Het Hertogenhuis (ook wel Huis te Rode, Burcht van Rode of HertogenjaaghuisHet huis zou als jachthuis hebben gediend van de hertog van Brabant. genoemd) was een kasteel in de Nederlandse plaats Sint-Oedenrode, provincie Noord-Brabant. Het gaat in feite om een aantal opeenvolgende verdedigingswerken en adellijke woningen die vanaf de 11e eeuw op hetzelfde terrein zijn gebouwd. Het laatste restant hiervan is in 1912 gesloopt.
Geschiedenis De eerste echte nederzetting in Sint-Oedenrode dateert uit de 8e en 9e eeuw. Deze ontwikkelde zich in de 10e eeuw tot een omheind terrein met een kerk. In de 11e eeuw ontstond zo een door een palissade omgeven terrein met een kerk en twee zaalgebouwen. Dit burchtterrein was het eigendom van de lokale heerser Arnold van Rode (†1125).
In bezit van Gelre De familie Van Rode raakte in de 12e eeuw zijn macht kwijt en rond 1180 kreeg de graaf van Gelre het gebied en het burchtterrein in bezit. De burcht was in de periode 1150-1175 overigens al grotendeels ontmanteld en de grachten waren gedempt.
De Gelderse graaf liet eind 12e eeuw het terrein opnieuw voorzien van grachten en er kwam tevens een aarden omwalling. Waarschijnlijk stond er aan de oostzijde een mottekasteel met een eigen omgrachting.
Gelre hield het gebied tot 1232 in eigendom.
Brabant en het Hertogenhuis Graaf Otto II van Gelre verkocht in 1232 het graafschap Rode voor 2000 mark aan de Brabantse hertog Hendrik I. De motte verdween en eind 13e eeuw werd het oude burchtterrein heringericht met onder andere een woontorenachtig bakstenen gebouw. In 1311 werd Willem die Cruudener, poorter uit Brussel, met dit shertogenhuise beleend. Willem kreeg tegelijk toestemming dit huis de verbeteren en verbouwen. Ook werd in de beleningsakte de voorgaande huiseigenaar genoemd: Heer Lambreght, kapitteldeken te Rode.
Herbouw van het Hertogenhuis In 1401 verkocht leenman Johannes van der Weteringen het Hertogenhuis aan Lucas van Erp. Als nieuwe leenman verzocht Lucas aan hertogin Johanna van Brabant of hij het vervallen gebouw mocht afbreken, zodat hij een nieuw gebouw kon neerzetten, omgeven door een verbeterde Borchgrecht, oftewel slotgracht. Dit mocht, mits hij zijn nieuwe bouwwerk dan wel als open huis ter beschikking stelde aan zijn landsheer.
In 1470 vond er een huwelijk plaats tussen de familie Van Erp en Van Nuynhem. Het huis zou tot 1498 in de familie Van Erp blijven, maar vererfde uiteindelijk naar de Van Nuynhems. Lucas van Nuynhem werd er in 1498 mee beleend.
In 1522 werd het leengoed omschreven als een huis, hofstad en hof.
Oorlogsschade De Gelderse veldheer Maarten van Rossum trok op 21 juli 1542 Sint-Oedenrode binnen en overnachtte daar met zijn leger. De volgende dag stak hij de plaats in brand, waarbij ook het Hertogenhuis schade opliep. In 1552 verkocht Walraven van Nuynhem het verbrande huis aan Jan Millinck.
Tijdens de Tachtigjarige Oorlog werd Sint-Oedenrode regelmatig geplunderd en in brand gestoken, zoals in 1581 en 1583. Het is aannemelijk dat het Hertogenhuis hierbij ook schade opliep. In ieder geval werd het Hertogenhuis hersteld, terwijl de rest van het oude burchtterrein in gebruik kwam als tuin, akkerland en weiland.
Opsplitsing van de gronden Het leengoed was al in 1552 opgedeeld in twee stukken. In 1616 bleek het zelfs uit drie delen te bestaan. Hoe het eigendom van de naastgelegen Odaberg in elkaar zat, is niet geheel duidelijk, maar in de 17e eeuw behoorde deze heuvel toe aan de eigenaren van het Hertogenhuis. In 1774 verkocht eigenaar Maximiliaan Carel graaf De Lalaing het Hertogenhuis, de Odaberg en de kerkbeemd aan Jacob van der Hagen. Deze dempte in 1787 aan de westzijde een deel van de burchtgracht. Hij verkocht stukken van het leengoed, waardoor aan het Kerkpad ruimte kwam voor woonhuizen. Dit pad zou uitgroeien tot de latere Kerkstraat.
In 1832 bewoonden Lambertis Kemps en wieldraaier Adriaan Kluytmans het Hertogenhuis.
Afbraak Het Hertogenhuis en de bijbehorende grond werd in 1912 verkocht aan de katholieke kerk die hier de Odaschool wilde bouwen. De drie weduwen die op dat moment nog in het huis woonden, moesten vertrekken. Het Hertogenhuis werd vervolgens gesloopt.
Begin 20e eeuw werd de school vervangen door nieuwbouwappartementen. Van 2003 tot 2008 vond er daarom archeologisch onderzoek plaats.
