De pausverkiezing van 1227 vond plaats op 19 maart 1227, daags na het overlijden van paus Honorius III, en leidde tot de verkiezing van Ugolino di Segni als paus Gregorius IX.
Deze pausverkiezing was sensu stricto nog geen conclaaf, omdat de kardinalen niet werden opgesloten.
Achtergrond Honorius III had tijdens zijn pontificaat geprobeerd een evenwicht te bewaren tussen de pauselijke autoriteit en de ambities van Frederik II. Hij had de keizer herhaaldelijk aangespoord om zijn kruistochtgelofte na te komen, maar zonder definitieve resultaten. Toen Honorius overleed, bevond de Kerk zich in een situatie waarin sterke leiding noodzakelijk was. De kardinalen waren vrijwel allemaal in Rome aanwezig, wat de organisatie van de verkiezing vergemakkelijkte. Verloop De verkiezing vond plaats op 19 maart 1227, één dag na de dood van Honorius III. De kardinalen kwamen bijeen in het Septizodium te Rome, en bereikten snel consensus. Ugolino di Segni, een van de meest ervaren en invloedrijke figuren binnen de Romeinse Curie met een lange staat van dienst als diplomaat, jurist en pauselijk legaat, werd unaniem gekozen. Na zijn aanvaarding van het ambt nam hij de naam Gregorius IX aan. Hij werd kort daarna gewijd en begon vrijwel onmiddellijk met het formuleren van zijn beleid ten aanzien van zowel de kruistochten als de keizer van het Heilige Roomse Rijk.
Nasleep Het pontificaat van Gregorius IX zou uitgroeien tot een van de meest bepalende van de 13e eeuw. Hij zette druk op Frederik II om zijn kruistochtgelofte na te komen, wat uiteindelijk leidde tot de Zesde Kruistocht. Tegelijkertijd verslechterden de relaties tussen paus en keizer snel, wat uitmondde in openlijke conflicten en wederzijdse excommunicaties. Gregorius IX speelde ook een belangrijke rol in de verdere ontwikkeling van het canoniek recht, onder meer door de publicatie van de Decretales Gregorii IX (1234), een verzameling van duizenden decretalen van zijn voorgangers en hemzelf.
1227 Categorie:Christendom in de middeleeuwen Categorie:1220-1229