Oscar Achiel Verschuere (Kaster, 30 juli 1877 - Gent, 14 september 1917) was een Belgisch spion en handelaar uit Waregem. Tijdens de Eerste Wereldoorlog maakte hij deel uit van het spionagenetwerk Pégoud. Hij werd opgepakt door de Duitse bezetter en geëxecuteerd op de schietbaan in Gent, samen met acht anderen.
Afkomst Oscar Verschuere werd in Kortrijk geboren op 30 juli 1877. Hij vestigde zich in Waregem als verkoper van schoenen en lederwaren aan de stationsstraat. Verschuere was getrouwd en had vier kinderen, waaronder zijn zoon Wilfried, die later nog verzetsstrijder zou zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog bij de Witte Brigade.
Eerste Wereldoorlog Tijdens de Eerste Wereldoorlog kwam Waregem onder Duitse bezetting terecht. Verschuere raakte met zijn Waregemse vriend René Sabbe betrokken bij het georganiseerde verzet tegen de Duitse bezetter. Ze zaten allebei bij de Dienst Pégoud. Dit spionagenetwerk, vernoemd naar Adolphe Pégoud, verzamelde inlichtingen over de Duitsers in Kortrijk, Gent en Antwerpen en smokkelde deze dan door naar Nederland en vervolgens de geallieerden via binnenschepers op het kanaal Gent-Terneuzen en de Schelde. Verscheure en Sabbe smokkelden rapporten van Waregem naar Kortrijk om ze aan Joseph Van Damme af te leveren. Ook de schoonbroer van Oscar Verscheure, Jules De Waele, hielp hieraan mee. Verscheure kon aan de nodige paspoorten komen om te reizen tussen verschillende steden door zijn handelszaak.
In maart 1917 werd Verscheure verraden door Kamiel Peirs. Op 24 maart kwam een vermomde Duitse agent in de winkel van Verschuere en via een list verklikte hij per ongeluk Alfred D'Hondt. Verschuere werd diezelfde avond nog door de Duitse geheime politie bij hem thuis opgepakt. Zij waren zich echter nog niet bewust van zijn rol in het spionagenetwerk en hij werd vlug terug vrijgelaten. Na bekentenissen van Jules De Waele werd hij opnieuw opgepakt. Zijn kompaan, René Sabbe, werd opgepakt in de Nationale Bank in Kortrijk. Vier dagen later hing Sabbe zich op in zijn cel in Gent. Begin juni begon het proces tegen Verschuere en acht andere leden van het spionagenetwerk. Ze werden allemaal schuldig aan spionage bevonden en ter dood veroordeeld. In zijn laatste brief schreef hij aan zijn zoon, Wilfried, dat hij zich als een goed christen hoort te gedragen en zich nooit mag bemoeien met politieke zaken. Verder schreef hij aan het bestuur van Waregem dat het zijn wens was dat zijn zonen werden opgeleid tot onderwijzer. In de brief zijn er geen patriotische elementen of een ander motief te bespeuren.
Dood en nagedachtenis Op 14 september 1917 werd het doodvonnis uitgevoerd. Verschuere en zijn acht medebeklaagden werden gefusilleerd op de gemeentelijke schietbaan in Gent aan de offerlaan, nu bekend als het Oord der Gefusilleerden. Na de oorlog werden de stoffelijke resten van Verschuere en Sabbe overgebracht naar Waregem via een militaire escorte, met Amerikaanse hulp. Ze werden begraven in 'Den Olm' waar ze een herdenkingsobelisk kregen. Ter nagedachtenis van hun daden tijdens de oorlog werd naar beiden een straat vernoemd.
Categorie:Belgisch spion Categorie:Belgisch verzetsstrijder in de Eerste Wereldoorlog Categorie:Belgisch oorlogsslachtoffer Categorie:Waregem Categorie:Vermoord persoon