Madeleine (Minou) Braet (Bevere bij Oudenaarde, 25 december 1909 - Gent, 14 maart 1998) was een drijvende kracht in de uitbouw van de Katholieke Actie voor Vrouwen te Oudenaarde, waar ze ook enkele jaren CVP gemeenteraadslid was.
Levensloop Braet was de dochter van de Oudenaardse advocaat en verzetsheld Jozef Braet, die in 1916 werd gefusilleerd door de Duitsers. Haar moeder, Honorine De Ruyter, hertrouwde in 1922 met Maurice Thienpont, de broer van senator en burgemeester Léon Thienpont. Braet kwam dus uit een invloedrijke en vermogende Oudenaardse familie.
Ze volgde de lagere school aan het Institut des Soeurs de la Visitation te Gent (1917-1922) en de middelbare school aan het Pensionnat Notre Dame Nouveau Bois te Gent (1923-1926).
Als jonge vrouw werd Minou Braet de spil achter de afdeling van de Vrouwelijke Katholieke Burgersjeugd (VKBJ) te Oudenaarde, en dit van 1932 tot bij haar afscheid in 1955. Ze nam onder andere deel aan het 24ste Internationaal Eucharistisch Kongres te Boedapest (mei 1938). Ze had ook goede contacten met het diocesaan VKBJ-secretariaat in de Gentse Peperstraat en met Christine de Hemptinne (1895-1984), de “presidente” van het Vrouwelijk Jeugdverbond voor Katholieke Actie (VJVKA).
Braet werkte sinds 1932 als ontvanger der Commissie van Openbare Onderstand te Oudenaarde. Tijdens en na de Tweede Wereldoorlog zette ze zich in voor tal van caritatieve werken zoals het Rode en Wit-Gele Kruis, de lokale Dienst voor Arbeiders in den Vreemde en het Katholiek Huishoudelijk Hulpbetoon. De VKBJ was in Oudenaarde ook nauw betrokken bij de leiding van het lokale vakantiepatronaat.
Na haar deelname in de verspreiding van vaderlandslievende pamfletten, haar weigering om met hulporganisaties zoals Winterhulp samen te werken en na een botsing met burgemeester André Vandenberghe (VNV - DeVlag), werd ze aangehouden op 29 augustus 1942 en door het Duitse krijgsgerecht tot twee maanden gevangenisstraf veroordeeld (Nieuwe Wandeling te Gent, september-oktober 1942). De S.G.A.R.A. (Service Général des Agents de Renseignement et d'Action) erkent haar statuut als behorende tot een inlichtingen- of weerstandsorganisatie tussen 1 maart en 29 augustus 1942, waarvoor haar het Kruis van Politieke Gevangene 1940-1945 uitgereikt wordt.
In 1952 werd Madeleine Braet verkozen als gemeenteraadslid voor de CVP. Ze behoorde volgens ODIS tot de burgerlijke vleugel van die partij en werkte onder andere nauw samen met senator Agnès della Faille d'Huysse.
Na 1956 hebben Braet en haar vriendinnen zich ook ingezet voor de opvang van Hongaarse vluchtelingen.
Haar archief wordt bewaard in KADOC.
Categorie:CVP-politicus (België)