Het rood vlekje (Arthonia vinosa) is een korstmos uit de familie Arthoniaceae. De soort werd in 1856 beschreven door de Britse botanicus William Allport Leighton. De fotobiont behoort tot het algengeslacht Trentepohlia.

Kenmerken Het thallus is korstvormig, zeer dun en vaak grotendeels in het substraat verzonken. Het is witachtig tot bleek geelbruin en vertoont vaak geel- tot oranjeachtige vlekken. Deze gekleurde delen reageren met kaliumhydroxide (K) paars. De apotheciën zijn ongeveer rond, bol en 0,2–0,5(–0,6) mm in diameter. Ze zijn oranje-roodbruin tot bruinzwart en meestal niet berijpt.

De ascosporen zijn kleurloos wanneer ze jong zijn, éénmaal gesepteerd en omgekeerd eivormig-ellipsoïdaal tot enigszins knotsvormig. Ze meten ongeveer 11–15 × 4–5 µm. Oudere sporen kunnen bruin en wrattig worden. Pycnidiën zijn vaak aanwezig; de daarin gevormde conidiën meten ongeveer (3,5–)4–6 × 1 µm.

Een kenmerkende reactie is de paars- tot magentakleuring van de oranje pigmenten met K. Het thallus reageert C−, Pd− en UV−.

Ecologie Het rood vlekje groeit vooral op de schors van oude bomen in oude loofbossen en parkachtige bossen. Het wordt met name op oude eiken (Quercus) aangetroffen, maar kan ook op andere loofbomen, waaronder els (Alnus), voorkomen. Soms groeit de soort op ontschorst hout. In Groot-Brittannië wordt de soort vooral aangetroffen in oudere bossen en op oude bomen en wordt hij beschouwd als kenmerkend voor bossen met een lange ecologische continuïteit.

Verspreiding Arthonia vinosa is bekend uit Europa, Noord-Amerika, Australië en Nieuw-Zeeland.

In Nederland is het rood vlekje een 'zeer zeldzame' soort. Het groeit er op bomen, voornamelijk in bossen. Op de Nederlands Rode Lijst voor korstmossen van 2024 staat de soort in de categorie 'Gevoelig'.

Categorie:Arthoniaceae Categorie:Korstmossoort