miniatuur|260px| miniatuur|260px| miniatuur|260px| Het kasteel Dubieh of Qalaat Chakra is een van de vijf versterkte vestigingen in de historische Jabal Amel regio die op 24 juli 2026 tijdens de 48e sessie van het Unesco Werelderfgoedcomité als kastelen van de Amelberg werden erkend als cultureel werelderfgoed en niet enkel toegevoegd aan de werelderfgoedlijst maar door de directe dreiging eveneens aan de lijst van bedreigd werelderfgoed. Bij zowel de kastelen van de Amelberg als de archeologische vindplaats Sebastia in Palestina werd door het werelderfgoedcomité een spoedprocedure gebruikt voor een versnelde erkenning en bescherming van de twee locaties tegen de Israëlische dreiging.

Beschrijvingen Chakra ligt in het district Bent Jbeil in het gouvernement Nabatiye, 116 km ten zuidoosten van Beiroet. Het dorp Chakra ligt 4 km oostelijker dan de vesting Dubieh (of Qal'at ad-Dubba). Etymologisch kan Qal'at ad-Dubba geduid worden als het "kasteel van de beer".

In 1875 merkte de Franse archeoloog Victor Guérin "de resten op van een klein fort van islamitisch werk en genaamd Kala't Doubey. Omgeven door een gracht die nu half vol is en met tabak is beplant, werd het gebouwd met vrij grof gebeeldhouwde blokken. Verschillende van de vierkante torens die het flankeren worden in deze tijd nog steeds bewoond door enkele families van Métualis, die zich in het midden van de ruïnes vestigden en hun kuddes huisvesten."

In 1877 bezocht H.H. Kitchener het gebied. Na het kasteel te hebben beschreven, vervolgt hij: "Ten westen van het kasteel ligt het dorp Chakra, waar ik een kopie van een inscriptie heb verkregen. De sjeik van het dorp was buitengewoon onbeleefd en gooide stenen tegen de inscriptie toen ik probeerde die te kopiëren. Ik vertrok daarom zonder dat te doen en rapporteerde de zaak aan de gouverneur, die de sjeik onmiddellijk gevangen zette. De volgende keer dat ik naar het dorp ging, was er geen bezwaar tegen het overschrijven van de inscriptie, daarom liet ik de sjeik vrijlaten."

Het Britse Palestine Exploration Fund beschreef in 1881 in de Survey of Western Palestine het kasteel (dat het Kulat ed Dubbeh noemde) met: "Hier bevinden zich de fundamenten van een kruisvaarderskasteel, waarop een Saracenische toren is gebouwd. Het kasteel was klein van formaat en omgeven door een slotgracht. Gelegen op een steile en smalle uitloper die uitmondt in de grote Wady Selukieh, beschermde het de noordelijke weg die die vallei omhoog leidde, en vormde het ook een verbindingsroute tussen Hunin en Tibnin. Waarschijnlijk werd het gebouwd tegelijk met het laatstgenoemde fort door Hugo van Sint-Omaars, prins van Tiberias, rond het jaar 1104 na Christus. Het speciale plan geeft het algemene plan en de indeling van het kasteel weer, dat door de Saracenen werd herbouwd om zowel als karavanserai (of khan) en als kasteel te fungeren. Het metselwerk is klein maar goed en regelmatig, de bogen zijn allemaal puntig, en het werk lijkt uit dezelfde datum te zijn als dat van de Khans bij Minya en Jubb Yusef, langs de Damascusweg. Enkele grote getekende stenen die in de muren zijn gebouwd, tonen de kruistocht-oorsprong van het kasteel en lijken opvallend op de resten uit die tijd in Tibnin. Er is een rotsgehouwen birkeh in de buurt, en tussen de acht en tien rotsgehouwen waterreservoirs. Er zijn ook zes sarcofagen in de rots uitgehouwen. Het kasteel heeft een romantisch en mooi uiterlijk, omdat het pas dichtbij zichtbaar is vanwege het hoge terrein eromheen."

Werelderfgoed De door Unesco beschermd gebieden hebben een gezamelijke oppervlakte van 10,48 hectare en opgeteld een bufferzone van 48,14 hectare. Specifiek voor kasteel Dubieh gaat het om 0,87 ha en 7,13 ha. In zijn motivatie stelt het werelderfgoedcomité: "De meervoudige erkende site omvat vijf versterkte locaties verspreid over de historische regio Jabal Amel in Zuid-Libanon: Qalaat Al Chakif (Kasteel Belfort), Qalaat Tibnin (Kasteel Toron), Qalaat Chakra (Kasteel Dubieh), Qalaat Deir Kifa (Kasteel Maron) en Qalaat Chama' (Kasteel Chama). Met prominente heuveltoppen en strategische ruggen met uitzicht op belangrijke regionale routes, vormden de kastelen een geïntegreerd verdedigings- en administratief netwerk dat beweging, communicatie en landbouwmiddelen over een uitgestrekt gebied controleerde. Ontwikkeld tussen de middeleeuwen en de 19e eeuw, illustreren ze opeenvolgende fasen van bezetting en aanpassing door kruisvaarders, Ayyubiden, Mamluken, Ottomanen en lokale feodale heersers. Hun vestingwerken, donjons, torens, poorten en woonverblijven bewaren bewijs van de voortdurende uitwisseling van militaire kennis, bouwtechnieken en territoriale beheerpraktijken tussen Europese en Nabije Oosterse tradities, terwijl ze de evolutie van verdedigingsarchitectuur en versterkte netwerken gedurende bijna een millennium aantonen." Mount Amel Castles, Unesco World Heritage Convention, De beschrijving is beschikbaar onder licentie CC-BY-SA IGO 3.0

Categorie:Werelderfgoed in Libanon Categorie:Bedreigd werelderfgoed Categorie:Kruisvaardersburcht Categorie:Geschiedenis van Libanon