Medaille van Velebit voor Moed (Kroatisch: Velebitska kolajna za junaštvo) werd op 1 januari 1932 door de Kroatisch leider dr. Ante Pavelić ingesteld.
GeschiedenisPrister 1997, p.68. In 1932 gaf de Ustaša-leider dr. Ante Pavelić opdracht tot het uitvoeren van sabotageacties in het dorp Brušane, gelegen in de regio Lika-Senj. Deze acties vonden plaats in de nacht van 6 op 7 september 1932. Tien geüniformeerde Ustaša-leden verplaatsten zich vanuit hun trainingskamp in Bovegno via Zadar naar het Velebit-gebergte. Met de hulp van een aantal lokale aanhangers vielen zij daar de barakken van de gendarmerie in Brušane aan.
Na de vuurgevechten trokken de Ustaša-leden zich terug, maar een week later werden ze alsnog door de gendarmerie ingehaald. Tijdens de daaropvolgende confrontatie sneuvelde één lid van de groep (Stipe Devčić) en raakte een ander gewond (Ante Pcjković). Na hun terugkeer in Italië werden de overlevende mannen op 1 december 1932 in het hoofdkwartier van de Ustaša onderscheiden voor hun aanval op de kazerne. Zij ontvingen hiervoor de zilveren Medaille van Velebit voor Moed.
Opvallend is dat de Velebit-medaille aanvankelijk niet werd opgenomen in de officiële regelgeving omtrent onderscheidingen van de Onafhankelijke Staat Kroatië (NDH). Dit gebeurde pas aan het einde van de oorlog, toen het staatshoofd dr. Ante Pavelić de medaille per decreet officieel aan het decoratiestelsel toevoegde. (Opmerking: historisch gezien vond deze officiële toevoeging plaats op 10 april 1945).
Het versiersel De voorzijde van de medaille staat de afbeelding van het rood-witte wapen van Onafhankelijke Staat Kroatië geplaatst in de Ustaša-letter “U”. Met rondom het opschrift: USTAŠA za Junačtvo (USTASCHA voor Moed). Op de achterzijde van de medaille, staat het wapen van de Kroatische Ustaša-organisatie "Hrvatski Domobran", een drieledig wapen dat de historische wapenschilden van Dalmatië, Bosnië en Slavonië combineert in een hartschild, met daarop het historische schaakbordwapen van Kroatië als schild. Het opschrift luidt: Za slobodnu i nezavisnu državu HRVATSKU (Voor een vrije en onafhankelijke staat Kroatië). De medaille heeft een diameter van 36 mm.
De medaille werd geslagen bij Braća Knaus (gebroeders Knaus) in Zagreb.
Het versiersel werd nog opgenomen in de ranglijst van Kroatische onderscheidingen op 10 april 1945; de medaille van Velebit voor Moed in zilver stond op de 25e plaats en de medaille van Velebit voor Moe in brons op de 32e plaats op de lijst.
KlassePrister 1997, p.12. Zilver (10 uitreikingen aan de Ustaše, die voor de "Velebit-opstand" het land binnenkwamen) Brons (4 uitreikingen aan de Ustaše, die in het vaderland de "Velebit-opstand" ondersteunden)
De gedecoreerden kreeg ook een maandelijkse toelage van 2500 HRK.
Er zijn geen batons of cassettes van.
Draagwijze De medaille werd gedragen aan het driehoekig lint op de linker borst.
Gedecoreerden Zilver Ivan Devčić (1904–1974) Ante Pejković Jakov Rukavina Petar Šarlija Rafael Boban (1907–na 1945) Mile Barešić Baljak Ventura Jure Devčić Pavao Devčić Matilda Devčić, postuum voor hun gesneuvelde zoon Stjepan Devčić
Brons Ivica Abramović Jerko Sudar Antun Šuper Josip Barić
Externe links Medalbook: afbeelding van de zilveren Medaille van Velebit voor Moed. Sammler.ru: afbeelding van de bronsen Medaille van Velebit voor Moed.
Categorie:Onderscheiding in Kroatië