Ještěd was een warenhuis in het centrum van de Tsjechische stad Liberec. Het gebouw werd tussen 1968 en 1979 gebouwd en werd in 2009, ondanks protesten, gesloopt. Op dezelfde plaats werd vervolgens het winkel- en uitgaanscentrum Forum Liberec gebouwd.
Ligging
Het warenhuis bevond zich tussen het Soukenné náměstí en het Cultuurhuis van Liberec. Aan de westzijde werd het begrensd door de Jánská, terwijl zich aan de oostzijde een huizenblok bevond dat later in verband met de bouw van Forum Liberec werd gesloopt. Het warenhuis stond daarmee op een locatie die tot het centrum van het maatschappelijk leven van Liberec behoorde.
Beschrijving van het gebouw
Het gebouw werd ontworpen door de architecten Karel Hubáček en Miroslav Masák van de architectuurstudio SIAL. Bij het ontwerp lieten zij zich inspireren door verschillende andere disciplines, waaronder sociologie en psychologie, en door architectuur uit andere landen, waaronder traditionele architectuur buiten Europa. Ook de zogenoemde „SIAL-kleuterschool” had een belangrijk aandeel in de uiteindelijke vormgeving.
Opvallend was vooral de kleurstelling van de buitengevel, die bestond uit een donkerbruine bekleding van staalplaat met een atmofix-oppervlak en felgele tegels. Deze tegels werden vanuit het buitenland naar het toenmalige Tsjechoslowakije geïmporteerd. Het gebruik ervan was bedoeld om de omgeving meer kleur te geven.
Het interieur van het warenhuis was organisch ingericht, zonder een strikte indeling of een duidelijk vastgelegd systeem. Felle kleuren, die kenmerkend waren voor de architectuur van die periode, werden onder meer toegepast in het interieur van enkele wijnbars en restaurants. Het warenhuis was verdeeld in drie gedeelten, A, B en C, die elk een eigen functie hadden afhankelijk van het assortiment dat er werd verkocht. De plattegrond bestond uit langgerekte zeshoekige elementen die in verschillende clusters waren gegroepeerd. De ruimten van het warenhuis waren niet uitsluitend bestemd voor winkels. Er waren ook verschillende cafés, uitzichtterrassen en een uitkijktoren.
Geschiedenis
Project
Al sinds de Tweede Wereldoorlog bestonden er plannen voor een herinrichting van het centrum van Liberec. Een plan dat tijdens de annexatie van het grensgebied bij Nazi-Duitsland door Duitse autoriteiten was opgesteld, werd niet uitgevoerd. Elementen daarvan kwamen echter terug in plannen voor de herinrichting van de stad in de jaren vijftig, die waren gebaseerd op het socialistisch realisme. Geleidelijk ontstond het idee van een dienstencentrum dat niet alleen een modern warenhuis, maar ook een cultuurhuis en andere voorzieningen zou omvatten. Er werd een architectuurwedstrijd voor het warenhuis gehouden en er werd een winnaar aangewezen, maar het plan werd uiteindelijk niet uitgevoerd. De ontwikkeling van Liberec werd bovendien bemoeilijkt door de reorganisatie van de Tsjechoslowaakse staat in tien regio's. Liberec verloor daarbij zijn functie als regionale hoofdstad aan Ústí nad Labem, waardoor belangrijke investeringen voortaan vooral daar plaatsvonden.
In 1961 schreef de stad een architectuurwedstrijd uit voor de bouw van een nieuw warenhuis dat de zuidzijde van het Soukenné náměstí moest afsluiten. Het oorspronkelijke ontwerp voorzag in een vrij eenvoudig vierkant gebouw. Pas na een architectuursymposium in 1966 en een nieuw ontwerp uit 1968 begon de uiteindelijke vorm van het gebouw duidelijker zichtbaar te worden, met name de plattegrond die uit met elkaar verbonden zeshoeken bestond. Het oorspronkelijke ontwerp ging uit van een vierkante plattegrond die werd aangevuld met andere, elkaar overlappende geometrische vormen. De ontwerpers lieten zich hierbij inspireren door de tentoonstelling Expo 67 en in het bijzonder door het Israëlische paviljoen. De constructie werd uiteindelijk gebaseerd op vierkante blokken, waarbij diagonaal geplaatste scheidingswanden een zeshoekige plattegrond vormden. Het definitieve ontwerp voorzag in een specifieke bestemming voor de verschillende ruimten, zowel voor de verkoop van bepaalde soorten goederen als voor evenementen zoals modeshows en meubeltentoonstellingen. Een bijzonder element waren de verwarmde terrassen, die rekening hielden met het koudere klimaat van Liberec.
Bouw
Een eerste stap naar de bouw was de opheffing van de tramverbinding tussen Rochlice en Růžodol I in 1960. Deze werd vervangen door stadsbussen. Ook werd riolering aangelegd in het geplande bouwgebied. Door de sloop van de bestaande gebouwen kwam een terrein van 18.200 m² beschikbaar. De bouwwerkzaamheden aan het nieuwe warenhuis begonnen in 1968. Een jaar later werden stenen van de bouwplaats gebruikt tijdens de ongeregeldheden rond de eerste verjaardag van de bezetting van Tsjechoslowakije door troepen van het Warschaupact.
