Jenő Maticska (Nagybánya, 30 november 1885 – aldaar, 8 februari 1906) was een jong gestorven Hongaarse kunstschilder. In 1972 is er een herdenkingstentoonstelling georganiseerd in het museum van Baia Mare.

Levensloop Jenő Maticska voltooide de eerste vijf klassen van de basisschool in Nagybánya. János Thorma ontdekte zijn talent en in 1898 werd hij door Béla Iványi-Grünwald toegelaten tot de Schilderschool van Nagybánya, waar hij leerling was van Károly Ferenczy, István Réti, Béla Iványi-Grünwald en Simon Hollósy. Hij exposeerde voor het eerst in 1900 in de kunstenaarskolonie en in 1901 in Kolozsvár (Cluj-Napoca).

In 1904-1905 bracht hij de winter door bij Béla Iványi Grünwald in Rome als beursstudent van de stad Nagybánya. Zijn portret werd geschilderd door Béla Czóbel. Hij leed aan een longziekte die hij van zijn vader had geërfd. Hij stierf voordat hij 21 jaar oud werd.

Artistieke carrière Zowel de leraren van Maticska als het kunstminnende publiek beschouwden Maticska als het meest veelbelovende talent van de tweede generatie schilders uit kunstenaarskolonie van Nagybánya. Zijn instinctief ontwikkelde dynamische visie op de natuur en zijn gevoeligheid voor kleur stelden hem in staat om al op jonge leeftijd schilderijen van artistieke kwaliteit te maken. Hij was een veelzijdig kunstenaar en zijn oeuvre van bijna honderd schilderijen omvat landschappen, portretten, stillevens en veldslagen. Zijn meest populaire onderwerp was het landschap in de omgeving van Nagybánya.

In 1901 won Maticska de eerste prijs op een tentoonstelling in Kolozsvár. Op negentienjarige leeftijd presenteerde hij zijn werken op de najaarstentoonstelling van de Nationale Salon in 1904. De populariteit van zijn schilderijen wordt bevestigd door het feit dat in 1911 een herdenkingstentoonstelling in Nagybánya 32 van zijn schilderijen bevatte, die waren geleend van een privécollectie.

Categorie:Hongaars kunstschilder Categorie:20e-eeuws schilder