Dudum in generali concilio is een pauselijke bul van paus Clemens V, uitgevaardigd te Avignon op 31 december 1312. Het document werkte eerdere besluiten over de goederen van de in 1312 opgeheven Orde van de Tempeliers nader uit en verbond de overdracht van het grootste deel daarvan aan de Hospitaalridders met bepalingen over het gebruik van hun inkomsten voor het Heilige Land, de verhouding van de Hospitaalorde tot de kerkelijke hiërarchie en de hervorming van die orde.

De bul maakte deel uit van de juridische en bestuurlijke afwikkeling die volgde op het Concilie van Vienne (1311–1312). Clemens V had de Tempelorde eerder met Vox in excelso opgeheven en met Ad providam het grootste deel van haar goederen aan de Hospitaalridders toegewezen. De documenten Licet dudum van 18 december 1312, Dudum in generali concilio van 31 december 1312 en Licet pridem van 13 januari 1313 behandelden vervolgens nadere aspecten van de goederenkwestie.

Achtergrond De Tempeliers waren vanaf 1307 in verschillende Europese gebieden vervolgd en hun bezittingen waren daarbij onder wereldlijke en kerkelijke beheerders geplaatst. Na onderzoek naar de orde besloot Clemens V tijdens het Concilie van Vienne haar niet door een definitief rechterlijk vonnis wegens ketterij te veroordelen, maar haar bij wijze van pauselijke voorziening op te heffen.

Met de bul Ad providam van 2 mei 1312 werden de meeste bezittingen van de voormalige Tempelorde toegewezen aan de Hospitaalorde van Sint-Jan van Jeruzalem. Het beoogde doel was dat deze goederen zouden blijven dienen voor de ondersteuning van het Heilige Land. Van deze regeling waren vooralsnog de Tempeliersgoederen in de gebieden van de koningen van Castilië, Aragón, Portugal en Majorca uitgezonderd; daarover behield de Apostolische Stoel de beschikking.

De feitelijke overdracht van voormalige Tempeliersbezittingen verliep niet overal onmiddellijk. Lokale rechten, claims van wereldlijke machthebbers en bestaande bestuurlijke regelingen konden de uitvoering vertragen of bemoeilijken. Onderzoek naar bijvoorbeeld de Engelse bezittingen laat zien dat de overgang naar de Hospitaalridders een langdurig proces kon zijn.

Inhoud Dudum in generali concilio opent met een verwijzing naar de besluiten van het Concilie van Vienne. Clemens V herhaalde dat de Tempelorde was opgeheven en dat haar goederen, afgezien van de bezittingen in Castilië, Aragón, Portugal en Majorca, aan de Hospitaalorde waren verbonden ten behoeve van het Heilige Land. Vervolgens stelde hij dat de uitvoering van verschillende tijdens het concilie voorgenomen regelingen nog niet voltooid was. De bul legde daarom de voornaamste bepalingen daarvan schriftelijk vast.

De bepalingen kunnen in drie hoofdgroepen worden verdeeld: het gebruik van de goederen voor het Heilige Land, de regeling van de verhouding tussen de Hospitaalorde en de kerkelijke hiërarchie, en de interne hervorming van de Hospitaalorde.

Goederen en het Heilige Land Clemens V bepaalde dat de oude én nieuw verworven goederen van de Hospitaalorde nauwkeurig moesten worden onderzocht en dat de jaarlijkse waarde van iedere ordevestiging moest worden vastgesteld. Op grond daarvan moest worden bepaald hoeveel iedere vestiging jaarlijks kon bijdragen aan de ondersteuning van het Heilige Land.

Aan deze financiële inventarisatie werd een personele verplichting gekoppeld. De paus wilde vastleggen hoeveel broeders en ridders de Hospitaalorde permanent overzee diende te onderhouden. In Europa moesten volgens de voorgenomen regeling hoofdzakelijk de personen achterblijven die noodzakelijk waren voor het beheer, naast ouderen, zieken en anderen die niet voor de strijd geschikt waren. Jonge en fysiek geschikte Hospitaalridders moesten daarentegen zoveel mogelijk voor dienst overzee beschikbaar zijn.

De jaarlijkse waarde van de afzonderlijke huizen, hun bijdrage aan het Heilige Land en het vastgestelde aantal overzeese broeders en ridders moesten in de pauselijke registers worden vastgelegd. Afschriften van deze gegevens zouden tevens aan christelijke koningen worden gezonden, zodat zij konden vaststellen of de regeling werd nageleefd.

