitudes op 16 februari 1892 maakte volgens haar geen onmiddellijk einde aan deze tegenstellingen.

Inhoud

Regeringsvorm en algemeen welzijn Een centraal onderscheid in de encycliek is dat tussen de concrete vorm van een staatsbestel en de morele doeleinden waaraan politieke macht volgens Leo XIII behoort te beantwoorden. Hij verwijst naar het feit dat Frankrijk achtereenvolgens verschillende staatsvormen had gekend, waaronder keizerrijk, monarchie en republiek. Geen van deze vormen is volgens hem op zichzelf noodzakelijkerwijs in strijd met de rede of de christelijke leer. Een regeringsvorm kan rechtmatig zijn wanneer zij is gericht op het algemeen welzijn.

Daaruit volgt volgens de encycliek dat katholieken een persoonlijke voorkeur voor een bepaalde staatsvorm kunnen hebben, maar dat een dergelijke voorkeur niet rechtvaardigt dat zij het feitelijk gevestigde en wettige gezag blijvend bestrijden. De argumentatie is daardoor geen leerstellige voorkeur voor republicanisme boven monarchie. De nadruk ligt op de legitimiteit van politiek gezag en op de plicht het maatschappelijke en politieke leven niet door voortdurende strijd over de staatsvorm te ontwrichten.

Politicoloog en historicus Kevin Passmore plaatst deze opstelling in de bredere ontwikkeling van het ralliement in de jaren 1890. Volgens hem moest de pauselijke koers Franse monarchistische katholieken ertoe brengen religieuze en maatschappelijke belangen voortaan binnen de republikeinse instellingen te verdedigen in plaats van de politieke orde zelf tot inzet van de strijd te maken.Kevin Passmore, “The Ralliement (1890–1898)”, in: The Right in France from the Third Republic to Vichy, Oxford University Press, Oxford, 2012, pp. 73–100, doi:10.1093/acprof:oso/9780199658206.003.0004.

Gevestigd gezag en wetgeving Leo XIII maakt vervolgens een onderscheid tussen het gevestigde politieke gezag en de wetgeving die onder dat gezag tot stand komt. Aanvaarding van de bestaande regering betekent volgens de encycliek niet dat katholieken verplicht zijn elke afzonderlijke wet als rechtvaardig of wenselijk te beschouwen. Ook onder een op zichzelf legitieme staatsvorm kunnen volgens hem wetten worden aangenomen die strijdig zijn met rechtvaardigheid, godsdienst of het algemeen welzijn.

De paus acht daarom verzet tegen concrete wetgeving mogelijk, mits daarvoor wettige middelen worden gebruikt. De aandacht van katholieken moest volgens deze redenering minder uitgaan naar het omverwerpen van de republiek als staatsvorm en meer naar de inhoud van het openbare beleid. Daarmee vormde de encycliek tegelijkertijd een oproep tot aanvaarding van het bestaande gezag en een rechtvaardiging van politieke en maatschappelijke actie tegen wetten die vanuit katholiek perspectief als schadelijk werden beschouwd.

Dit onderscheid tussen staatsvorm en wetgeving was essentieel voor het ralliement. Het bood katholieken volgens Ward de mogelijkheid zich bij de republikeinse orde neer te leggen zonder daarmee hun bezwaren tegen het seculariserende beleid van republikeinse regeringen op te geven.

Religie, moraal en de staat De politieke argumentatie van de encycliek staat binnen een bredere theologische opvatting over samenleving en moraal. Leo XIII stelt dat maatschappelijk leven niet uitsluitend op materiële belangen kan worden gebaseerd. Waarheid, het goede en morele verplichtingen worden door hem uiteindelijk met God en met de religieuze bestemming van de mens verbonden.

Vanuit dit uitgangspunt verdedigt de encycliek een publieke rol voor het christendom. Leo XIII keert zich in het document tegen een volledige scheiding van kerk en staat zoals hij die in de toenmalige Franse context begreep. Hij verdedigt tevens het voortbestaan van het Concordaat van 1801, dat de betrekkingen tussen de Heilige Stoel en de Franse staat regelde. Volgens zijn redenering zou een volledige institutionele scheiding ertoe kunnen leiden dat de staat wetgeving zou ontwikkelen zonder rekening te houden met de religieuze en morele beginselen die de Kerk als bindend beschouwde.

De encycliek moet daarom niet worden gelezen als een algemene goedkeuring van de secularisering van de Derde Republiek. De politieke staatsvorm wordt aanvaard, terwijl verschillende uitgangspunten van het republikeinse antiklerikalisme juist worden afgewezen.

Bijbelse en theologische argumentatie Leo XIII onderbouwt zijn opvatting over politieke gehoorzaamheid onder meer met verwijzingen naar het Nieuwe Testament. In de encycliek worden passages aangehaald waarin christenen worden opgeroepen het burgerlijk gezag te eerbiedigen en voor gezagsdragers te bidden, waaronder 1 Petrus 2:17 en 1 Timoteüs 2:1–3. Ook Romeinen 13:1, over het gezag en zijn verhouding tot God, wordt aangehaald.

