De Laar was een slotje in de Nederlandse plaats Sint-Oedenrode, provincie Noord-Brabant. Van het slotje zijn geen zichtbare restanten bewaard gebleven, maar de kasteelboerderij Grote Laar is wel behouden.

Geschiedenis Lucas van Erp bezat in 1360 de heerlijkheid De Laar, inclusief het slotje en de hoeve. Na Van Erp kwam De Laar in eigendom bij de families Van der Aa, Scoeffse en Van Cortenbach.

De familie De Merode kreeg eind 16e eeuw De Laar in handen en splitste het goed op in drie delen, waarbij de Grote en Kleine Laar naar een zoon respectievelijk een dochter gingen.

Virginia Tseraerts kreeg het kasteel in 1618 in bezit. Via Jacob d'Alley kwam De Laar toe aan Hyacint d'Alley, die eind 17e eeuw de laatste bewoner zou worden.

Eind 17e eeuw raakte De Laar in verval en in 1698 bleek het deels te zijn ingestort. Hoeve de Grote Laar op de voorburcht werd in 1699 opnieuw opgebouwd.

Beschrijving Het kasteel bestond uit een zware toren met een aanbouw. Zowel het kasteel als de bijbehorende voorburcht met de hoeve waren omgracht. In 1607 zou De Laar nog als een sterk kasteel worden omschreven.

Op de voormalige kasteellocatie is een moderne boerderij neergezet die de naam Kleine Laar draagt. Hier zijn de fundamenten van kasteel De Laar terug gevonden.

De boerderij op de voormalige voorburcht wordt de Grote Laar genoemd. Deze langgerekte, rechthoekige kortgevelboerderij telt twee bouwlagen en een zolder onder een zadeldak. In de voorgevel is een duiventil aangebracht. De boerderij is een rijksmonument.

In de parochiekerk was een aparte kapel voor de heren van De Laar: het Laars Choorken. Hier werden zij tevens begraven.

Categorie:Verdwenen kasteel in Nederland Categorie:Kasteel in Noord-Brabant Categorie:Bouwwerk in Meierijstad