De Karimunjawa-archipel (Indonesisch: Kepulauan Karimunjawa) is een groep van 27 eilanden in de Javazee. De archipel ligt ongeveer 80 kilometer ten noorden van Jepara en maakt deel uit van de provincie Midden-Java van Indonesië. De naam is afgeleid van de Javaanse taal en betekent "op een steenworp van Java".

Volgens de plaatselijke folklore werd de archipel ontdekt door Sunan Nyamplungan (Amir Hasan), een zoon van een van de Wali Songo, de negen heiligen die de islam naar Java brachten. Hij zou zich op het hoofdeiland hebben gevestigd om de leer van zijn vader te verspreiden. Zijn graf op Karimunjawa is een belangrijk bedevaartsoord.

In 1818 stelde Nederland een Pruisische edelman, genaamd Carel Rudolph von Michalofski (1792-1854), aan tot posthouder van de eilanden. Diens eerste taak was om de daar alomtegenwoordige zeerovers te verdrijven. Daarna moest hij met 1.100 langgestraften op de eilandjes een negorij stichten. Binnen vijftien jaar wist hij van het beruchte zeeroversnest een bloeiende archipel te maken. De nederzetting werd tijdens de Java-oorlog van 1825–1830 tijdelijk door de Nederlanders verlaten, maar de voormalige veroordeelden bleven er als kolonisten achter. De kokosplantages die tijdens de voorafgaande periode waren aangelegd, vormden een belangrijke bron van inkomsten, net als de visserij.

De lokale bevolking leeft voornamelijk van de visserij, zeewierteelt en in toenemende mate van het toerisme. Bezoekers reizen meestal per veerboot vanaf Jepara of Semarang. Daarnaast is de eilandengroep bereikbaar vanaf Java via het vliegveld vliegveld Dewadaru op het eiland Kemujan.

In 2001 werd een groot deel van de archipel uitgeroepen tot het nationaal park Karimun Java om de biodiversiteit te beschermen, waaronder: meer dan 250 soorten hard koraal zeeschildpadden (waaronder de soepschildpad}, de doejong en vele tropische vissen. uitgestrekte mangrovebossen die de kustlijn beschermen tegen erosie.

Categorie:Indonesische eilandengroep Categorie:Midden-Java