thumb|Marmeren buste van Jean-Baptiste Van Mons (1848), collectie Académie royale de Belgique Guillaume Stas (Leuven, 13 juni 1802 – aldaar, 28 april 1859) was een Belgisch beeldhouwer.Paul Piron (2016) De Belgische beeldende kunstenaars van de 19e tot de 21e eeuw. Brussel: Ludion. . p. 2178. Hij wordt ook vermeld als Willem Stas..J. Immerzeel (1843) De levens en werken der hollandsche en vlaamsche kunstschilders, beeldhouwers, graveurs en bouwmeesters: van het begin der vijftiende eeuw tot heden. Derde deel, p. 109. Amsterdam: J.C. van Kesteren, 1843.

Leven en werk Guillaume Stas was een zoon van slotenmaker Jean Stas en Jeanne Josèphe De Mortier.Burgerlijke stand van Leuven: geboorten 1802 (jaar X), akte 276. Hij was een leerling van Geedts aan de Stedelijke Academie voor Schone Kunsten (1818-1821) in Leuven. Hij studeerde verder aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Brussel, waar hij les kreeg van de Franse beeldhouwer François Rude. Toen Rude in 1827 naar Parijs terugkeerde, ging Stas ook die kant op. Hij werkte er mee aan Rudes reliëf Het vertrek der vrijwilligers van 1792 voor de Arc de Triomphe.Cor Engelen en Mieke Marx (2002) Beeldhouwkunst in België vanaf 1830. Brussel: Algemeen Rijksarchief en Rijksarchief in de provinciën, Studia 90. Volume III, p. 1455. Later vestigde hij zich weer in Leuven. Als zelfstandig beeldhouwer kreeg hij vooral bekendheid door zijn bustes, van onder anderen zijn vader Jean Stas, broer Jean Servais Stas, de kunstenaar Henri Van der Haert, diens oom en peetvader Martin Van der Haert en zijn vrouw en Andreas Vesalius.Marguerite Devigne (1924) "Stas (Guillaume)", Biographie Nationale, deel 23.

Salon van Brussel Stas toonde zijn werk meerdere keren op de salons van Brussel. In 1827 nam hij er deel aan een concours met zijn gipsen werk Le guide de Bélisaire en pleurs. Hij ontving daarvoor een accessit."Les principaux artistes du royaume", Le Belge, 22 mei 1827, p. 4. Het tafereel verwijst naar het verhaal van Byzantijnse generaal Belisarius, die volgens een legende zijn latere jaren blind en berooid doorbracht. Een aantal jaren eerder maakten Auguste Lambert Van Assche (1818) en Gilles-Lambert Godecharle (1822) een sculptuur van de generaal en zijn gids.Auguste Lambert van Assche : Belisarius en zijn gids, Gilles-Lambert Godecharle : Belisarius en zijn gids, Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België.

In 1836 nam Stas met onder anderen Gérard Buckens, Jozef Geefs, Louis Jéhotte, Eugene Simonis en Jean-Louis van Geel deel aan de salon. Hij toonde hij er een gipsen buste. Kunstcriticus Louis Alvin vond dat het gezicht was "vormgegeven met een groot gevoel voor eenvoud en waarachtigheid" en dat de huid levendigheid uitstraalde, maar dat het haar wat hard was weergegeven. Dat deed volgens Alvin afbreuk aan het werk "en heeft er zelfs toe geleid dat veel mensen de kwaliteiten die we zojuist hebben geprobeerd te benadrukken, niet hebben opgemerkt of herkend."Oorspronkelijk: "Un seul buste de M. G. Stas a signalé ce jeune talent à l'attention des connaisseurs. La figure en est modelée avec un grand sentiment de simplicité et de vérité. Toute la partie des chairs est pleine de vie. Les cheveux sont traités avec un peu de dureté , ils ont fait tort à l'ouvrage et ont même empêché beaucoup de monde d'y chercher et d'y reconnaître les qualités que nous venons d'essayer de faire ressortir." in Louis Alvin (1836) Compte-rendu du salon d'exposition de Bruxelles. Brussel: J.P. Meline. Stas ontving er desondanks een bronzen medaille voor."Namen der konstoeffenaren aen welke er eenen eerepenning is uytgereykt", Den Vaderlander, 10 januari 1837, p. 2; "Distribution des médaildes aux artistes", L'Emancipation, 14 januari 1837, p. 3.

In 1839 toonde Stas op de salon gipsen bustes van kunstschilder Henri Van der Haert en hoogleraar Jean-Baptiste Van Mons.Exposition nationale des beaux-arts : explication des ouvrages de peinture, sculpture, gravure, dessin et lithographie des artistes vivans, exposés au salon de 1839. Namen: Demortier frères, 1839. Bij zijn deelname in 1848 had hij een marmeren versie van de buste van Van Mons vervaardigd. De degelijke en strenge kenmerken van de school van Rude in dit werk werden gewaardeerd.Jacques van Lennep (1993) Les bustes de l'Académie royale de Belgique. Brussel: Académie royale de Belgique, Classe des beaux-arts. . p. 370-371. In opdracht van Charles Rogier, minister van Binnenlandse Zaken, werd de buste toegevoegd aan de collectie van de Académie royale des sciences, des lettres et des beaux-arts de Belgique."Correspondance", L'Indépendance belge, 19 november 1848, p. 5.

Guillaume Stas overleed op 56-jarige leeftijd.

Enkele werken 1827: Le guide de Bélisaire en pleurs in gips. Accessoires: Les attributes de la gloire et des infortunes de l'illustre proscrit."Société royale pour l'encouragement des beaux-arts, instituée a Bruxelles : Explication des ouvrages de peinture, sculpture, architecture, dessin et gravure, exécutés par des artistes vivans, et exposés au Salon". Brussel: P.J. De Mat, 1827. 1833-1836: Uitvoering van Het vertrek der vrijwilligers van 1792 (Le Départ des volontaires de 1792 of La Marseillaise), reliëf voor de Arc de Triomphe in Parijs naar een ontwerp van François Rude. ca. 1839: Buste van kunstenaar Henri Van der Haert (1790-1846). In 1839 getoond op de Salon van Brussel. De gipsen buste bevond zich in de Leuvense Academie, maar werd in 1914 bij oorlogshandelingen vernield. ca. 1839: Buste van hoogleraar Jean-Baptiste Van Mons (1765-1842). In 1839 werd het gipsen exemplaar getoond op de Salon van Brussel. 1848: Marmeren buste van Jean-Baptiste Van Mons, collectie Académie royale."Buste de Jean-Baptiste Van Mons, pharmacien, médecin, chimiste, physicien et agronome (1765-1842)", BALat, Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium.

Categorie:Belgisch beeldhouwer Categorie:Belgisch persoon in de 19e eeuw