De belangrijkste opdrachtgever was het ministerie van Binnenlandse Handel. Later raakten verschillende andere staatsbedrijven bij het project betrokken. Een belangrijk probleem was de draagkracht van de bodem, die door de nabijgelegen Lužická Nisa drassig was. Dit probleem werd opgelost door het stalen skelet van het gebouw op putfunderingen te plaatsen. Ook ontstonden problemen in de samenwerking met aannemers, waardoor de bouwperiode geleidelijk langer werd dan de oorspronkelijk geplande twee jaar. Op verzoek van een samenwerkingsverband van negen investeerders, waarvan het handelsbedrijf TEXTIL LIBEREC de grootste was, werd het project uiteindelijk opgevat als drie afzonderlijke warenhuizen die naast elkaar lagen en op de begane grond door passages en op de verdieping door terrassen met elkaar waren verbonden. De drie paviljoens deelden alleen de expeditie en de magazijnen in de kelder.
Het eerste paviljoen, A, werd op 1 december 1978 in gebruik genomen. De overige twee, B en C, volgden op 16 juli 1979. Met een verkoopoppervlakte van 8.000 m² behoorde het warenhuis tot de grootste warenhuizen van zijn soort in het toenmalige Tsjechoslowakije.
Exploitatie
De inwoners van Liberec verschilden sterk van mening over het voltooide gebouw. Een deel van de bevolking vond het warenhuis interessant, terwijl anderen het uitgesproken lelijk vonden en niet vonden passen in het stadscentrum. Het gebouw werd ook gezien als een symbool van het toenmalige regime, hoewel het ontwerp was geïnspireerd door architectuur buiten het Oostblok. Het warenhuis was samen met het stadhuis van Liberec en het berg- en televisiehotel Ještěd een van de gebouwen die het vaakst werden afgebeeld op ansichtkaarten, in boeken en in ander promotiemateriaal.
In juni 1992 werd het gebouw overgenomen door de Amerikaanse winkelketen Kmart. Vanaf eind april 1996 was het eigendom van Tesco Stores ČR. De nieuwe eigenaren voerden verschillende verbouwingen van het interieur uit om het warenhuis beter aan te laten sluiten bij de eisen van de moderne detailhandel. Tijdens deze verbouwingen verdween onder meer de oorspronkelijke tabakswinkel, die de vorm had van een luciferdoosje.
Sloop
De maatschappelijke veranderingen na 1989 veranderden de winkelcultuur ingrijpend. Veranderende gewoonten en behoeften vormden een grote uitdaging voor warenhuis Ještěd, omdat het concept van het gebouw snel verouderd raakte. Vanaf het midden van de jaren negentig werd steeds vaker gesproken over de sloop van het gebouw. In 2005 werd de kwestie ook door het stadsbestuur van Liberec besproken, in verband met bedrijven die de geplande herontwikkeling moesten uitvoeren. Er werd een petitie ingediend.
Het voorstel om Ještěd te slopen en te vervangen door een modern winkel- en uitgaanscentrum verdeelde zowel deskundigen als de bevolking. Tegen de sloop vonden verschillende protesten plaats. Pogingen van tegenstanders om het gebouw tot cultureel monument te laten verklaren hadden geen succes, ondanks verschillende brieven en de steun van tientallen deskundigen die opname op de lijst van onroerende culturele monumenten bepleitten. Het initiatief voor de bescherming van het gebouw werd genomen door Jiří Suchomel, destijds vice-decaan van de faculteit Bouwkunde van de universiteit van Liberec.
De Nederlandse onderneming MultiDevelopment kreeg vervolgens samen met Tesco toestemming om het gebouw te slopen en op de locatie een nieuw winkelcentrum, Forum Liberec, te bouwen naar een ontwerp van architect Radim Kousal. Eerst werd direct naast Ještěd een nieuw gebouwencomplex gebouwd. Tesco verhuisde binnen enkele dagen naar dit nieuwe complex. Pas daarna begon de sloop van het oude warenhuis. De sloop vond plaats van maart tot mei 2009. De oplevering van het nieuwe winkelcentrum was gepland voor het najaar van 2010. Tijdens de sloop werden enkele onderdelen van de gevelbekleding en het interieur door medewerkers van het Nationaal Technisch Museum verwijderd om ze te bewaren.
Een belangrijk nadeel van warenhuis Ještěd was het grote oppervlak dat werd ingenomen door voor commerciële doeleinden moeilijk bruikbare passages en terrassen. Daarnaast was de parkeercapaciteit met slechts 50 plaatsen ontoereikend.
Warenhuis in de kunst
Regisseur David Ondříček gebruikte het warenhuis in 2006 als locatie voor verschillende scènes in zijn film Grandhotel.
In 2012 bracht rapper Paulie Garand het nummer Pavučina lží uit. In het nummer en de bijbehorende videoclip bracht hij een eerbetoon aan architect Karel Hubáček en aan het inmiddels gesloopte warenhuis Ještěd.
De sloop van het warenhuis werd fotografisch vastgelegd door Jiří Jiroutek in zijn publicatie en tentoonstelling Už nejdu do Ještědu. („Ik ga niet meer naar Ještěd.”).
Categorie:Tsjechisch warenhuis