Martinus de Bruijn (Amsterdam, 2 februari 1806 – Amsterdam, 25 april 1888) was een Nederlands suikerraffinadeur, gasfabrikant en firmant in de firma C. de Bruyn & Zonen gevestigd te Amsterdam.

Biografie Martinus werd 2 februari 1806 geboren als zoon van de suikerraffinadeur Cornelis de Bruijn Martinuszoon (1777-1834) en Christina Catharina Holtzman (1773-1829), hij maakte deel uit van het patriciërsgeslacht de Bruijn. In zijn 28ste levensjaar werden de firmanten van C. de Bruyn & Zonen veroordeeld tot een boete van vijftien franc en een gevangenisstraf van vijf dagen wegens het in bezit hebben van een valse weegschaal die werd gebruikt bij het wegen van suiker. Een week later overleed zijn vader.

Op 13 september 1841 kocht De Bruijn, naast zijn huis in Amsterdam op de Herengracht 576, met een van zijn broers het landgoed Warnsborn te Arnhem. De vorige bewoner Willem Roëll van Hazerswoude was een half jaar eerder overleden. Op loopafstand van het landgoed heeft Christiaan Hendrik de Bruijn samen met Mr. Willem Gerard baron Brantsen van de Zijp een leidende rol gespeeld in de ontwikkeling van het dorp Schaarsbergen.

Ondernemerschap

De Nederlandsche Suikerraffinaderij De Bruijn was net als zijn vader werkzaam als suikerraffinadeur in Amsterdam. Na het overlijden van zijn vader in 1834 nam hij samen met zijn broers Christiaan Hendrik en Adriaan het bestuur van de raffinaderijen over. Na meerdere uitbreidingen en de bouw van een grote suikerraffinaderij op het Bolwerk Osdorp werd in 1848 besloten om de raffinaderijen onder te brengen in een N.V. de Nederlandsche Suikerraffinaderij (NSR). De Bruijn bleef met zijn broers aan als directeuren van deze vennootschap tot 16 november 1857.

De Hollandsche Gaz Compagnie miniatuur|De bouw van de Hollandsche Gasfabriek, Cornelis Springer (1847) In 1846 hebben de gebroeders de Bruijn een gasfabriek opgericht om hun raffinaderijen van licht en brandstof te voorzien. Dit was hoofdzakelijk een reactie op de hegemonie over de Amsterdamse gasmarkt van de Engelse Imperial Continental Gas Association (ICGA). Als tegenreactie op de hoge prijzen streefden de heren de Bruijn naar een goedkoper Nederlands alternatief. Om dit te realiseren richtte zij dat jaar De Hollandsche Gaz Compagnie op waarna ze van de gemeente Amsterdam een concessie kregen om pijpleidingen aan te leggen en gas te leveren aan haar inwoners. Op 1 januari 1875 treden in de plaats van de Bruijn zijn twee broers, zijn zonen Henri Louis en Edouard Chrétien Corneille aan als besturend vennoten van de gasfabriek. In 1885 is de concessie voor de gaslevering opgezegd door de gemeente Amsterdam en weer aan de ICGA verleend. De fabriek stond waar zich nu de Den Texstraat, de Nicolaas Witsenstraat en de Pieter Pauwstraat bevinden.

Stoom-beetwortelsuikerfabriek "Azelma" Na hun aftreden bij de Nederlandsche Suikerraffinaderij stortte de gebroeders de Bruijn zich al snel op een volgende onderneming. De winning van suiker uit suikerbieten stond nog in de kinderschoenen maar in 1858 richtte Martinus, Christiaan Hendrik en Adriaan de Bruijn de Stoom-beetwortelsuikerfabriek "Azelma" op in Zevenbergen. Deze fabriek richtte zich op het winnen van suiker uit suikerbieten welke veel in de regio van Zevenbergen werden verbouwd. Adriaan de Bruijn is in Zevenbergen gaan wonen en was samen met zijn broers directeur van de fabriek die naar zijn vrouw Mary Ann Jane Azelma Bellamy (1820-1889) is vernoemd. Ook hier werd een zoon van Martinus later aangesteld als mede besturend vennoot. In 1883 is door Martinus en zijn zoon Edouard Chrétien Corneille de "Maatschappij voor landbouw en beetwortelsuiker-industrie" opgericht als opvolger van de voornoemde maatschap in Zevenbergen.

Huwelijk en kinderen miniatuur|280x280px|Marie Amélie Georgine Conquéré de Monbrison (1825-1895), 1848 gedateerd. De Bruijn trouwde in 1847 met Marie Amélie Georgine Conquéré de Monbrison (1825-1895). Uit dit huwelijk werden vijf kinderen geboren:

Categorie:Suikerindustrie Categorie:Nederlands ondernemer Categorie:Nederlands industrieel