"Dame Marie Helene" Clementine Dierick (Lokeren, 16 maart 1890 – Luzon, 7 februari 1946) was een Vlaamse missiezuster van de orde Missionarissen van Sint-Augustinus die 26 jaar in de Filipijnen actief was in onderwijs en zorg. Specifiek van 1933 tot 1945 ter verzorging van melaatsen. Persoonlijk leven Jonge jaren Clementine Dierick is geboren op 16 maart 1890 te Eksaarde (deelgemeente van Lokeren) als jongste van zes kinderen uit een landbouwers familie. Zes maanden oud sterven haar beide ouders aan tyfus. Clementine wordt geplaatst in het weeshuis bij de zusters van St. Vincentius a Paulo te Eksaarde.

Op haar negentiende gaat ze dienen bij een familie in Brussel. Na enige tijd is het voor haar duidelijk, ze wil haar leven wijden aan de roeping als missiezuster.

In het klooster Op 13 maart 1912 treedt  Clementine Dierick in het klooster van de Kanunnikessen- Missionarissen van Sint- Augustinus te Roeselare. Op 29 september 1913 legt zij haar geloften af en onder de kloosternaam “Dame Marie Helene”.

In het voorjaar van 1914 gaat zuster Helene naar Kopenhagen voor een opleiding in de ziekenverpleging.

Wereldoorlog I Bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog beslist haar congregatie om haar onmiddellijk te laten terug keren naar België. Op 5 augustus 1914 bereikt zij haar klooster te Roeselare. Bij enkele zware bombardementen in Roeselare wordt eind 1914 het retraitehuis van de paters Redemptoristen ingericht als veldhospitaal. Daar werd zij begin 1915 aangesteld als hoofdverantwoordelijke voor de verpleging van de jonge gewonde soldaten.  

Bij het manipuleren van de kledij van de soldaten komen er restanten van chloorgas, dat de Duitsers vanaf 22 april 1915 gebruikten, vrij. Een regelrechte aanslag op luchtwegen en longen waardoor er voor het eerst sprake is van het feit dat Dame Marie Helene astmatisch wordt. Eind 1915 wordt het hospitaal in Roeselare omgevormd tot tijdelijk onderkomen voor vluchtelingen. Daarmee kwam een einde aan haar taak als verpleegkundige.

Begin 1916 wil haar congregatie Dame Marie Helene op missie sturen in de Antillen. Het schip de "Rijndam", waarmee de reis moest gebeuren vanuit Rotterdam naar New York, loopt echter op 18 januari 1916 op een zeemijn. Dame Marie Helene bereikt Engeland via Vlissingen in februari 1916. Daar verblijft ze in de St. Paul ’s Convent te Brighton tot het einde van de oorlog. In de lente van 1919 keert ze dan terug naar haar congregatie in Roeselare.

De Filipijnen miniatuur|Bidprentje Dame Marie Helene Op 25 juli 1919 vertrekt Dame Marie Helene voorgoed uit Vlaanderen richting Filipijnen. Op 28 juli 1919 doet ze de grote oversteek vanuit Barcelona om op 4 september 1919 Manilla te bereiken. Haar eerste werkterrein was in het onderwijs op het eiland Luzon in het stadje Tagudin gelegen aan de kust van de Zuid-Chinese zee. In 1926 wordt ze aangesteld als directrice van de school "Holy Family Academi" te Bagio.

Melaatsen In 1933 wordt door het lokale ministerie van gezondheid aan haar congregatie gevraagd om in het staatsleprosarium van Mandaue op het eiland Cebu melaatse kinderen en volwassen bij te staan en te verzorgen. Melaatsen werden in die tijd geïsoleerd en verbannen uit de samenleving. Op haar verzoek wordt ze die taak toegewezen. Algauw noemen de melaatsen haar "Mother Helen"

Japanse bezetting Wanneer de Tweede Wereldoorlog begint heeft dit gevolgen voor de hele wereld. Op 7 december 1941 vernietigen de Japanners de Amerikaanse Pacific Fleet in Pearl Harbour op Hawaï. Daaropvolgend worden op 8 december 1941 ook de Filipijnse eilanden aangevallen. Vanaf 10 april 1942 wordt ook Cebu veroverd. Voor het leprosarium betekent de Japanse bezetting dat de medische staf wordt weggevoerd door de guerrilla's. Dame Marie Helene kan hen echter overtuigen om als enige te blijven. De daaropvolgende maanden tot april 1945 blijft zij, zonder enige hulp van buitenaf, een grote groep melaatsen verzorgen. Mother Helen wordt wel hierbij, zoveel als mogelijk, bijgestaan door zieken die binnen de leprozengemeenschap er beter aan toe zijn.

Bevrijding, overlijden en begrafenis miniatuur|387x387px|Standbeeld van Dame Marie Helene in de Filipijnen opgericht door de melaatsen in 1956 In april 1945 worden de Filipijnse eilanden door de Amerikanen bevrijd. In het leprosarium treffen de Amerikaanse soldaten Mother Helen totaal uitgeput aan. Om haar beter te kunnen verzorgen wordt zij door de Amerikanen per vliegtuig overgebracht naar het Santiago Hospitaal in Manilla. Ze wordt op rust gesteld in het klooster te Silang op het eiland Luzon waar ze uiteindelijk toch meer en meer verzwakt. Ze overlijdt daar op 7 februari 1946.

Het was haar wens om begraven te worden in het leprosarium te Mandaue. Toch werd ze eerst begraven op het kerkhof te Silang in Manilla. Na 10 jaar en veel aandringen van de plaatselijke overheid en de melaatsen worden in 1956 haar stoffelijke resten overgebracht naar het leprosarium. Op dat ogenblik wordt een levensgroot beeld van haar met een melaatse gebeiteld en wordt haar kist in de sokkel van dit monument bijgezet. (zie foto hiernaast)

Naar aanleiding van haar 50 jaar overlijden hebben enkele familieleden in 1996 het leprosarium bezocht. Door een schenking kon een kleiner beeldje (dat bij het nieuws van haar overlijden in 1946 reeds door een melaatse als eerste gedenkteken voor hun “Mother Helen” werd gebeiteld) worden meegebracht naar Eksaarde waar het in de O-L-V-Hemelvaartkerk staat opgesteld.

Categorie:Kloosterorde in het christendom