Causard-Slégers was een Belgische klokkengieterij in Tellin in de provincie Luxemburg. De onderneming werd in 1832 opgericht door de Franse klokkengieter Charles Causard en bleef tot 1970 in bedrijf. In vier generaties werden in Tellin duizenden klokken gegoten, voornamelijk voor België maar ook voor het buitenland. Het bedrijf behoorde tot de belangrijkste klokkengieterijen van België.

Geschiedenis

Charles Causard De oprichter van de onderneming was Charles Causard, een klokkengieter afkomstig uit Bassigny in het Franse departement Haute-Marne. Op 14 juni 1832 leverde hij een klok aan de gemeente Tellin. De klok, die bestemd was voor de parochiekerk, woog ongeveer 806 pond. Causard besloot zich vervolgens in Tellin te vestigen en er een vaste klokkengieterij op te richten.

De vestiging in Tellin viel samen met een periode waarin het vervoer over de weg en later per spoor verbeterde. Hierdoor kon de productie vanuit Tellin naar een groter afzetgebied worden vervoerd. De onderneming ontwikkelde daarnaast activiteiten buiten Tellin en beschikte op een bepaald moment over vestigingen in onder meer Diekirch en Colmar.

De familie Slégers Na de eerste generaties Causard kwam de leiding van de onderneming in handen van de familie Slégers. Marie Causard (1866–1947), dochter van Hippolyte Causard, volgde haar familielid op aan het hoofd van de gieterij. Zij was gehuwd met Georges Slégers (1873–1941). Onder hun leiding werd de naam Causard-Slégers gebruikt.

Hun zoon Georges Slégers (1907–1970), ook bekend als Georges II Slégers, werd de laatste meester-klokkengieter van de dynastie. Na zijn overlijden in 1970 kwam een einde aan de productie in Tellin.

Productie De onderneming vervaardigde klokken voor kerken en kapellen in België. Daarnaast werden klokken geëxporteerd naar onder meer Nederland, Duitsland, Congo en Canada. Het Rijksarchief vermeldt dat de onderneming in haar bestaan ongeveer 3.800 klokken voor de Belgische markt vervaardigde; het volledige aantal geproduceerde klokken ligt volgens andere inventarissen aanzienlijk hoger.

In totaal werd in de gieterij naar schatting ongeveer 3.000 ton brons verwerkt. In de jaren 1950 en 1960 had het bedrijf meer dan 35 werknemers.

De klokken werden volgens een ambachtelijk productieproces vervaardigd. Daarbij waren onder meer het ontwerpen en berekenen van de klok, het vervaardigen van de mallen, het gieten en het afwerken van de gegoten klok onderdeel van het productieproces. De technische kennis werd binnen de onderneming voornamelijk van de ene generatie op de andere doorgegeven.

Tweede Wereldoorlog Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden in België op grote schaal kerkklokken door de Duitse bezetter gevorderd. Het brons werd gebruikt als grondstof voor de Duitse oorlogsindustrie. Ook klokken die door Causard-Slégers waren vervaardigd, werden daarbij weggevoerd.

Na de oorlog stelde de Belgische staat financiële middelen beschikbaar voor de vervanging van de verdwenen klokken. De Belgische klokkengieterijen kregen hierdoor opnieuw opdrachten voor de productie van kerkklokken.

Einde van de onderneming Georges II Slégers was de laatste meester-klokkengieter van de onderneming. Na zijn overlijden in 1970 werd de productie in Tellin beëindigd. Daarmee kwam na 138 jaar een einde aan de activiteit van de klokkengieterij.

De voormalige gieterij bleef als industrieel erfgoed bewaard. Het gebouwencomplex bevindt zich aan de Val des Cloches in Tellin. Het bevat nog delen van de historische inrichting en technische uitrusting van de gieterij.

Archief In 2011 schonk Philippe Slégers het familiearchief van de voormalige klokkengieterij aan het Rijksarchief. Het archief wordt bewaard in het Rijksarchief in Saint-Hubert en bevat onder meer correspondentie en dossiers betreffende duizenden klokken.

In 2017 werd een inventaris van het archief gepubliceerd. Het archief omvat ongeveer 22 meter documenten en maakt onderzoek mogelijk naar de geschiedenis van de onderneming, haar productie en haar klanten. De dossiers hebben betrekking op ongeveer 3.800 klokken die voor België werden vervaardigd.

Erfgoed De voormalige klokkengieterij van Tellin is beschermd als industrieel erfgoed. Op 12 mei 2022 werden verschillende bewaarde onderdelen van het interieur en de technische installatie bovendien erkend als Uitzonderlijk Waals Erfgoed. Het gaat onder meer om het behouden rollend materieel, een rolbrug, een oven en resten van een nagalmoven.

De voormalige gieterij geldt als een belangrijk onderdeel van het Belgische klokkenerfgoed. De site is verbonden met de geschiedenis van de productie van kerkklokken in België gedurende de negentiende en twintigste eeuw.

Zie ook

Klokkengieterij Campanologie Tellin Industrieel erfgoed Lijst van beschermd erfgoed in Wallonië

Literatuur

Philippe Slégers, Il était une fonderie de cloches à Tellin, 2004. Guy De Plaen, Les cloches de Tellin vers 1830, in: Tellin Fonderie, une fenêtre sur le patrimoine, nr. 1, p. 16–22. C.E.M. Réthymnon, I.E.A.C. L'Isle-Jourdain, Musée de Tellin, Cloches Carillons Musique, Commune de Tellin, 1998.

Externe links

Het archief van klokkengieterij Causard-Slégers – Rijksarchief in België De klokkengieterij van Tellin: uitzonderlijk Waals erfgoed – Rijksarchief in België

Categorie:Voormalig Belgisch bedrijf Categorie:Klokkengieterij