Tegelijkertijd presenteert Leo gehoorzaamheid niet als onbeperkt. Politieke macht wordt in de encycliek moreel beoordeeld aan de hand van rede, rechtvaardigheid en algemeen welzijn. Wanneer wetgeving volgens die maatstaven onrechtmatig is, kan daartegen met wettige middelen worden opgetreden. Voor zijn opvatting van de rechtvaardige wet verwijst Leo onder meer naar Augustinus van Hippo.

De encycliek verbindt zo twee uitgangspunten: erkenning van de legitimiteit van het burgerlijk gezag en de gedachte dat positief recht niet de hoogste bron van moraliteit is. Het document past deze beginselen concreet toe op de vraag hoe Franse katholieken zich tegenover het republikeinse regime moesten opstellen.

Filosofische achtergrond De argumentatie in Au milieu des sollicitudes gebruikt begrippen als rede, wet, legitiem gezag en algemeen welzijn. In een bredere analyse van het denken van Leo XIII beschrijft Robert P. Kraynak diens pontificaat als een poging om blijvende katholieke leerstellingen te onderscheiden van politieke en maatschappelijke vormen die konden veranderen. Kraynak verbindt Leo's politieke filosofie met de heropleving van het thomisme, het natuurrecht, het algemeen welzijn en de opvatting dat meer dan één concrete regeringsvorm legitiem kan zijn.Robert P. Kraynak, “Pope Leo XIII and the Catholic Response to Modernity”, in: Joëlle Rollo-Koster e.a. (red.), The Cambridge History of the Papacy, Cambridge University Press, Cambridge, 2025, pp. 457–474, doi:10.1017/9781108750608.021.

In Au milieu des sollicitudes wordt deze openheid ten aanzien van verschillende regeringsvormen rechtstreeks toegepast op Frankrijk. De vraag of een monarchie, keizerrijk of republiek op zichzelf de enig juiste staatsvorm is, wordt ondergeschikt gemaakt aan de vraag of het gezag het algemeen welzijn dient en of de wetgeving verenigbaar is met de morele orde.

Daarmee verschilt de argumentatie zowel van een principieel monarchisme als van een opvatting waarin de bestaande republikeinse wetgeving reeds vanwege haar democratische oorsprong als moreel voldoende zou gelden. Politieke legitimiteit en morele beoordeling van wetgeving worden in het document als onderscheiden kwesties behandeld.

Receptie en gevolgen Het ralliement bleef binnen het Franse katholicisme omstreden. Vooral katholieken die hun religieuze en politieke overtuigingen nauw met de monarchistische zaak verbonden, verzetten zich tegen de nieuwe koers. Ward beschrijft hoe het beleid ondanks pauselijke druk aanzienlijke weerstand bleef ondervinden en slechts beperkt succes had.

Ook de onmiddellijke ontvangst van de encycliek verliep niet zonder conflicten. Vismara Chiappa toont dat de politieke spanningen binnen het Franse episcopaat en onder katholieke activisten na de publicatie voortduurden. Het geschil betrof niet alleen de theoretische erkenning van het regime, maar ook de praktische vraag hoe geestelijken en leken zich in verkiezingen en politieke controverses moesten gedragen.

Het ralliement beëindigde evenmin de strijd tussen antiklerikale republikeinen en de Katholieke Kerk. Coffey karakteriseert de periode van 1890 tot 1905 als een tijd van voortdurende conflicten over de plaats van religie in het openbare leven. Deze ontwikkeling mondde uiteindelijk uit in de Franse wet van 1905 over de scheiding van kerk en staat. Die latere scheiding was geen doelstelling van Au milieu des sollicitudes; Leo XIII had in de encycliek juist bezwaren tegen een dergelijke scheiding geformuleerd.

Volgens Ward verloor de ralliementpolitiek bovendien aan kracht tijdens de politieke polarisatie rond de Dreyfusaffaire. Historisch bleef de encycliek niettemin van belang als een duidelijke formulering van Leo XIII's poging om de politieke loyaliteit van Franse katholieken los te maken van de keuze voor één specifieke staatsvorm en hen ertoe te brengen binnen de bestaande republikeinse orde op te treden.

Zie ook

Paus Leo XIII Katholieke Kerk in Frankrijk Derde Franse Republiek Katholieke sociale leer Scheiding van kerk en staat Concordaat van 1801 Lijst van encyclieken van paus Leo XIII

Externe link

Au milieu des sollicitudes - officiële Engelse tekst op de website van de Heilige Stoel

Categorie:19e-eeuws rooms-katholiek geschrift Categorie:Pauselijke encycliek Categorie:1892