Het regulierenklooster Vredendaal stond ten oosten van de Nederlandse stad Utrecht, in de gemeente De Bilt. Het 15e-eeuwse klooster is in 1528 door brand verwoest en nooit meer herbouwd.
Geschiedenis Het klooster is eind 14e of begin 15e eeuw door Wermbold van Boskoop gesticht. De precieze stichtingsdatum is onbekend. Een van de mogelijkheden is het jaar 1404, toen Wermbold de Broeders van het Gemene Leven in de steden Deventer, Zwolle en Kampen bezocht. Deze broedergemeenschappen kwamen voort uit de Moderne Devotie van Geert Grote en Wermbold was bekend in deze kringen; zijn vriend Florens Radewijns was zelfs leerling geweest van Grote. Het is dan ook aannemelijk dat hij bij zijn bezoek aan de drie IJsselsteden inspiratie heeft opgedaan voor de stichting van een eigen klooster nabij Utrecht.
Mogelijk stond er al wel een kapel op de beoogde kloosterlocatie. In 1399 werd in een document namelijk gesproken over een altaar van Vredendaal, maar nog zonder de vermelding van een klooster. In dat geval zal Wermbold deze reeds bestaande kapel als uitgangspunt voor de bouw van zijn klooster hebben genomen.
Wermbold was ook een van de oprichters van het Utrechts kapittel van Tertiarissen en diende als rector van het Sint-Caeciliaconvent. Zijn nieuwe klooster Vredendaal viel oorspronkelijk onder de Tertiarissen, maar toen Wermbold in 1413 overleed werd het met toestemming van de bisschop overgedaan aan de Orde der reguliere kanunniken van Sint Augustinus. Het klooster kwam uiteindelijk in 1419 te vallen onder het kapittel van Windesheim, een belangrijk centrum voor de Moderne Devotie.
Utrechts Schisma In 1423 begon het Utrechts Schisma, waarbij Rudolf van Diepholt en Zweder van Culemborg streden om het ambt van bisschop van Utrecht. Toen Rudolf in 1429 de stad Utrecht in handen kreeg, moest hij zijn greep op de kloosters - die veelal zijn tegenstander Zweder hadden gesteund - vergroten. De prior van Vredendaal kreeg daarom huisarrest in de woning van Jacob van Lichtenberg, de proost van Sint-Pieter en aanhanger van Rudolf.
In 1437 werd Vredendaal een besloten klooster.
Verwoesting Vredendaal kreeg in zijn bestaan diverse malen te maken met oorlogsgeweld. Zo werd het in januari 1481 geplunderd door troepen van de bisschop en is het in 1505 door soldaten bezet geweest.
Op 5 augustus 1527 bezetten Gelderse troepen onder leiding van veldheer Maarten van Rossum de stad Utrecht. De bisschop nam tegenmaatregelen door de voedseltoevoer naar de stad te versperren: hij controleerde de Vaartsche Rijn door bij Vreeswijk een nieuwe versterking te bouwen, terwijl Vredendaal op 12 september door zijn troepen werd ingenomen en versterkt om de belangrijke Steenweg van Utrecht naar de De Bilt te controleren. Maarten van Rossum wist echter met een list het klooster in te nemen. Het klooster werd nu de basis voor plundertochten in de omgeving door zijn troepen.
Inmiddels werd de Gelderse bezetting bedreigd door een keizerlijk leger en Gelre zou de stad Utrecht dan ook weer kwijtraken. Uit tactische overwegingen had Van Rossum in de nacht van 29 op 30 april 1528 nog wel het klooster in brand gestoken: zo kon hij voorkomen dat bisschoppelijke troepen het klooster konden gebruiken om de Steenweg te controleren. De kanunniken uit Vredendaal zijn toen mogelijk tijdelijk ondergebracht in de stad, op een locatie aan het Vredenburg.
Nasleep miniatuur|Een 17e-eeuwse tekening van de percelen bij de Steenstraat die oorspronkelijk in eigendom waren van het klooster Vredendaal. Op 11 mei 1529 bracht de Utrechtse overste Dermont de kanunniken van Vredendaal over naar Amersfoort, waar ze het lege Sint Jansconvent konden betrekken. Het verwoeste Vredendaal werd niet meer herbouwd, dus de kanunniken bleven in Amersfoort wonen. Vanaf 1580 werd het hen vanwege de Reformatie niet meer toegestaan om nieuwe kloosterlingen aan te nemen en in 1610 zou er nog slechts één kanunnik in het klooster wonen.
Het puin van het verwoeste Vredendaal is hergebruikt bij de bouw van het Utrechtse kasteel Vredenburg. De grondeigendommen van het klooster zijn tijdens de Reformatie in beheer gekomen van de magistraat van Amersfoort. Het ging om 120 morgen land.
Locatie De exacte locatie van klooster Vredendaal is niet duidelijk. Het klooster stond buiten de stadsmuren van Utrecht, even ten zuiden van de huidige Biltstraat (vroeger de Steenstraat genoemd) en ten westen van de Veldzichtstraat. Het begin 20e eeuw afgebroken huis Griftenstein lag nabij.
In 1954 volgde een grenswijziging tussen Utrecht en De Bilt, waardoor de locatie van het voormalige klooster binnen de gemeente De Bilt kwam te liggen.
Prioren Van onderstaande personen is bekend dat ze als prior hebben gediend van het klooster Vredendaal:
Lambertus van Naerden, subprior, 1421 Peter Gribber, 1437-1438 Peter, 1441 Jan Claesz, 1467-1477 Ghijsbert Honthorst, 1493 Ghijsbert Adriaanz, 1498 Wouter Jansz, 1514-1522 Wouter, 1529 Wouter, 1530 Cornelius Walinus, 1573 Cornelis Eymbertsz, 1579/80
Categorie:Klooster in Utrecht (provincie)