Willem Colson Aberson (Brielle, 9 april 1784 – Stad-Doetinchem, 25 maart 1843) was een Nederlands officier en bestuurder. Hij was majoor der infanterie en van circa 1833 tot zijn dood in 1843 burgemeester van Stad-Doetinchem. Door zijn huwelijk in 1822 met Wilhelmina Elisabeth Planten, een dochter van burgemeester Evert Jan Planten, vormde hij een schakel in een lokale bestuurlijke dynastie van schoonvaders, schoonzonen en kleinzonen die ook zelf weer hoge ambten in de Nederlandse rechterlijke macht zouden bekleden."Complete lijst met de burgemeesters der Stad Doetinchem", regionaal-historisch overzicht Doetinchem 1832.Evert Godfried Colson Aberson, lemma op de Nederlandstalige Wikipedia, gebaseerd op het Nederland's Patriciaat.
Familie en achtergrond Willem Colson Aberson werd geboren te Brielle als zoon van Jacob Jan Colson Aberson en Johanna Amelia Elisabeth Wijginck. Hij behoorde tot het patriciaatsgeslacht Aberson, opgenomen in Nederland's Patriciaat.
Militaire loopbaan Aberson diende als beroepsmilitair en bracht het waarschijnlijk tot de rang van majoor der infanterie. Over de details van zijn militaire loopbaan zijn in publiek toegankelijke bronnen weinig gegevens overgeleverd; in de regionale literatuur en in de overlijdensakte van zijn zoon wordt hij consequent met het predicaat "majoor" aangeduid.
Burgemeesterschap van Stad-Doetinchem Aberson vestigde zich in de jaren 1820 in Stad-Doetinchem, waar zijn schoonvader Evert Jan Planten tot diens dood in 1832 burgemeester was. Tussen 1832 en 1833 werd het ambt waargenomen door wethouder Hendrikus Frederik Cremer; vervolgens werd Aberson tot burgemeester benoemd. Hij vervulde deze functie tot zijn overlijden op 25 maart 1843.
Hij werd na zijn overlijden opgevolgd door de toen 79-jarige wethouder Wolter Derk Coops (1764–1847), die het ambt slechts vier jaar zou bekleden.
Huwelijken en nageslacht Aberson huwde op 18 juli 1822 te Stad-Doetinchem met Wilhelmina Elisabeth Planten (1795–1838), de tweede dochter van burgemeester Evert Jan Planten en Frederika Eerligh. Met dit huwelijk werd hij de schoonzoon en uiteindelijk ook de opvolger van zijn schoonvader. Het echtpaar kreeg drie kinderen:
Frederica Johanna Amelia Elisabeth Colson Aberson (huwde een telg uit het geslacht Tricht);
Evert Godfried Colson Aberson (Doetinchem, 17 april 1824 – Velp, 14 december 1886), jurist en van 11 december 1875 tot 10 maart 1885 raadsheer bij het Gerechtshof Leeuwarden;
Everhard Jan Jacob Colson Aberson (Doetinchem, 1 augustus 1828 – 1894), jurist en kantonrechter te Zevenaar.
Na het overlijden van zijn eerste vrouw in 1838 hertrouwde Aberson met Jacoba Louwrentia Muller. Uit dit tweede huwelijk zijn voor zover bekend geen kinderen voortgekomen.Genealogische gegevens van Willem Colson Aberson, ontleend aan MyHeritage Family Trees en aan de civiele huwelijks- en overlijdensregisters van Stad-Doetinchem in het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers.
Een kleinzoon, Jan Willem Colson Aberson (1851–1909), zoon van Evert Godfried, werd advocaat en procureur te Arnhem en zette daarmee de juridisch-bestuurlijke traditie van het geslacht voort.
De Planten-Aberson-dynastie In de eerste helft van de 19e eeuw vormde de bestuurlijke opvolging in Stad-Doetinchem een vrijwel dynastieke aangelegenheid. Burgemeester Evert Jan Planten (1813–1832) werd opgevolgd door wethouder Hendrikus Frederik Cremer (1832–1833) en vervolgens door zijn schoonzoon Aberson (1833–1843). Beide families bezaten ruime onroerende goederen in de Hamburgerstraat en in andere delen van de binnenstad. De zonen van Aberson kozen voor de rechterlijke macht en bekleedden in het laatste kwart van de 19e eeuw aanzienlijke posities in respectievelijk Leeuwarden en Zevenaar.
Overlijden en begrafenis Aberson overleed op 25 maart 1843 te Stad-Doetinchem; zijn overlijdensakte werd op 27 maart 1843 in het overlijdensregister opgenomen. Hij werd begraven op de Stadsbegraafplaats aan de Dominee Van Dijkweg in Doetinchem, op een graf dat hij later met beide echtgenotes deelt."Aberson Willem Colson en Planten Wilhelmina Elisabeth en Muller Jacoba Laurentina", graf-fiche van de Stichting Behoud Stads- en Ambtsbegraafplaats Doetinchem. Het is dezelfde begraafplaats waarvoor zijn schoonvader Evert Jan Planten in 1828 de grond aan de gemeente had verkocht.
Zie ook
Lijst van burgemeesters van Doetinchem Dirk Simons (latere burgemeester)
Categorie:Burgemeester van Doetinchem Categorie:Nederlands militair Categorie:Nederlands bestuurder