Eelco Runia (Vlaardingen, 1955) is een Nederlands cultuurhistoricus, psycholoog, filosoof en schrijver. Sinds 2018 werkt Runia als zelfstandig onderzoeker en schrijver. Hij heeft gepubliceerd in NRC. Tot zijn thema's behoren de opkomst van het populisme, de hang naar sublieme historische gebeurtenissen, de veranderende tijdsbeleving, elitevorming en maatschappelijke in- en uitsluiting.

Leven en werk Runia studeerde geschiedenis en psychologie aan de Universiteit Leiden.

In 2003 trad Runia in dienst van de Afdeling Geschiedenis van de Rijksuniversiteit Groningen. In 2005 zette hij daar het Centre for Metahistory Groningen op, waarvan hij voorzitter werd. In 2007 verving hij (als visiting associate professor) de geschiedtheoreticus Hayden White aan Stanford University. In 2014 bekleedde Runia de Avenali Chair in the Humanities van de University of California in Berkeley. Zijn werk werd vertaald in het Duits, Italiaans, Hongaars, Russisch, Chinees, Ests en Pools. Ontevreden over de bureaucratisering van de universiteit, het niveau van het onderwijs en het academische werkklimaat nam hij in 2018 ontslag bij de Rijksuniversiteit Groningen.

Onderzoek In Runia's proefschrift De pathologie van de veldslag werd afstand genomen werd van de postmoderne visie op geschiedenis die sinds de jaren zeventig van de twintigste eeuw dominant was. Runia poneert aan de hand van Lev Tolstoj's roman Oorlog en vrede de stelling dat het postmoderne denken over geschiedenis een variant is van de historistische kijk op geschiedenis waar Tolstoj zo fel tegen verzette.

In zijn boek Moved by the Past betoogt Runia dat geschiedtheoretici zouden moeten kijken naar de manieren waarop het verleden 'de historicus kleurt'. Runia's benadering bouwt voort op Sigmund Freuds these dat het verleden niet slechts datgene is wat we achter ons gelaten hebben maar dat het "" in het hier-en-nu kan zijn. Deze benadering – die bekend werd als het '-paradigma' – werd aanvankelijk heftig bekritiseerd maar vond toch ook veel navolging binnen de geschiedfilosofie. Het -paradigma bleek ook in bijvoorbeeld de museumwereld, de literatuurwetenschap, het denken over rouwverwerking, en de geografie tot vruchtbare inzichten te kunnen leiden.

In het Committing History-project toonde Runia een manier om geschiedenis te verbinden met de evolutietheorie. Waar historici traditioneel vooral oog hebben voor continuïteiten, laat Runia in Moved by the Past zien dat revolutie een essentieel bestanddeel is van de menselijke culturele evolutie. In zijn theorievorming doet hij een beroep op wat evolutiebiologen '' noemen. Runia stelt dat de mens heeft geleerd zijn evolutie op gang te houden, door periodiek zijn eigen 'catastrofes' te creëren. In Moved by the Past zijn het vooral de grote historische discontinuïteiten (revoluties, oorlogen, maar ook bijvoorbeeld de introductie van de euro) die als catastrofe fungeren.

Publicaties De pathologie van de veldslag: Geschiedenis en geschiedschrijving in Tolstoj's 'Oorlog en vrede''' (proefschrift, Amsterdam: Meulenhoff, 1995). Genomineerd voor de Gouden Uil voor het beste Nederlandstalige non-fictie boek. Waterloo, Verdun, Auschwitz: De liquidatie van het verleden (essays, Amsterdam: Meulenhoff, 1999). Inkomend vuur (roman, Amsterdam: Augustus, 2003). Genomineerd voor de ANV Debutantenprijs. Breukvlak (roman, Amsterdam: Querido, 2008). Moved by the past Discontinuity and historical mutation (essays, New York: Columbia UP, 2014). Het Srebrenica-syndroom: Hoe een historisch drama nagespeeld in plaats van verhelderd kan worden (essay, Amsterdam: Amsterdam UP, 2015). Genadezesjes: Brieven uit de moderne universiteit'' (2019).

Categorie:Nederlands historicus Categorie:Nederlands filosoof