Henry Ford II (Detroit, 4 september 1917 – aldaar, 29 september 1987), was een Amerikaans zakenman in de auto-industrie. Hij was de oudste zoon van Edsel Ford en kleinzoon van Henry Ford. Van 1945 tot 1960 was hij president van de Ford Motor Company, van 1947 tot 1979 bestuursvoorzitter (CEO) en van 1960 tot 1980 voorzitter van de raad van bestuur. Onder zijn leiding werd Ford in 1956 een beursgenoteerde onderneming. Van 1943 tot 1950 was hij tevens president van de Ford Foundation.

Levensloop Jeugdjaren Henry Ford II werd geboren in Detroit als zoon van Eleanor Clay Ford en Edsel Ford. Hij groeide op in welvaart, studeerde in 1936 af aan The Hotchkiss School en studeerde aan de Yale University, maar verliet die in 1940 zonder diploma.

Carrière Na het overlijden van zijn vader Edsel in 1943, tijdens de Tweede Wereldoorlog, was Henry Ford II nog bij de marine. Zijn grootvader, Henry Ford, nam het presidentschap weer op zich, maar het bedrijf raakte in verval. Henry verliet de Amerikaanse marine in juli 1943 en trad toe tot het management; op 21 september 1945 aanvaarde hij het presidentschap van het bedrijf. Hij erfde een chaotisch bedrijf met verliezen en dalende verkopen.

Hij voerde een agressieve managementstijl in, verving veel oude medewerkers (onder wie Harry Bennett) en huurde ervaren krachten in, zoals Ernest Breech en Lewis Crusoe, en later de 'Whiz Kids' – een groep jonge statistici (waaronder Robert McNamara), afkomstig van de United States Air Force. In 1956 werd Ford een beursvennootschap, en rond deze tijd richtte hij het gedoemde automerk Edsel op. In 1960 werd hij voorzitter van de raad van bestuur en trad hij af als president.

In de vroege jaren zestig probeerde hij Ferrari over te nemen, maar onderhandelingen met Enzo Ferrari mislukten. Daarop startte hij het Ford GT40-project, dat in 1966 met een eerste plaats op de 24 uur van Le Mans een einde maakte aan Ferrari's dominantie. Ook was hij betrokken bij de ontwikkeling van de Lincoln Continental Mark III en bij de hervorming van de Europese activiteiten, die leidde tot de oprichting van Ford of Europe.

In de jaren zeventig wees hij een plan van toenmalig president Lee Iacocca af om Japanse motoren in te kopen voor kleine auto's, met de opmerking: "Geen enkele auto met mijn naam op de motorkap zal een Japanse motor hebben." Dit leidde tot vertraging in de aanpassing aan kleinere auto's. Iacocca werd in 1978 ontslagen vanwege persoonlijke geschillen; Ford zou later zeggen: "Soms mag je iemand gewoon niet." In 1979 nam Ford afstand van zijn functie als CEO en in 1980 als voorzitter.

Henry Ford II ging formeel met pensioen op 1 oktober 1982, maar bleef tot zijn dood in 1987 de ultieme gezagsbron bij Ford.

In de populaire cultuur Henry Ford II wordt vertolkt door Tracy Letts in de film Ford v Ferrari uit 2019 (in Europa uitgebracht als Le Mans '66)

Categorie:Amerikaans ondernemer