Overzicht van eigenaren en bewoners Tot 1125 was de burcht in eigendom van Arnold I van Rode. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Arnold II van Rode en diens dochter Heilwig van Rode.
Van 1180 tot 1231 was Rode met de burcht in eigendom van de graven van Gelre en van 1232 tot 1795 viel de burcht onder de hertogen van Brabant (en na de Tachtigjarige Oorlog hun juridische opvolgers).
Als leenmannen vanaf 1311 gelden de volgende personen en families:
vóór 1311: Heer Lambreght 1311: Willem die Cruudener 14e eeuw: familie Van der Weteringen 1401-1498: familie Van Erp 1498-1535: familie Van Nuynhem 1522: Jan Millinck 1567-1614: familie Van Hargen 1614: familie Van Malsen 17e eeuw: Antonij Schetz van Grobbendonck 1638: Carel van de Camp 1672-1708: familie d’Achier 1708-1772: familie De Lalaing 1774-1795: familie Van der Hagen
Beschrijving Op het burchtterrein van Rode hebben verschillende kastelen en burchten elkaar opgevolgd. De oudste burcht was van de heren van Rode en bestond in de periode 1085-1180. Tussen 1180 en 1232 was het burchtterrein in eigendom van de graven van Gelre. Vanaf 1232 was het gebied met de burcht een leengoed van de hertogen van Brabant: zij lieten rond 1300 een nieuw bouwwerk plaatsen, het Hertogenhuis, dat rond 1401 is herbouwd en in 1912 is afgebroken.
Gracht en palissade In de 8e en 9e eeuw was er sprake van een Karolingische nederzetting. In de 10e eeuw werd een 5,5 meter brede gracht gegraven rondom een terrein van 67 bij 140 meter groot. Kort na 958 werd hier een zware palissade geplaatst. In de 10e en 11e eeuw stonden er enkele gebouwen op het terrein, waaronder een bouwwerk van 4,5 bij 7 meter groot.
Burcht van Rode In de tweede helft van de 11 eeuw werden palissades langs de gracht geplaatst, met mogelijk houten torens op de hoeken; in de zuidzijde bevond zich een toegang. Vanaf 1085 zijn op het binnenterrein enkele bouwwerken geplaatst: aan de oostzijde stond een 31 meter lange houten zaal, aan de westzijde een kleiner houten zaalgebouw dat mogelijk de woonvertrekken bevatte. Op het noordelijke deel van het terrein stond de romaanse Sint-Odakerk, opgetrokken in tufsteen. Rond de kerk stond ook een palissade, mogelijk om de immuniteit van het kapittel mee af te bakenen.
In middeleeuwse bronnen werd de burcht omschreven als een versterking van de kerk van Rode; de burcht was volgens die bronnen in eigendom van Arnold van Rode. De burcht met de grote zaal had voor Arnold een representatieve functie en diende als het centrum van bestuur en rechtspraak in zijn machtsgebied.
In de periode 1150-1175 werd de burcht grotendeels ontmanteld en de grachten werden gedempt. Op het terrein werd een agrarisch erf aangelegd.
Omwalling en motte Omstreeks 1180 kwam Rode in bezit van de graaf van Gelre. Deze liet eind 12e eeuw een nieuwe gracht met aarden wallen aanleggen. De kerkimmuniteit werd vergroot en waarschijnlijk stond er op de oostzijde van het terrein een mottekasteel met een eigen omgrachting.
Hertogenhuis Toen de hertog van Brabant in 1232 het graafschap Rode aankocht, stond de motte er nog. In de loop van de 13e eeuw werden zowel de motte als de wallen geëgaliseerd.
Tussen 1275 en 1300 volgden grote aanpassingen. De grachten werden opnieuw uitgegraven en kregen een breedte van 16 meter. Er kwam rond 1300 een onderkelderde bakstenen woontoren van acht bij tien meter groot. Deze woontoren - het Hertogenhuis - had glas-in-loodramen en een leistenen dak. De dikke muren wijzen op een verdedigende functie.
Rond 1400 verrees op de westzijde van het terrein, langs de Borchgracht, een tweede gebouw waarvan de functie onduidelijk is. Dit gebouw werd omstreeks 1475 vervangen door een eenvoudiger bouwwerk met glas-in-loodramen en een leistenen dak.
Nieuw Hertogenhuis De woontoren uit 1300 was in 1401 vervallen geraakt. De nieuwe leenman Lucas van Erp kreeg toen toestemming om een nieuw huis ernaast te bouwen. De oude woontoren lijkt echter nog te hebben bestaan tot in de 16e eeuw, maar de naam Hertogenhuis ging over op het nieuwe bouwwerk van Lucas.
Na de verwoestingen in de Tachtigjarige Oorlog bestond het burchtterrein uit de kerk en het Hertogenhuis. De houten bijgebouwen waren inmiddels verdwenen.
Het Hertogenhuis is in 1912 afgebroken vanwege de bouwplannen voor een school.
Externe links Afbeelding van de burcht in de 12e eeuw, Paul Becx Spoorzoeker: de burcht van Rode - Deel 1, archeologische opgraving, YouTube Spoorzoeker: de burcht van Rode - Deel 2, archeologische opgraving, YouTube
Categorie:Verdwenen kasteel in Nederland Categorie:Sint-Oedenrode Categorie:Kasteel in Noord-Brabant