Geschillen en kerkelijke rechten Een tweede groep bepalingen had betrekking op geschillen tussen de Hospitaalorde enerzijds en bisschoppen, andere prelaten en kerkelijke instellingen anderzijds. De paus wilde de privileges van de Hospitaalorde laten onderzoeken. Voorrechten die aanleiding gaven tot geschillen of misbruik konden worden ingetrokken of nader worden uitgelegd.

Per kerkprovincie zouden twee prelaten en een derde gedelegeerde worden aangewezen om geschillen tussen de orde en kerkelijke partijen te behandelen, waaronder conflicten over kerken, tienden, eerstelingen, procuraties, goederen en rechten die mede uit het voormalige bezit van de Tempeliers konden voortkomen. Hun procedure moest vereenvoudigd zijn en tegen hun beslissing was volgens de tekst geen gewoon beroep voorzien.

Kerken met zielzorg die tot de Hospitaalorde behoorden of via de voormalige Tempeliers aan haar waren overgegaan, moesten wat geestelijke aangelegenheden betreft onder het gezag van de plaatselijke bisschop vallen. De paus voorzag daarnaast in een tijdelijke opschorting van privileges van de Hospitaalorde, met uitzondering van een eventueel algemeen exemptieprivilege, totdat een definitieve regeling tot stand zou zijn gekomen.

Hervorming van de Hospitaalorde Het derde hoofdonderdeel betrof een voorgenomen onderzoek naar de instellingen, statuten, bestuurspraktijk en leden van de Hospitaalorde. Clemens V kondigde aan goede bepalingen te zullen bevestigen, onduidelijke regels te verduidelijken en zaken die correctie behoefden te hervormen volgens wat hij omschreef als waarheid, rechtvaardigheid, redelijkheid en billijkheid. Het doel daarvan werd in de bul verbonden met zowel het voortbestaan van de orde als de ondersteuning van het Heilige Land.

Op verzoek van Franse prelaten bevatte het document daarnaast nadere maatregelen over onder meer kerkelijke jurisdictie, eerdere overeenkomsten tussen kerkelijke instellingen en de militaire orden, de beslechting van geschillen en gedragingen van Hospitaalridders in kerkelijke aangelegenheden.

Plaats binnen de afwikkeling van de Tempelorde Dudum in generali concilio veranderde de fundamentele bestemming van de Tempeliersgoederen niet. Die was in mei 1312 al in hoofdzaak met Ad providam vastgelegd. De bul van 31 december werkte de bestuurlijke en financiële gevolgen van die beslissing verder uit en plaatste het verkregen vermogen tegelijk binnen een ruimer programma voor toezicht op en hervorming van de Hospitaalorde.

Het document moet daarom worden onderscheiden van Considerantes dudum, dat betrekking had op de verdere behandeling van individuele leden van de voormalige Tempelorde, en van Licet pridem, waarin Clemens V kort daarna nadere juridische verduidelijkingen gaf over bestaande rechten die op de overgedragen Tempeliersgoederen rustten.

Dat een pauselijke toewijzing niet automatisch tot een onmiddellijke feitelijke eigendomsoverdracht leidde, blijkt uit regionaal onderzoek. Voor Engeland is aangetoond dat de verwerving van voormalige Tempeliersgoederen door de Hospitaalridders zich over langere tijd uitstrekte en dat verschillende bezittingen niet zonder problemen werden overgedragen.

Datering en overlevering De slotformule van de bul luidt Datum Avinione II kalendas ianuarii pontificatus nostri anno octavo, waarmee het document wordt gedateerd op 31 december 1312 in Avignon. In de door de benedictijnen uitgegeven pauselijke registers van Clemens V is het document opgenomen als nummer 9984. De moderne wetenschappelijke editie in Decrees of the Ecumenical Councils van Norman P. Tanner baseert de tekst van deze groep documenten op het pauselijke register.

Literatuur

Clemens V, Regestum Clementis papae V: ex Vaticanis archetypis, Rome: Ex Typographia Vaticana, 1885–1892, nr. 9984. De editie werd samengesteld op basis van de Vaticaanse pauselijke registers.

Zie ook Concilie van Vienne Vox in excelso Ad providam Considerantes dudum Orde van de Tempeliers Orde van Sint-Jan

Externe links Latijnse tekst van de documenten van het Concilie van Vienne op Wikisource J. Michael Jefferson, The Templar Estates in Lincolnshire, 1185–1565 op JSTOR

Categorie:Pauselijke bul Categorie:Orde der Tempeliers Categorie:1310-1319