Het Eerste Turkse kaganaat, ook wel het Eerste Turkse Rijk of het Göktürkse kaganaat genoemd, was een Turks kaganaat dat werd gesticht door de Ashina-clan van de Göktürken in middeleeuws Binnen-Azië onder leiding van Bumin Qaghan (gestorven in 552) en zijn broer Istämi. Het Eerste Turkse kaganaat volgde het Rouran kaganaat op als de hegemoniale macht op het Mongoolse plateau en breidde zijn territorium in Centraal-Azië snel uit. Het kaganaat werd het eerste Centraal-Aziatische transcontinentale rijk, van Mantsjoerije tot de Zwarte Zee.
Hoewel de Göktürken een Siberische Turkse taal spraken, de directe voorloper van het Orhon-Turks van het Tweede Turkse kaganaat, werden de vroege officiële teksten en munten van het Eerste kaganaat in het Sogdisch geschreven. Het was de eerste Turkse staat die de naam Türk politiek gebruikte. Het Oud-Turkse schrift werd uitgevonden in de eerste helft van de 6e eeuw.
Het kaganaat stortte in 603 ineen na een reeks conflicten en burgeroorlogen die het rijk opsplitsten in het Oost-Turkse kaganaat en het West-Turkse kaganaat. Tang-China veroverde het Oost-Turkse kaganaat in 630 en het West-Turkse kaganaat in 657 in een reeks militaire campagnes. Het Tweede Turkse kaganaat ontstond in 682 en duurde tot 744, toen het werd omvergeworpen door het Oeigoerse kaganaat.
Bumin (534-552) De Göktürken waren nazaten van de Turkse Ashina-stam. Een van hun belangrijkste buren waren de Rouran, waar Anakei Khan het sinds ca. 520 voor het zeggen had. Bumin, de stamleider van de Göktürken en de latere heerser van zijn rijk, wilde met de dochter van Anakei trouwen, maar deze stond dat niet toe, waarna Bumin hem de oorlog verklaarde. Anakei verloor en maakte in 552 zelf een einde aan zijn leven, waarna Bumin het grondgebied van Anakei aan zijn rijk toevoegde. Hij heerste nu over een groot rijk, dat de geschiedenis in zou gaan als het rijk der Göktürken. Bumin riep zich uit tot Khan. Als vlag koos hij een wolvenkop met op de achtergrond een blauwe kleur. Hij stierf echter nog hetzelfde jaar. Zijn jongere broer was Istämi en kreeg de titel yabgu, onderkoning voor het westelijke deel.
Issik Khan (552) en Mukan Khan (553-572) Bumin werd opgevolgd door zijn oudste zoon Issik Khan. Zijn regeerperiode was echter kort en hij werd opgevolgd door zijn jongere broer, Mukan Khan. Nadat Mukan rond 560 de Kitan had verslagen, richtte hij zijn blik naar het oosten, waar in 557 de Noordelijke Wei-dynastie uiteen was gevallen in twee rijken: de Oostelijke - en Westelijke Wei-dynastie.
Istämi (551-576) In 557 begonnen de Göktürken onder leiding van Istämi samen met de machtige Sassanidische sjah Khusro I een oorlog tegen de laatste restanten van de Hephthalieten, wier rijk rond 560 werd vernietigd. Hun val had tot gevolg dat de Avaren niet langer toegang tot Europa hadden. Istämi's grondgebied strekte zich nu formeel uit tot aan de Wolga. Tijdens zijn veldtocht zou Istämis gezegd hebben: "Eerst versla ik de Avaren, daarna de Hephthalieten" en dit gebeurde ook, want in 558 versloeg hij de Avaren, die hij liet deporteren naar het westen, en in 563 werden vervolgens ook de Hephtalieten verslagen. Rond deze tijd kwamen de Turken voor het eerst in contact met Europa. Afgezanten van Istämi werden ontvangen door de Byzantijnse keizer Justinianus I. Hij wilde dat zij hun Perzisch bondgenootschap ontbonden.
Tardu (576-603), Westelijk Rijk der Göktürken Istämi's zoon, Tardu, volgde hem op na zijn dood in 576. Toen zijn neef Mukan Khan in 572 overleed, stelde hij diens jongere broer Arslan Tobo-Khan, die in het westen Taspar werd genoemd, aan als heerser over het Oostelijke Göktürken. Taspar profiteerde van de ondergang van het Tabgatsch- of Tabgaç-rijk, een van de belangrijkste stamverbanden die na de ineenstorting van het rijk van de Xiongnu in het oosten was ontstaan en nu in twee elkaar vijandelijke rijken uiteen was gevallen, toe te voegen aan zijn rijk. In 550 maakte in China de Oostelijke Wei-dynastie plaats voor de Noordelijke Qi-dynastie, terwijl het westelijke deel van het Wei-rijk in handen viel van de Noordelijke Zhou-dynastie (557-581). Taspar en Tardu speelden beide rijken tegen elkaar uit, waardoor de Tabgaç veelvuldig als vazallen van heerser wisselden. Ondanks de dreiging van hun Turkse buren, viel in 577 de Noordelijke Zhou, met steun van Chen, het Noordelijke Qi-rijk aan, waarna Qi in handen viel van Zhou. De Oost-Turken waren op weg een belangrijke macht te gaan worden, als de heersers Taspar, Tardu en de latere Abo Kagan door erfeniskwesties en de opkomst van het boeddhisme niet zouden hebben geleid tot een conflict. In 581 stierf Taspar onverwacht, waardoor er binnen de Oostelijke Göktürken een strijd losbrak om zijn opvolging, die flink werd aangewakkerd door de Chinese invloeden.
In 677, begonnen de Turken in samenwerking met de Tibetanen een militaire campagne tegen de Chinese Tang-dynastie. Zowel de Turken als Tibetanen werden teruggedrongen en twee jaar later verslagen (679). De Turkse leider werd gevangen genomen door de Chinezen en het gebied Tokman werd getransformeerd in een Chinese militaire basis.
Categorie:Kanaat Categorie:Historisch keizerrijk Categorie:Historisch land in China Categorie:Göktürken